Een bacterie is een cel zonder celkern en wordt ook wel een micro-organisme genoemd. Ze zijn zo klein, dat ze nog net met de lichtmicroscoop te zien zijn. Bacteriën zien er onder de microscoop uit als bolletjes, staafjes of spiraaltjes.
De term 'microbe' of 'micro-organisme' omvat een verscheidenheid aan verschillende soorten, van prokaryoten (bacteriën) tot eukaryoten (schimmels en algen). Virussen, van hun kant, zitten op de grens van levende organismen.
Bacteriën, gisten en schimmels zijn micro-organismen.
Hoe krijg ik griep? Griepvirussen zitten in druppeltjes snot, slijm en speeksel. Door praten, hoesten en niezen verspreiden de virussen zich. Als iemand de druppeltjes inademt, kan deze persoon besmet raken.
Schimmels zijn micro-organismen, levende wezentjes zonder weefsels of organen die alleen onder een microscoop zichtbaar zijn. Schimmels kunnen eencellig zijn, zoals gisten, maar ook uit meerdere cellen bestaan. In dat geval vormen de cellen lange draden, die hyfen worden genoemd.
Wat is het verschil tussen een schimmel en bacterie? Het verschil tussen een schimmel en een bacterie is uit hoeveel cellen ze bestaan. Een bacterie is een eencellig organisme en een schimmel kan een- of meercellig zijn. Ook bevat een schimmel een kern daar waar een bacterie die niet heeft.
Hygiëne kan verdeeld worden onder drie categorieën namelijk persoonlijke hygiëne, levensmiddelenhygiëne en bedrijfshygiëne.
Desinfectie is het onschadelijk maken van micro-organismen zoals bacteriën, schimmels en virussen op (levenloze) oppervlakken, of intacte huid. Dit kan met bijvoorbeeld alcohol. Schoonmaken met water en zeep of allesreiniger zorgt er ook voor dat het aantal micro-organismen kleiner wordt.
Bij twijfel kan de huisarts met een CRP (C-reactief proteïne)-sneltest via een vingerprik onderzoeken of een bacterie of virus een infectie veroorzaakt. Dit is vooral verstandig als hij een luchtweginfectie vermoedt die een longontsteking kan veroorzaken waar antibiotica nodig bij zijn.
Een verkoudheid verloopt steeds volgens dezelfde fases. Het verkoudheidsvirus heeft je gevonden en komt via je neus, ogen, of mond in je lichaam terecht. Na 2 tot 3 dagen steken vervelende symptomen de kop op. Hier beleef je de ergste dagen van je verkoudheid.
Ontlasting bestaat voor ongeveer 40% uit dode bacteriën, dus dagelijks wordt er een paar honderd gram bacteriën aangemaakt. Je hebt meer bacteriën dan lichaamscellen, en die bacteriën vindt je in je mond, op je huid, in je longen , in en rond de urinewegen en in je maag en darmen.
Organismen die te klein zijn om met het blote oog te zien, worden microben genoemd. Microben die ziektes veroorzaken, worden beschouwd als pathogenen . Je krijgt een infectie wanneer een pathogeen je lichaam binnendringt en zich begint te vermenigvuldigen.
Zo bevinden zich op de huid één tot tien miljard bacteriën, gemiddeld tegen de 50.000 per vierkante centimeter. Het drukst bevolkt zijn de plekken waar het warm, vochtig en donker is: in de oksels, de bilnaad en tussen de tenen.
Een longontsteking kan ontstaan door virussen of bacteriën. Meestal wordt een longontsteking veroorzaakt door een pneumokokkenbacterie. Ook een griepvirus (influenzavirus) of het nieuwe coronavirus kunnen een longontsteking veroorzaken. Het is niet altijd duidelijk waardoor de longontsteking is veroorzaakt.
De codelijst van micro-organismen is onderverdeeld in bacteriën (paragraaf 2), schimmels (paragraaf 3) en virussen (paragraaf 4).
Een bacterie is de enkelvoudsvorm van het meervoudswoord "bacteria" . Om het anders te zeggen: je gebruikt "bacterium" als er maar één is en je gebruikt het woord "bacteria" alleen als je naar meer dan één verwijst.
Op nummer 1 van de lijst staat volgens de organisatie de Acinetobacter baumannii, een ziekenhuisbacterie. Vooral de luchtwegen en de longen worden aangetast door de bacterie. Maar ook salmonella, staphylociccus aureus of Neisseria gonorrhoeae komen op de lijst voor.
Een verkoudheid wordt veroorzaakt door een virus. Er zijn veel virussen die een verkoudheid kunnen geven. Wanneer iemand een aantal keren achter elkaar verkouden raakt, gaat het elke keer om een ander type virus.
Als de ziekteverwekker een bacterie is, krijgt u meteen antibiotica. Komt de infectie door een virus, schimmel of parasiet, dan krijgt u een andere behandeling. Als u een abces heeft of een ontstoken infuus, proberen we de ziekteverwekker uit uw lichaam te halen.
Hoe herken ik Infecties met bacteriën? Iedereen kan wel een infectie herkennen. Vaak zijn er algemene klachten als koorts, slap voelen en misselijkheid. Een infectie met bacteriën is echter niet altijd gemakkelijk te onderscheiden van infecties door virussen.
Voor desinfectie worden veelal chemische middelen ingezet. Voor (kleine) oppervlakken is het gebruik van alcohol met een percentage 70% zeer geschikt voor desinfectie. Voor grote oppervlakken een chloorverbinding of waterstofperoxide.
Het gebruik van Dettol op open wonden kan een branderig gevoel veroorzaken en gezond weefsel rond de wond beschadigen. Dit kan leiden tot ongemak en vertraging van het genezingsproces. In plaats van Dettol wordt aanbevolen om wonden te reinigen met water en milde zeep of een zoutoplossing.
Wassen of douchen
Het is goed om je kind te vertellen welke lichaamsdelen het wel elke dag moet wassen: gezicht, handen, oksels, schaamstreek, billen en voeten.
Een washand is niet zo hygiënisch als je waarschijnlijk denkt. Door je lichaam te wassen of te scrubben met een washandje, blijven er dode huidcellen op achter. En aangezien deze doekjes vaak lang in een warme, vochtige ruimte hangen, is dit een perfecte broedplaats voor bacteriën en schimmels.
Bij normale mensen moet dagelijks douchen kunnen, maar niet te lang en niet te warm. En niet teveel zeep gebruiken. Vooral wassen met weinig zeep op armen en benen en romp: daar is het grootste risico voor uitdrogingseczeem. Maar oksels, billen en voeten mogen zeker dagelijks worden gereinigd en ook met zeep!