De Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) hanteert voor het voor de draagkracht in aanmerking te nemen toetsingsinkomen een jaarsystematiek. Het toetsingsinkomen sluit namelijk aan bij het fiscale inkomen van de belanghebbende.
Het uitvoeren van de toeslagregelingen voor de ministeries van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, Sociale Zaken en Werkgelegenheid en Volksgezondheid, Welzijn en Sport, die vallen onder de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir).
Met de in dit voorstel opgenomen aanpassingen van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) beoogt het kabinet om meer ruimte te creëren voor een verzachting van de hardheden en om recht te kunnen doen aan getroffen ouders.
Het partnerbegrip in de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) bewerkstelligt dat ongehuwd samenwonenden met kinderen voor de toeslagen gelijk worden behandeld als een echtpaar, daarmee gelijkgestelden of samenwonenden die nog iets extra gemeenschappelijks hebben.
Uw kind of ouder woont bij u
Vanaf 1 januari 2025 is uw kind of ouder niet meer uw toeslagpartner. Dit telt ook als u bijvoorbeeld samenwoont met uw stiefkind, stiefouder, pleegkind of pleegouder. Lees meer over deze verandering. Tot en met 2024 konden deze personen nog wel uw toeslagpartner zijn.
De tekst van artikel 26 Awir luidt: 'Indien een herziening van een tegemoetkoming of een herziening van een voorschot leidt tot een terug te vorderen bedrag dan wel een verrekening van een voorschot met een tegemoetkoming daartoe leidt, is de belanghebbende het bedrag van de terugvordering in zijn geheel verschuldigd.
De meest traditionele vorm van een toeslagpartner is uw echtgenoot of de persoon met wie u een geregistreerd partnerschap bent aangegaan. Hierbij is het voor de zorgtoeslag en kinderopvangtoeslag niet van belang of u op hetzelfde adres woont. Ook wanneer u beiden op een ander adres woont, bent u elkaars toeslagpartner.
De WC gebruiken in Schotland kan bij iedereen
Eén ding weten we nu al zeker: Schotland spant de kroon in dit lijstje van raarste wetten ter wereld. Je mag misschien niet dronken op een koe rijden, maar je mag wel bij elk huis aankloppen om te vragen of je het toilet mag gebruiken.
4 Algemene wet inzake Rijksbelastingen
De AWR is een algemene wet waarin diverse bepalingen zijn opgenomen die van toepassing zijn op alle rijksbelastingen die in Nederland worden geheven (zoals de inkomstenbelasting, omzetbelasting, vennootschapsbelasting en loonbelasting).
loon, fooien of winst uit een onderneming;uitkering, pensioen, lijfrente en alimentatie;buitenlandse inkomsten;inkomsten als freelancer, gastouder, artiest of beroepssporter.
Nee, een schenking is geen inkomen.Het heeft dus geen gevolgen voor eventuele toeslagen. Het kan in sommige gevallen wel gevolgen hebben voor een uitkering. Bijvoorbeeld als er een vermogenstoets aan vastzit.
Er zijn 4 toeslagen: zorgtoeslag, een bijdrage in de kosten van uw zorgverzekering. huurtoeslag, een bijdrage in uw huurkosten.
Vermogen is bijvoorbeeld spaargeld, dure sieraden of een auto. Als u alleen woont geldt een maximumbedrag van € 7.770, en als u met uw partner of met een kind (jonger dan 18 jaar) woont € 15.540 (bedragen voor 2025).
Wat u wel en niet als vermogen moet meetellen, is hetzelfde als bij uw belastingaangifte. Spaargeld, aandelen en een vakantiehuis in Nederland of het buitenland tellen bijvoorbeeld mee. Maar het huis waarin u woont en uw auto tellen níét mee als vermogen.
In Nederland geldt er geen limiet voor de hoeveelheid geld die u in huis mag hebben.
De maximale zorgtoeslag daalt voor alleenstaanden met 31 euro per maand. De maximale zorgtoeslag daalt voor gezinnen met 29 euro per maand. De inkomensgrens voor alleenstaanden daalt naar 37.496 euro per jaar. De inkomensgrens voor gezinnen daalt naar 47.368 euro per jaar.
En werkt u in Nederland of krijgt u een pensioen of uitkering uit Nederland? Mogelijk krijgt u dan ook zorgtoeslag.
De maximale zorgtoeslag stijgt voor gezinnen met 14 euro per maand. De inkomensgrens voor alleenstaanden stijgt naar 39.719 euro per jaar. De inkomensgrens voor gezinnen stijgt naar 50.206 euro per jaar.
De wet zegt dat je tot je 21e in jouw gezinshuis mag blijven wonen.
De arbeidskorting en de algemene heffingskorting vormen samen de loonheffingskorting. Verdien je in 2024 in totaal niet meer dan ongeveer 13.000 euro bruto, dan hoef je geen belasting te betalen. Vaak wordt voor studenten deze loonheffingskorting direct verrekend en krijg je dus meteen een hoger netto loon overgemaakt.
Je toeslagpartner hoeft niet altijd je fiscaal partner te zijn. Je kunt samenwonen en hierdoor toeslagpartners zijn, maar geen fiscaal partnerschap hebben. Het verschil wordt vooral duidelijk als jullie gaan scheiden. Het kan dan zo zijn dat jullie nog wel fiscaal partners zijn, maar geen toeslagpartners.