Het woord zegt het eigenlijk al: een boekverslag is een door jou gemaakt verslag van een boek dat je hebt gelezen. Je hoeft voor dit verslag niet zelf het wiel uit te vinden; vanuit school krijg je namelijk al een opdracht met een aantal vaste vragen of onderwerpen.
De belangrijkste stappen bij het schrijven van een rapport zijn 1) het selecteren van een onderwerp, 2) het uitvoeren van onderzoek, 3) het formuleren van een stelling, 4) het voorbereiden van een overzicht, 5) het opstellen van het rapport, 6) het herzien van de inhoud en 7) het proeflezen voor de laatste hand .
Houd bij het schrijven van je rapport rekening met je doelgroep. Gebruik taal en voorbeelden die relevant zijn voor je lezers en die tot de verbeelding spreken. Benoem ook eventuele zorgen of vragen die je lezer kan hebben. Deel je verslag op een logische wijze in met behulp van koppen, subkoppen en opsommingstekens.
Volgens een ongeschreven regel mogen zinnen niet met een voegwoord beginnen. Voegwoorden verbinden gewoonlijk een hoofdzin met een voorafgaande hoofdzin. Deze zinnen dienen dan idealiter een samengestelde zin te vormen, met een komma er tussen.
Een goede openingszin bevat een vleugje mysterie. Als de zin vragen oproept door een woord of naam die om nadere uitleg schreeuwt, dwing je de lezer bijna om ook de tweede zin te lezen.
Rapporten gebruiken duidelijke en beknopte taal , wat aanzienlijk kan verschillen van essays. Ze worden vaak onderverdeeld in secties, die elk hun eigen koppen en subkoppen hebben. Deze secties kunnen opsommingstekens of nummering bevatten, evenals meer gestructureerde zinnen.
Om het thema te bepalen moet je ontdekken op welke manier personages, gebeurtenissen en ruimtes met elkaar te maken hebben. Ook uit de afloop van een verhaal kun je soms afleiden wat het thema is. Terugkerende aspecten hebben vaak met het thema te maken. Zo'n terugkerend aspect in een verhaal heet een motief.