Veel en gevarieerd bewegen, stimuleert de motorische ontwikkeling van kinderen. Thuis en op de opvang zijn veel mogelijkheden om te bewegen. Denk aan buitenspelen, stoeien, loopfietsen en spelen met een bal.
De basis motorische vaardigheden van een mens zijn: snelheid, kracht, coördinatie, lenigheid en uithoudingsvermogen. Het zijn de vijf bouwstenen van een gezonde ontwikkeling.
Je kind kun je stimuleren om te bewegen door hem bijvoorbeeld op een sportclub te laten gaan die zijn interesse heeft. Sporten kan een hele goede manier zijn om zelfvertrouwen te krijgen. Onder begeleiding leert je kind de sport onder de knie te krijgen.
Hoe kun je met je kind de fijne motoriek trainen? Je kunt samen oefeningen doen. Denk dan aan knutselen en kleuren, prikken met een prikpen, kralen rijgen, maar ook schrijven, zelf tandenpoetsen en helpen in de keuken zijn goede oefeningen. Stimuleer de fijne motoriek van je kind spelenderwijs.
,,Bij baby's die later hoogbegaafd blijken zien we dat ze een hoge mate van alertheid hebben en heel wijs de wereld in kijken, intens oogcontact maken en veel eerder dan zes weken bewust lachjes laten zien. Ook zie je snel een sterke eigen wil naar voren komen.
De grove motoriek zijn de grote lichamelijke bewegingen. Bijvoorbeeld: rollen, kruipen, lopen, dansen, balanceren, springen etc. De fijne motoriek zijn de kleinere bewegingen en de handmotoriek. Bijvoorbeeld: spreken, het bewegen van de ogen, het bewegen van de vingers, schrijven etc.
De fijne motoriek houdt bijvoorbeeld in: handelingen zoals knippen met een schaar, knoopjes losmaken, schrijven of kralen rijgen. De kleine bewegingen waar wat meer concentratie voor nodig is dus. Speelgoed dat de ontwikkeling van de fijne motoriek stimuleert is bijvoorbeeld constructiespeelgoed, zoals blokken.
Een motorische ontwikkelingsachterstand is een achterstand in de ontwikkeling van het bewegen. Een kind heeft een motorische ontwikkelingsachterstand als de ontwikkeling niet leeftijdsadequaat verloopt. Het gevolg kan zijn dat het kind gefrustreerd raakt of niet goed kan meedoen met leeftijdsgenootjes.
Een cruciaal aspect van fysiotherapie zijn de vijf grondmotorische eenheden: coördinatie, lenigheid, uithoudingsvermogen, kracht en snelheid. Deze eenheden spelen een essentiële rol in ons dagelijks functioneren en presteren.
In de lessen komen de tien basisvormen van bewegen aan bod: balanceren, kruipen, rollen en draaien, rennen en gaan, schommelen en zwaaien, klimmen en klauteren, springen, samen spelen en stoeien, balvaardigheid en bewegen op muziek.
Help je baby leren lopen aan je handen. Eerst aan twee handen en ga na een tijdje over op één hand. Ga op gelijke hoogte zitten wanneer je kindje ergens staat en moedig aan, met open armen, om naar je toe te komen. Koop een houten wagentje of duwkar waar je kind achter kan lopen.
Dit zijn uithoudingsvermogen, kracht, snelheid, coördinatie en lenigheid. Het beheersen van deze motorische vaardigheden zorgt voor een fors mindere kans op pijnklachten.
Bewegingsarmoede, gebrek aan spontane bewegingen, vertraging van bewegingen en minder meebewegen van de armen bij het lopen. Houdingsafwijkingen en verlies van houdingsreflexen. Moeite met de fijne motoriek, kleine handbewegingen (vaak ook kleiner handschrift).
Tips voor het stimuleren van de ontwikkeling van je kind
Aandacht geven aan je kind door samen te spelen en te knuffelen. Positief reageren wanneer je kind iets goed doet. Bijvoorbeeld door een aai over de bol te geven, te glimlachen of een compliment te geven. Daarbij benoem je het gedrag en geef je uitleg.