Loonheffingskorting bij pensioen is een korting op de belasting die u betaalt over uw AOW en/of aanvullend pensioen, waardoor u netto meer overhoudt. Deze korting mag u slechts bij één instantie (bijv. SVB of pensioenfonds) toepassen. Bij gepensioneerden bestaat dit vaak uit de algemene heffingskorting en de inkomensafhankelijke ouderenkorting. ABP +6
Als u AOW ontvangt, houdt de Sociale Verzekeringsbank (SVB) bij het uitbetalen van de AOW al rekening met de loonheffingskorting. Is het pensioen hoger dan de AOW? Dan is het raadzaam dat u de korting laat toepassen op uw pensioen in plaats van op de AOW.
Kiest u ervoor om géén loonheffingskorting te laten toepassen? Dan krijgt u elke maand netto minder geld op uw rekening. U betaalt dan meer belasting. De Belastingdienst kijkt na uw aangifte inkomstenbelasting hoeveel belasting u betaald heeft en of u de loonheffingskorting terugkrijgt.
We berekenen de korting over uw totale inkomen, bijvoorbeeld uw AOW en pensioen. De hoogste korting die u in 2026 kunt krijgen is € 3.115. Boven de € 29.736 neemt de korting af. Daardoor stijgt het risico dat u te veel korting krijgt als u meerdere inkomens hebt die bij elkaar hoger zijn dan € 29.736.
Over het belastingdeel kunt u geen loonheffingskorting van ons krijgen. Ook niet als u volgens het verdrag loonbelasting over uw AOW in Nederland betaalt. Misschien krijgt u dit stukje van de loonheffingskorting nog wel van de Nederlandse Belastingdienst. Hiervoor moet u in Nederland aangifte doen.
De loonheffingskorting is een korting op de loonheffing die iedereen betaalt over werk of uitkering. Door die korting betaal je dus minder loonheffing. De korting wordt meteen afgetrokken van de belasting die je werkgever inhoudt op je loon.
De bruto AOW-bedragen per maand vanaf 1 januari 2025
Zonder loonheffingskorting: € 1.580,92 bruto, € 1.214,77 netto.
Dit ontvangt u per 1 januari 2026. Wanneer u alleen woont en geen geregistreerde partner heeft, dan gaat uw maandelijkse AOW van 1612,44 euro bruto naar 1637,57 euro bruto. Netto komt dit neer op 1558,15 euro per maand (met loonheffingskorting) of 1.266,65 per maand (zonder loonheffingskorting).
Als u de loonheffingskorting op uw AOW wilt wijzigen
Wilt u de loonheffingskorting op uw AOW wijzigen? Geef het dan door in Mijn SVB. Pas de loonheffingskorting ook aan bij uw andere inkomen. En zorg ervoor dat het in dezelfde maand ingaat.
Loonheffingskorting bij meerdere werkgevers
Kies de werkgever waar je het meest verdient. Dan houd je het meeste geld over. Bij je andere werkgever(s) vul je 'nee' in. Als je hier ook 'ja' aankruist, krijg je dubbele korting en betaal je te weinig belasting.
Hoeveel u betaalt, hangt af van uw inkomen: Voor uw inkomen tot en met € 38.883* betaalt u 17,85% belasting. Over uw inkomen vanaf € 38.884 tot en met € 78.426 betaalt u 37,56% belasting. Is uw inkomen hoger, dan betaalt u over het deel vanaf € 78.426 het toptarief van 49,50%.
Van je bruto pensioen gaat gemiddeld zo'n 18% tot 49,5% af aan loonheffing, afhankelijk van je totale inkomen en of je al AOW ontvangt (na AOW-leeftijd is het tarief lager). De inhouding bestaat uit de loonheffing (belasting) en de bijdrage Zorgverzekeringswet (Zvw), en wordt progressief berekend, dus over hogere bedragen betaal je een hoger percentage.
Voor belastingplichtigen ouder dan de AOW-leeftijd vinden de volgende wijzigingen per 1 januari 2026 plaats: het maximum van de algemene heffingskorting wordt verhoogd naar € 1.556 (in 2025: € 1.536); de ouderenkorting wordt verhoogd naar € 2.067 (in 2025: € 2.035).
Wanneer je als werkgever geen loonheffingskorting toepast, betaalt je werknemer meer loonbelasting dan nodig is. Dat betekent dat zijn nettoloon lager uitvalt, en hij dus minder overhoudt aan het eind van de maand.
Als je 67 bent, is je AOW-bedrag afhankelijk van je woonsituatie en opbouw; alleenstaanden krijgen circa € 1.637 bruto per maand, samenwonenden elk ongeveer € 1.122 bruto per maand (bedragen per 1 januari 2026), maar dit bedrag kan variëren door loonheffingskorting en opbouwjaren. Je bouwt 2% AOW op per jaar dat je in Nederland verzekerd bent in de 50 jaar voor je AOW-leeftijd, dus volledige AOW krijg je bij 50 jaar opbouw.
Ontvangt u AOW, dan komt u in aanmerking voor de ouderenkorting in de heffingskorting. Die is € 2.035,- voor AOW'ers met een verzamelinkomen tot € 45.308,-. Is dat verzamelinkomen hoger, dan gaat de ouderenkorting stapsgewijs omlaag.
Is je pensioen hoger? Dan kun je beter daar de loonheffingskorting toepassen.” Volgens Schoonderbeek is het goed om alert te zijn op het moment dat je de AOW-leeftijd bereikt. “Je mag de loonheffingskorting maar één keer toepassen en moet zelf aangeven waar dit is.
Een "goed" netto pensioen is persoonlijk, maar een veelgebruikte vuistregel is 70% van je laatste netto salaris, wat neerkomt op gemiddeld zo'n €2.000 - €3.700 per maand voor een echtpaar en €1.500 - €2.200 per maand voor alleenstaanden, inclusief AOW, afhankelijk van je levensstijl en opbouw. Dit bedrag dekt basisbehoeften, maar voor extra's (reizen, hobby's) heb je meer nodig, wat je kunt controleren op mijnpensioenoverzicht.nl.
Als u een uitkering aanvraagt, vragen we u of u loonheffingskorting wilt laten toepassen op uw uitkering. UWV verrekent de korting dan automatisch. U kunt uw keuze voor de verrekening van de loonheffingskorting altijd wijzigen.
Wat is loonheffingskorting? Loonheffingskorting is een korting op de belasting die wordt ingehouden op uw inkomen, zoals loon, pensioen of een AOW-uitkering. Door die loonheffingskorting houdt u elke maand netto meer inkomen over. U mag de loonheffingskorting maar op 1 inkomen laten toepassen.
Als je in 2025 tot €38.442,- verdient, betaal je 35,82% belasting. Als je tot €76.818,- verdient, betaal je 37,48% belasting. Als je meer dan €76.818,- euro verdient, betaal je 49,50% loonheffing. Dit wordt ingehouden op je inkomsten.