Lijnsymbolen zijn een cartografisch expressiemiddel om een specifieke fuctie van cartografieche lijnelementen aan te kunnen geven. Het meest simpele lijnsymbool is een getrokken, ononderbroken lijn. In de cartografische beeldtaal wordt dit lijnsymbool gebruikt om topografische harde lijnen weer te geven.
Lijnsymbolen worden gebruikt om lineaire objecten en afbeeldingen in kaarten, scènes en lay-outs te tekenen . Lijnsymbolen bestaan, net als alle symbooltypen, uit symboollagen.
Een symbool staat voor een waarneembaar teken of voorwerp dat iets abstracts uitbeeldt. Een symbool krijgt waarde als men een bepaalde betekenis verbindt of gevoel krijgt bij het teken of voorwerp. Deze betekenis is geheel afhankelijk van de sociaal-culturele achtergrond van een persoon.
De vlaksymbolen hebben alals doel om de kaartgebruiker op eenvoedige wijze te laten begrijpen wat de kaart laat zien. Om dit doel te bereiken wordt er zoveel mogelijk gebruik gemaakt van associatieve kleuren.
Puntsymbolen worden gebruikt om locatiegebonden objecten met een specifieke functie in de kaart te visualiseren. Puntsymbolen zijn in de meeste gevallen kleine tekeningetjes die qua vorm iets vertellen over de functie van het bijbehorende object.
Puntsymbolen worden gebruikt om puntkenmerken en puntafbeeldingen in kaarten, scènes en lay-outs te tekenen . Puntsymbolen zijn uniek omdat ze ook kunnen worden gebruikt in lijn-, polygoon- en tekstsymbolen. Puntsymbolen zijn, net als alle symbooltypen, samengesteld uit symboollagen.
Lijnsymbolen zijn een cartografisch expressiemiddel om een specifieke fuctie van cartografieche lijnelementen aan te kunnen geven. Het meest simpele lijnsymbool is een getrokken, ononderbroken lijn. In de cartografische beeldtaal wordt dit lijnsymbool gebruikt om topografische harde lijnen weer te geven.
De metrische of numerieke schaal drukt deze schaal uit in een breuk, waarbij de noemer aangeeft hoeveel keer alles verkleind is. De schalen die wij gebruiken zijn die van 1:20.000 (oudere kaarten) of die van 1:25.000 (nieuwere kaarten).
Een kaartsymbool wordt gebruikt om kenmerken op een kaart weer te geven en te onderscheiden. Kaartsymbolen worden gedefinieerd in de kaartlegenda. In kaartsoftware kunnen dit lettertypen, pictogrammen en afbeeldingsbestanden zijn. Kaartsymbolen kunnen verder worden gestyled met behulp van kleur en thema's zoals variaties in grootte en andere styling- en analysetechnieken.
Een teken heeft altijd maar één betekenis, een symbool meerdere betekenissen. Een symbool geeft te denken over de hoofdzaken van het leven. Ook menselijke, dierlijke, halfmenselijke of bovenmenselijke figuren hebben binnen godsdiensten soms een heel specifieke betekenis.
Ga naar >symbool invoegen > Meer symbolen.Ga naar Speciale tekens.Dubbelklik op het teken dat u wilt invoegen.Selecteer Sluiten.
Het # teken wordt hash, pound of number genoemd, in het Nederlands spreken we vaak van een hekje. Een hash tag is een woord(combinatie) waar dit hekje voor wordt geplaatst.
Kenmerken van lijnen
Horizontale lijnen geven een gevoel van bewegingloze rust en vrede aan . Verticale lijnen worden gezien als hoog en vertegenwoordigen grootsheid. Horizontale en verticale lijnen samen gebruikt in een vierkante of rechthoekige vorm geven structuur weer en vertegenwoordigen stabiliteit.
Plaats uw cursor op een lege regel waar u een horizontale lijn wilt invoegen. De AutoFormat-functie werkt beter als er geen tekst op dezelfde regel staat voor of na de plek waar u de lijn wilt plaatsen. Om een basislijn in te voegen, typt u drie of meer streepjes (---) achter elkaar.Druk op "Enter" op uw toetsenbord .
Diagonale lijnen geven een gevoel van beweging . Objecten in een diagonale positie zijn instabiel. Omdat ze noch verticaal noch horizontaal zijn, staan ze op het punt om te vallen of zijn ze al in beweging.
Op een lijnschaal kun je de afstand onmiddellijk aflezen. De lengte van de lijn stelt de afstand voor van de maat die erbij vermeld wordt. Bij deze kaart: 10 mm of 1 cm op de kaart is in werkelijkheid m.
De noemer van een breuk is het onderste getal van een breuk. De noemer benoemt hoeveel delen nodig zijn om tot 1 geheel te komen. Tussen de teller en noemer staat een streep, de breukstreep.
Als de schaal 1 : 100 is, weet je dat 1 centimeter op de tekening hetzelfde is als 100 centimeter in het echt.
Een "standaard" kaartspel bestaat uit 52 kaarten in elk van de 4 kleuren schoppen, harten, ruiten en klaveren . Elke kleur bevat 13 kaarten: aas, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, boer, vrouw, koning. Moderne kaartspellen bevatten meestal ook twee jokers.
Iemand die dergelijke kaarten en aanverwante producten samenstelt wordt cartograaf genoemd.
Een lijn of rechte is een eendimensionale structuur zonder kromming, bestaande uit een continue onbegrensde aaneenschakeling van punten.
Een symbool of zinnebeeld is een teken waarbij geen natuurlijke relatie bestaat tussen de representatie van het teken en de betekenis die ermee wordt uitgedrukt. Een symbool is een betekenisdrager; het heeft enerzijds een vorm of representatie, en anderzijds een betekenis.
Toelichting. Er wordt weleens een onderscheid gemaakt tussen een lijn en een regel: een lijn is een streep, een verbinding, een rand of een reeks van punten. Een regel is een reeks woorden die over een bepaalde vaste breedte naast elkaar geschreven, gezet of gedrukt zijn.