Een tumor die tot in die spierlaag doordringt wordt spierinvasieve blaaskanker genoemd.
Bij ongeveer 5% van alle patiënten met blaaskanker zijn er uitzaaiingen bij diagnose. Als we alleen kijken naar patiënten met een invasieve vorm van blaaskanker, dan is dat ongeveer 1 op de 10. Van deze patiënten is 5 jaar na diagnose slechts 10% nog in leven.
Door de invasieve groei dringen kankercellen door tot in de naastgelegen weefsels zoals bloed en lymfvaten. Hierdoor zijn kwaadaardige tumoren in staat om zich uit te zaaien (metastaseren) naar andere organen en lichaamsdelen.
Meestal is blaaskanker 'oppervlakkig'. Dat betekent dat de tumor in het slijmvlies van de blaas zit, maar niet is doorgegroeid in de spierwand van de blaas. We noemen dit niet-spierinvasieve blaaskanker. Als een blaastumor wél is doorgegroeid in de spierwand van de blaas noemen we dit spierinvasieve blaaskanker.
Bij een oppervlakkige blaaskanker leeft meer dan 90 procent van de patiënten nog na 5 jaar.Bij patiënten met een spier-invasieve tumor is dat 37 procent.
Uitwendige bestraling kan: pijn door de blaaskanker verminderen. pijn van uitzaaiingen verminderen. Blaaskanker zaait meestal uit naar de lymfeklieren, longen, lever en botten.
Patiënten met oppervlakkige blaastumoren hebben een grote kans op genezing. Meer dan 90% van de patiënten leeft nog 5 jaar na diagnose. Patiënten met spierinvasieve tumoren hebben een slechtere 5-jaarsoverleving. Meer dan de helft van deze patiënten is 5 jaar na de diagnose overleden aan blaaskanker.
Indien er sprake is van blaaskanker dan zijn er kwaadaardige tumoren gevonden. Bij 95% van de tumoren in de blaas is sprake van kwaadaardige gezwellen. Slechts 5% is goedaardig. In Nederland krijgen jaarlijks zo'n 6800 mensen de diagnose blaaskanker (cijfers 2018).
Blaaskanker is al meer dan tien jaar een belangrijk aandachtsgebied van het UMC Utrecht. We werken samen in Oncomid, een netwerk van ziekenhuizen voor diagnostiek en behandeling volgens de nieuwste inzichten. Doordat we veel onderzoek doen, kunnen we de behandeling van blaaskanker steeds verder verbeteren.
Stadia bij blaaskanker
T1: de tumor is nog oppervlakkig, maar groeit al wel in de bindweefsellaag onder het slijmvlies (nog niet in de spierlaag). T2: de tumor groeit ook door in de spierlaag. T3: de tumor groeit ook door in het omliggende vetweefsel.
Klachten bij blaaskanker
Pijn of branderig gevoel bij het plassen. Pijn in de onderbuik.
T1b: de tumor is tussen de 5 millimeter en 1 centimeter groot. T1c: de tumor is tussen de 1 en 2 centimeter groot. T2: de tumor is tussen de 2 en 5 centimeter groot. T3: de tumor is groter dan 5 cm.
Het woord invasief komt van het Latijnse invadere voor binnendringen. Operaties zijn er een voorbeeld van. Non-invasief of niet-invasief noemt men methodes waarbij men niet hoeft binnen te dringen. Een tussenvorm is de zogenaamde minimaal-invasieve chirurgie, waarbij met kleine incisies kan worden volstaan.
De uroloog verwijdert de tumor met behulp van een lisje waardoor elektrische stroom loopt. Hierdoor ontstaat er een wond in de blaas. Met behulp van het lisje brandt de arts de bloed-vaatjes dicht. Tijdens de operatie vullen wij de blaas voortdurend met een spoelvloeistof.
U heeft voor de operatie een afspraak met de anesthesioloog over de verdoving. Een oncologieverpleegkundige vertelt u over de operatie en de voorbereidingen. Een blaasverwijdering is een zware operatie. We bespreken hoe u uw lichaam hierop voorbereidt en daarmee de kans vergroot dat u goed herstelt.
Terugkeer elders in het lichaam
Uitzaaiingen komen vaak voor na blaasverwijdering bij patiënten met hooggradige tumoren. Terugkeer op afstand in het lichaam gebeurt meestal binnen de eerste 2 jaar nadat de blaas is verwijderd maar kan ook meer dan 10 jaar na de operatie nog voorkomen.
De 5-jaarsoverleving voor blaaskanker is 57%. Na 10 jaar is nog 46% van de mensen met blaaskanker in leven. De cijfers verschillen per vorm blaaskanker: mensen met oppervlakkige blaaskanker hebben meestal meer kans op genezing dan mensen met een spierinvasieve blaaskanker.
De afdeling Urologie van het Catharina Ziekenhuis in Eindhoven heeft een landelijke erkenning op het gebied van topklinische zorg gekregen. Dat betekent dat er sprake is van uitstekende patiëntzorg, voldoende opleidingsmogelijkheden en wetenschappelijk onderzoek.
Op de oncologie-lijst staan drie andere Nederlandse centra: het Erasmus MC Kanker Instituut (plaats 119), het Amsterdam UMC, oncologie (plaats 194) en het Cancer Center Amsterdam van het VU Medisch Centrum (plaats 203). Op nummer één staat het MD Anderson Cancer Center in Houston, Texas.
Een type dunne, stijve cystoscoop, een resectoscoop genaamd, wordt via uw urethra in uw blaas gebracht. De resectoscoop heeft een kleine telescoop waar de arts doorheen kan kijken en een draadlus aan het uiteinde die wordt gebruikt om afwijkend weefsel of tumoren te verwijderen. Het verwijderde weefsel wordt naar een laboratorium gestuurd voor onderzoek.
Bij blaaskanker slaat de celdeling op hol waardoor er een tumor in de blaas groeit. Dat begint meestal als een (goedaardige) poliep. Zo'n poliep groeit niet door en kan worden weggehaald. Is de tumor kwaadaardig dan groeit die wél door.
Leven zonder blaas
De arts kan tijdens de operatie een urinestoma aanleggen: een opvangzakje voor urine buiten je lichaam. Je plakt het zakje aan je been en moet het regelmatig legen. Of je krijgt een nieuwe blaas: een neoblaas. Lees verder over een urinestoma of over een neoblaas.
De belangrijkste risicofactoren zijn: Roken; er wordt aangenomen dat rokers drie keer zo veel kans hebben op het krijgen van blaaskanker als niet-rokers. Contact met bepaalde stoffen; ook mensen die veel in aanraking zijn gekomen met aromatische aminen hebben een groter risico op het krijgen van blaaskanker.
Hoe vaak moet ik op controle komen na blaaskanker? Na uw behandeling bij blaaskanker blijft u onder controle bij uw arts. De eerste twee jaar na uw behandeling, is de controle meestal iedere drie maanden.In de jaren daarna hoeft u vaak nog maar twee keer per jaar op controle te komen.
Ze kunnen goedaardig (niet-kankerachtig) of kwaadaardig (kankerachtig) zijn.