Het doel van Ganzenbord is om als eerste speler jouw pion (de gans) via een spiraalvormig bord met 63 vakjes naar de finish (vakje 63) te brengen. Dit doe je door met dobbelstenen te gooien, waarbij je de vakjes met hindernissen (zoals de put of de gevangenis) moet vermijden en met een beetje geluk de ganzenvakjes gebruikt om sneller vooruit te komen. Wikipedia +4
Het spel symboliseert een levensweg, waarvan de loop wordt bepaald door het lot (de dobbelsteen). Vroeger werden dobbelstenen als iets negatiefs gezien, maar doordat het ganzenbord een "braaf" spel was, vonden mensen het niet erg om met dobbelstenen het spel te spelen.
6 meter bruggetje = Iedereen staat in een rij met de benen gespreid. De laatste kruipt door de benen naar voor en sluit vooraan aan. Ga zo door tot er 6 meter is afgelegd.
De spelregels:
Meerdere spelers mogen op hetzelfde vakje staan. precies op vakje 63 uit te komen. Gooi je te veel ogen dan moet je vanaf vakje 63 terugtellen. Wie als eerste precies op vakje 63 uitkomt, wint!
52 Gevangenisstraf: twee maal een beurt overslaan. 54 Het aantal gegooide ogen terug. 58 De gans is in slaap gevallen: opnieuw beginnen.
De 4 spelers beginnen bij de startpijl en gooien 2 dobbelstenen. Het doel van het spel is om als eerste het centrale vakje met 63 vakjes te bereiken. 2. Spelers gooien om de beurt met de dobbelstenen en verplaatsen hun pion een stap vooruit, gelijk aan de som van de 2 dobbelstenen, in een race naar het midden.
Vakje 42 – doornstruik: ga terug naar vakje 39. Vakje 52 – gevangenis: sla 2 beurten over. Vakje 58 – dood: ga terug naar begin. Vakje 63 – einde: wie hier als eerste komt heeft gewonnen!
Als een speler te veel ogen gooit en daardoor voorbij vakje 63 zou komen, moet hij vanaf vakje 63 terugtellen. Bij het terugtellen kan de speler op vakje 58 of 52 terechtkomen. Mocht hij tijdens het terugtellen op een gans-vakje belanden, telt hij opnieuw het gegooide aantal ogen terug.
Komt de speler bij het terugtellen op een hokje met een gans, dan telt de speler het gegooide aantal ogen terug.
Ganzenbord is een typisch Nederlands spel dat makkelijk mee te nemen is en wereldwijd gespeeld kan worden. Het spel nodigt uit tot samenzijn en brengt een stukje Nederlandse cultuur en traditie naar elke speelplek, waar ook ter wereld.
Bij ganzenbord gooi je een 9 als je bijvoorbeeld een 4 en een 5, of een 6 en een 3 gooit, en kom je in de eerste worp direct op vakje 9, waar een gans staat. Dit betekent dat je nogmaals 9 vakjes vooruit mag, dus naar vakje 18, en zo door naar 27, 36, 45, 54, enzovoort, omdat elke gans je hetzelfde aantal ogen vooruit stuurt.
Vakje 31 (De Put): Als je op dit vakje komt, blijf je hier vastzitten totdat een andere speler op vakje 31 komt om je te bevrijden. Zodra een andere speler je bevrijdt, neemt hij jouw plaats in de put over. Vakje 42 (Het Doolhof): Als je op dit vakje komt, moet je terug naar vakje 39.
Mancala is zeer waarschijnlijk het oudste spel ter wereld en zou volgens sommige bronnen al werden gespeeld in het Oude Egypte. Van daaruit werd het verder verspreid in heel Afrika en de rest van de wereld. Mancala komt van het Arabische woord 'naqala' wat 'bewegen' betekent.
De oorsprong
Het is Francesco, telg uit het roem- en rijke De' Medici-geslacht die Filips II, koning van Spanje een ganzenborden schenkt. De eerste officiële vermelding dateert uit 1597, het jaar waarin het bordspel in een Londens register ingeschreven wordt als 'the most pleasant game of the Goose'.
Het belangrijkste op een ganzenbord zijn natuurlijk de ganzenbord opdrachten. U kent ze vast wel: “Wacht tot iemand voorbij komt om verder te mogen”, “2 beurten overslaan”, enzovoort. Dit soort opdrachten leent zich er uitstekend voor, om een paar leuke anekdotes in te verwerken.
Klassiek bordspel Ganzenbord wordt al sinds de 16de eeuw gespeeld. Van oudsher symboliseert het spel een levensweg dat bepaalt wordt door het lot. In deze Doordacht-variant symboliseert het spel ons volledige werkproces.
Het Ganzenbord heeft nummer 1 t/m 63. Schrijf de nummers 5, 9, 14, 18, 23, 27, 32, 36, 41, 45, 50, 54, 59 in bijvoorbeeld een roze kleur. Dit zijn namelijk de ganzenhokjes. Schrijf de nummers 6 (brug), 19 (herberg), 31 (put), 42 (doolhof), 52 (gevangenis), 58 (dood) en 63 (einde) met bijvoorbeeld blauwe stoepkrijt.
De duur van een potje Ganzenbord kan variëren, afhankelijk van het aantal spelers en de snelheid waarmee ze hun beurten nemen. Over het algemeen kan een potje daardoor tussen de 20 minuten en een uur duren.
nr 31 – put. Rustig afwachten, totdat men er door één van de medespelers wordt uitgehaald. Is er geen speler meer achter je? Sla dan één beurt over.
Je wordt slaperig wakker en mag in de volgende beurt maar met één dob- belsteen gooien. Vakje 26: Als je hier bent gekomen met een worp van 6 of lager, mag je nog een keer gooi- en en verder gaan. Vakje 31: Je bent in de put gevallen! Je mag pas verder als je 5 of lager gooit.
De spelregels van het Sinterklaas spel ganzenbord zijn simpel. Het doel is om als eerste op hokje 63 uit te komen. Elke speler mag per beurt met een dobbelsteen gooien en de pion zoveel hokjes verplaatsen als er ogen gegooid worden. De pionnetjes van dit Sinterklaas spel kun je ook uitprinten en vouwen.
De leerlingen zitten in de kring. Je trekt klassikaal een waar-kaartje, dat je laat zien aan de groep. Met elkaar gaan zij bijvoorbeeld de locatie dierentuin spelen. Om de beurt wijs je een leerling aan die in het midden van de kring een handeling of personage uitbeeldt die past bij de locatie.
Het dolkomische spel Wie Ben Ik? Het bordspel is gebaseerd op het gelijknamige televisieprogramma. In dit bordspel is het de bedoeling om zo snel mogelijk te raden wat er op het bordje voor je staat. Je speelt het spel in teams van maximaal 3 spelers en speelt drie ronden.
Het ganzenspel mag zich het eerste moderne commerciële bordspel noemen. Het spel werd al rond 1500 in Italië uitgevonden en door Francesco de Medici (1574-1587) cadeau gedaan aan koning Filips van Spanje.