Aandachtstrekker(s)Vertel een persoonlijke anekdote. Dit geeft het publiek het gevoel dat ze je al een beetje kennen. Stel een prikkelende vraag. Deze beginnen met 'hoe' of 'wat' en zijn open.
Zelfverzekerd staan
Neem plaats op de plek waar je jouw presentatie gaat geven met je voeten stevig op de grond. Zorg ervoor dat je staat met een rechte rug, je schouders naar achteren, je borst vooruit en je hoofd rechtop. Dit laat zien dat je zelfverzekerd bent en vertrouwen hebt in de boodschap die je gaat delen.
Een mooie formule voor een goede slotzin is om terug te grijpen op de aandachtstrekker van het begin van je betoog. We noemen dit een cirkelrede: dit stijlmiddel maakt het betoog tot een afgerond geheel. Een ander stijlmiddel is om een boodschap, wens of laatste zin krachtig uit te spreken als drieslag.
Hanteer de 7x7 regel: gebruik maximum zeven regels met maximum zeven woorden per slide. Geef één boodschap mee per slide. Gebruik foto's en illustraties maar overdrijf niet. Zorg dat je tekst en illustraties mooi zijn uitgelijnd, dat er evenveel plaats tussen staat en groepeer de dingen die samenhoren.
Gebruik de 1-6-6 regel: één idee per slide, maximaal zes regels tekst of opsommingstekens, maximaal 6 woorden per regel.
Goede standaardzinnen voor de afsluiting van een zakelijke brief zijn bijvoorbeeld: Ik hoop u hiermee van dienst te zijn geweest.Ik hoop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben.Ik dank u bij voorbaat vriendelijk voor uw moeite.
Positief oogcontact helpt u een band op te bouwen met uw publiek en houdt hen betrokken bij uw presentatie . Het geeft hen ook een gevoel van betrokkenheid en brengt uw boodschap op een persoonlijk niveau over. Hier zijn de belangrijkste voordelen van oogcontact, gevolgd door tips over hoe u uw oogcontact tijdens een presentatie kunt verbeteren.
Zorg ervoor dat je tijdens je presentatie rustig adem blijft halen en geconcentreerd blijft. Probeer je niet te laten afleiden door een publiek dat rare dingen doet. Dat het publiek soms rare dingen doet, heeft namelijk niet altijd wat met jou te maken. Oefen met rustig in- en uitademen tijdens het spreken.
Doe iets met het tijdstip of de locatie. De eerste en laatste woorden uit iedere presentatie zijn zonder twijfel de belangrijkste die je uitspreekt. De wijze waarop je je verhaal begint, bepaalt voor een groot gedeelte of en hoe het publiek naar je zal luisteren. Extra belangrijk dus om het goed te doen!
Stel een vraag die relevant is voor je publiek
Misschien vragen ze zich af of jouw product aan hun wensen voldoet. Benoem het. Omschrijf het probleem of de vraag waar je publiek mee zit. Ze zullen direct herkenning voelen en aandacht hebben voor wat je hierover te zeggen hebt.
Noem een feit dat verontrustend, grappig of opmerkelijk is.Leg uit wat er op het spel staat voor uw luisteraars.Bied een humoristische observatie of anekdote aan.Leg uw eigen interesse in het onderwerp uit.
Gebruik deze klassieke slotzinnen als eventuele inspiratie: Wij vertrouwen erop u hiermee van dienst te zijn geweest. Vertrouwende u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Wij zien uw antwoord met belangstelling tegemoet.
Traditioneel bestaat hij uit twee sneetjes getoast brood met ham en/of kaas erop. Vaak wordt het beleg ook meegebakken. Daar bovenop komt de garnering (sla, augurken…) en tot slot minstens twee spiegeleitjes om het helemaal verrukkelijk te maken.
De juiste hoeveelheid slides
Sommigen spreken van maximum 10 slides voor een presentatie van 20 minuten, anderen raden aan er nog minder te gebruiken. Een gouden regel is er niet, zorg er gewoon voor dat je publiek niet overdonderd raakt door de hoeveelheid slides.
Voor een presentatie van 10 minuten betekent dit 30 seconden voor uw introductie, 30 seconden voor uw conclusie en 9 minuten (1 minuut per subpunt/sectie) voor uw inhoud .
Een presentatie kent drie vaste elementen: het begin, het einde en het deel daartussen – oftewel de inleiding, de kern en het slot.
Hou rekening met de 7x7 regel: gebruik niet meer dan zeven regels per slide en zeven woorden per regel. Gebruik parallelle verwoording of parallelle structuur in opeenvolgende regels in een slide. Beperk de hoeveelheid kleuren en animatie-effecten die je in de presentatie gebruikt.
De 6x6-regel is een eenvoudige richtlijn om de hoeveelheid tekst op elke dia te beperken . Het betekent dat u niet meer dan zes regels tekst en niet meer dan zes woorden per regel mag hebben. Op deze manier voorkomt u dat u uw publiek overweldigt met te veel informatie en houdt u hun aandacht bij uw hoofdpunten.