Een maïsplant kan wel twee meter hoog worden en de bladeren worden steeds groter en breder. Op een gegeven moment komen er ook bloemen aan de maïsplant. Dit zijn de mannelijke bloemen, die zitten bovenaan de maïsplant. De mannelijke bloemen hebben meeldraden.
Het kan tot maar liefst 4 meter hoog worden. We kennen Maïs vooral als het op grote vlakken aangeplante graan- en voedergewas. De bladeren van Maïs zijn 5-12 cm breed. Het is een éénhuizige plant, maar de bloeiwijzen met mannelijke en vrouwelijke bloemetjes zitten op gescheiden plaatsen aan één plant.
Maïs is een eenjarige plant en ontstaat uit een geel tot lichtoranje zaadje dat veel harder en rimpeliger is dan de maïs uit de potjes en blikjes uit de supermarkt. De maïszaden ontkiemen snel en groeien binnen enkele dagen uit tot grasachtig plantjes.
"Mais groeit 4,2 centimeter per dag"
Planten. Zoals hierboven al even aangestipt houd je bij het uitplanten een plantafstand aan van 75 x 20 cm. Mais is een windbestuiver; daarom is het slim om de planten in een blokpatroon te planten; plant of zaai de planten niet in één rij, want dat verkleint de kans op goed gevulde kolven en bestuiving.
De wortels van mais groeien niet diep, dus wees extra voorzichtig tijdens het schoffelen. Zorg ervoor dat de grond niet uitdroogd en verwijder alle sheuten die uit de voet komen als ze ongeveer 15 centimeter zijn.
Maïs heeft graag volle zon. Maar aangezien hij één van de grootste planten in de moestuin is, zal hij niet snel in de schaduw komen te staan.
De maïs die aan dieren gevoerd wordt is een andere soort dan die mensen eten. Voedermaïs groeit in Nederland, maar suikermaïs komt uit verre landen. Als korrels in blik is dat wel goed betaalbaar, maar de verse kolven zijn vanwege de transportkosten enhun beperkte houdbaarheid inderdaad prijzig.
Suikermais planten voor in de tuin
Maisplanten worden circa 1,50 tot 2,00 meter hoog. Houd hier rekening mee als je een plek kiest in de tuin voor maisplanten. Ze houden andere planten uit de wind en geven schaduw. Plant voor het beste resultaat de mais op een zonnige plaats.
Ondanks dat maïs efficiënt met water om gaat, varieert de vochtbehoefte van mais gedurende de gewasontwikkeling: het waterverbruik loopt gestaag op en piekt rondom de bloei. Als de bladeren nog groen zijn en openvouwen in de nacht is het nog niet te laat. Het gewas heeft dringend water nodig.
Mais heeft een hoge behoefte aan voedingsstoffen. Bemest daarom altijd ruim met stalmest of kompost met koemestkorrel. Het is ook raadzaam om tijdens het seizoen nog een keer flink bij te mesten met een stikstofhoudende mest.
Maïs is een gezonde bron van koolhydraten, welke je lichaam van de nodige energie kunnen voorzien. Daarnaast bevat maïs een ruime hoeveelheid aan folaat (vitamine B11). Je lichaam heeft folaat nodig voor de aanmaak van cellen en weefsels, waaronder je rode en witte bloedcellen.
Niet winterharde eenjarige. Hoogte: 150 - 180 cm. Binnen zaaien, voor een vroege oogst kan vanaf april.
Ruim drie meter hoog
De lengte van de maisplanten binnen de vijf meetpunten van de maismonitor varieerde op 10 juli van ruim 2 meter in Dronrijp (Friesland) tot ruim 3 meter in Esch (Noord-Brabant). Snijmais heeft de groei flink te pakken.
Mais is officieel geen groente maar een graangewas, en alleen de zoete suikermais is eetbaar. In Nederland vinden we, vaak ook langs de weg, veel snijmais terug wat voornamelijk gebruikt wordt als voer voor rundvee.
Bij mais bevindt het groeipunt zich tot het 4-5 bladstadium onder de grond. Voor dit stadium kan mais de vorst redelijk verdragen. Als het groeipunt ook bevroren is, moet er mogelijk over- of bijgezaaid worden. Of het groeipunt bevroren is, is op dit moment (4-5 dagen na de vorst) al redelijk goed te beoordelen.
Wat is het verschil? Voedermais wordt vooral geteeld voor het zetmeel, dat energie moet aanleveren voor het vee. Suikermais heeft de eigenschap dat het suiker dat de plant aanmaakt minder snel omgezet wordt in zetmeel. De zoetere smaak maakt suikermais meer geschikt voor menselijke consumptie.
Ook de gewone uit de supermarkt kan niet gebruikt worden om popcorn van te maken. Je moet voor popcorn speciale popcorn maïs hebben, en daar de korrel van laten drogen. Die korrels moeten zelfs gedroogd worden, anders poffen de korrels niet tijdens het popcorn maken.
Per plant oogst je twee tot drie kolven. Suikermaïs moet je oogsten op het moment dat de korrels zacht en lekker zoet zijn.
Met maïs kun je best wat kanten op. Je kunt het rauw eten door een salade of in de oven roosteren met een beetje boter.
Gezondheid
AH Geroosterde mais is niet geschikt als onderdeel van je dagelijkse voeding. AH Geroosterde mais kun je wel als extraatje eten. Het advies is om dat niet meer dan drie keer per week te doen.
Het lichaam kan maïskorrels niet afbreken
Ze zijn uit cellulose opgebouwd, het hoofdbestanddeel van bijvoorbeeld katoen en hout. Ons spijsverteringsstelsel heeft geen enzymen om cellulosevezels af te breken, en daarom kan het lichaam de maïskorrel niet verteren en komt hij heel naar buiten.
Bij het zaaien van maïs, is het motto: "Zo snel mogelijk, zo laat als nodig." Als de grond warm, goed droog en bestand tegen belasting en de bodemtemperatuur ongeveer 8-10°C heeft bereikt, vindt het zaaien onder normale omstandigheden plaats van half april tot half mei.
Een groenling, putter, duif, maar koolmezen willen ook wel een hapje van de mais mee eten. De maïs wordt voornamelijk gegeten door zaadeters zoals goudvink, heggemus, huismus, koolmees, pimpelmees, spreeuw, vink, sijs, putter… De kolf is eenvoudig op te hangen dankzij het touw bovenaan.
Groenbedekker na mais
Traditioneel gaat men na de maïsoogst een groenbedekker inzaaien. Doorgaans wordt de groenbedekker gezaaid tussen 20 september en 20 oktober. Het spreekt voor zich dat een geslaagde groenbedekker een grotere bijdrage zal leveren aan de organische stof.