Je schrijft opaatje als één woord, zonder apostrof. Omdat het grondwoord "opa" eindigt op een klinker (-a), verdubbel je de klinker in het verkleinwoord om de klank lang te houden: aa + tje. Taaleidoscoop +3
De verkleinvorm van oma is omaatje, met dubbel a. Er komt geen apostrof. Als je de uitgang -tje direct achter oma zou zetten, zou je omatje krijgen, met een korte a van mat/matje. In omaatje moet je een lange a-klank weergeven, en dat doe je door de a te verdubbelen.
Apostrof bij het verkleinwoord
Je gebruikt een apostrof ook om een verkleinwoord met -tje te maken bij woorden die eindigen op: Een medeklinker met daarna een y; Een u die je uitspreekt als “oe”.
De correcte verkleinvorm is jongetje.
Gewoonlijk blijft de -en van het grondwoord behouden in de verkleinvorm: keuken - keukentje, haven - haventje, kussen - kussentje enzovoort. Jongetje is een uitzonderlijk verkleinwoord omdat oorspronkelijk niet jongen maar jonge het grondwoord was.
Als je verwijst naar de specifieke persoon met hun naam of in plaats van hun naam, zet je het over het algemeen wel met een hoofdletter. Als je direct naar de persoon verwijst, kan het variëren. Ik zou aanraden om mama, papa, oma, opa en tante Jane & oom Peter met een hoofdletter te schrijven.
Wist je dat er ook zelfstandig naamwoorden zijn die alleen maar als een verkleinwoord bestaan? Drie bekende verkleinwoorden zijn: poffertje, sprookje en akkefietje.
Papa: Als je twee grootvaders in de familie hebt die het allebei simpel willen houden, werkt deze heel goed door hun voornaam erachter te zetten om onderscheid te maken, zoals Papa Jack. Paw Paw : Meestal gecombineerd met Memaw, het straalt de charme van het zuiden uit. Pop: …Of Pop-Pop voor een leuke twist.
Vroeger had je oma en opa, bomma en bompa. Tegenwoordig worden er heel wat namen gebruikt voor de grootouders van je kindje. Wij legden ons oor te luister in de Libelle Grootouders-groep en vonden alvast enkele toffe namen voor grootouders: oma, opa, meter, peter, meme, pepe, bomma of bompa, nono en nona…
'Opa' en 'oma' zijn in Vlaanderen nog steeds de meest gebruikte roepnamen voor grootouders. Dat blijkt uit het derde grootouderonderzoek van de Gezinsbond. Minder populair zijn 'bompa en bomma' of 'vake en moeke'. Er zijn ook regionale verschillen, en er is veel creativiteit.
Voor de verkleinvorm van zulke woorden ga je in principe uit van de korte vorm, met de uitgang -tje: chocola – chocolaatje. kou – koutje. la – laatje.
Opa'tje is een onjuiste spelling van opaatje. Een opaatje is een oude man.
Juist is: 'onze lieve vrouw, moeder en oma'.
Gefeliciteerd opa en oma!
* In Zuid-Nederland en België gebruikt men doorgaans friet (of frieten). In België wordt 'patat' vaak gebruikt voor de rauwe aardappel. Beide termen zijn afkomstig van het Franse 'patates frites' (gefrituurde aardappelen).
het extraatje zelfst. naamw. Uitspraak: [ ˈɛkstracə ] Afbreekpatroon: ex·tra·tje Verbuigingen: extraatjes (meerv.) iets dat je krijgt bovenop wat je gewoonlijk krijgt Voorbeeld: 'Omdat we allemaal zo hard hadden gewerkt, gaf de baas ons een extraatje van tien euro.
Woorden die eindigen op -ing
De g valt dan weg. Voorbeelden: beloninkje, bestellinkje, buiginkje, campinkje, harinkje, kettinkje, koninkje, meninkje, ontploffinkje, ontstekinkje, puddinkje, sluitinkje, verfrissinkje, vertellinkje, woninkje.
Het verkleinwoord van pad in de betekenis 'smalle weg' is paadje of padje. Volg het smalle paadje / padje door het bos.
baby: baby'tje / babytje* / babietje* De correct gespelde vorm voor het verkleinwoord is baby'tje.
auto - autootje (geen autotje)