Deugen betekent goed, bruikbaar, of in orde zijn. Het wordt vaak ontkennend gebruikt om aan te geven dat iets of iemand niet voldoet, niet deugt, of ondeugend is. Daarnaast kan het verwijzen naar het bezitten van goede morele eigenschappen (deugdzaamheid). Encyclo +2
1) goed zijn, in orde zijn Voorbeeld: 'Die fiets deugt niet. Ik kan er niet mee wegrijden. ' niet willen deugen (onaangepast gedrag vertonen) 'Op school wilde hij niet deugen, maar nu h...
Borgen betekent een duurzame toekomst (helpen) geven aan immaterieel erfgoed. Wanneer je erfgoed gaat borgen, onderneem je bewust actie om ervoor te zorgen dat mensen je erfgoed leren kennen en kunnen beoefenen.
kloppen (ww) : overeenkomen, uitkomen, juist zijn, sluiten, stroken, deugen, overeenstemmen.
1) goede eigenschap die blijkt uit je gedrag Voorbeelden: 'Zijn grote deugd is zijn trouw. ' , 'Iedereen heeft zijn deugden en gebreken. ' 2) iets doet je deugd (iets maakt je blij) 'Het doet me deugd dat hij eindelijk zijn examen geha...
(iets maakt je blij) `Het doet me deugd dat hij eindelijk zijn examen gehaald heeft. ` iets dat goed is in zedelijk opzicht. Een 'deugd' kan een positieve eigenschap zijn waar een bepaald persoon over beschikt.
Hoofondeugd/Hoofdeugd:
als trefwoord met bijbehorende synoniemen: seks (zn) : nummertje, wip, gemeenschap, neukpartij, bijslaap, wippertje, copulatie, coïtus, cohabitatie, minnespel, liefdesdaad, geslachtsverkeer, geslachtsgemeenschap, geslachtsdaad.
poepen (ww) : beren, kakken, drukken, afgaan, zijn behoefte doen, schijten, bouten, een ontlastende verklaring afleggen, een grote boodschap doen, zijn gevoeg doen.
Deugden zijn positieve grondhoudingen waarover een bepaald persoon beschikt en van waaruit hij of zij een ethisch leven kan leiden. Enkele voorbeelden van deugden zijn: rechtvaardigheid, moed, matigheid, voorzichtigheid, geduld, eerlijkheid, creativiteit, humor, loyaliteit, enzovoort.
van boeg veranderen. 17de eeuwse term voor overstag gaan . Later meer gebruikt als varen / zeilen in het algemeen.
Een borg (ook: börg) is de Groningse variant van een burcht, oftewel een versterkt kasteel. In het standaardwerk van W.J. Formsma worden er meer dan 200 beschreven. Een huis zonder adellijke rechten wordt soms ook een borg genoemd, als deze een fraaie uitstraling heeft.
Verwijst naar de cultuur van het oude Scandinavië, in het bijzonder naar de cultuur van de volken die Oudnoors spraken. Dit was tot de 14de eeuw de taal van Noorwegen en de Noorse kolonies. Categorie: Stijlen en Perioden > Scandinavisch.
schelm ('dood beest'), smeerkanis, adderengebroed, schalk ('misdadiger'), guit, liederlijk mensch, geitenneuker, serpent, canaille, deugniet, mormel, feeks, hondsvot, scharminkel, snoodaard, schoelje, gajes, ghy luysighe rabaut, bandiet, duivelsjong, schobbejak, parvenu, naarling, ic schyte in ulieden ('shit on you'), ...
Een netter woord voor overgeven is braken, wat formeler is, terwijl spugen en uitbraken ook gangbaar zijn, en vomeren een zeer formeel, medisch synoniem is; vermijd 'kotsen' in formele situaties.
In sociale situaties is het voldoende om te zeggen: " Ik moet naar het toilet ." Als het om een medische situatie gaat (bijvoorbeeld bij de dokter), kun je het gewoon een stoelgang noemen.
achterste (zn) : achterwerk, bil, reet, zitvlak, bips, gat, kont, stuit, krent, aars, derrière, poeper, achterdeel. achterwerk (zn) : billen, achterste, zitvlak, bips, kont, derrière, brits, poeper, achterdeel, toges.
Oversekst zijn is niet per se een probleem
Piet Van Tuijl: 'Oversekst zijn wil zeggen veel seks hebben of veel met seks bezig zijn. De wetenschap noemt dat hyperseksualiteit. Onderzoek richt zich voornamelijk op hyperseksualiteit als probleem. Daarbij gebruikt men dan vaak de term seksverslaving.
Libido is een ander woord voor zin in seks. Hoeveel zin in seks iemand heeft, is bij iedereen anders. Sommige mensen hebben vaak zin, anderen minder vaak.
Onder seksualiteit verstaan we de handelingen die gericht zijn op intiem lichamelijk contact die gepaard gaan met gevoelens van opwinding, lust en passie. Seks varieert van zoenen tot het hebben van geslachtsgemeenschap, van intimiteit tussen twee geliefden tot (samen) porno kijken.
De zeven hoofdzonden, volgens de Rooms-Katholieke traditie, zijn hoogmoed, hebzucht, lust, afgunst, gulzigheid (vraatzucht), woede (gramschap) en luiheid (vadsigheid/sloth), die als bronnen van andere zonden worden gezien en die verzoening met God in de weg kunnen staan. Ze zijn niet direct een lijst uit de Bijbel, maar zijn in de 6e eeuw door Paus Gregorius de Grote geformuleerd op basis van eerder werk van monniken.
De grootste zonde is het afwijzen van de redding die Christus voor ons heeft verworven. De reden dat het "onvergeeflijk" wordt genoemd, is dat iemand in die geestesgesteldheid nooit berouw zal hebben van die zonde en daarom nooit vergeving zal ontvangen.
Dankbaarheid (psychologie) Dankbaarheid, de erkentelijkheid en waardering voor door anderen bewezen weldaden, is altijd een belangrijk onderwerp geweest voor filosofen. Volgens de Romeinse filosoof Marcus Tullius Cicero was dankbaarheid zelfs de moeder van alle deugden.