Probeer uw kindje niet met twee handen onder de oksels op te pakken, hierbij kan het kindje gemakkelijk overstrekken.
Til uw pasgeborene niet op bij of onder zijn/haar armen
Als je ze bij of onder hun armen oppakt, loop je het risico hun armen of schouders te verwonden. Erger nog, hun hoofd zal bungelen en kan rondfloppen, wat mogelijk hersenletsel kan veroorzaken. Plaats in plaats daarvan één hand achter hun hoofd en nek en de andere hand onder hun billen.
Door de baby aan de beentjes op te tillen, wordt er onnodige druk uitgeoefend op de rugspieren en wervelkolom, wat kan leiden tot ongemak. Belasting van de nek: Baby's hebben nog zwakke nekspieren en kunnen nog niet veel druk op de nekwervels verdragen. Bovendien kunnen zij met de kin op de borst niet goed doorademen.
Tillen uit een laag bed: ga niet met je buik tegen de zijkant van het bed staan. Hierdoor ontstaat snel een draaiing in de rug. Ga naast het bed staan in de richting waarin het kind ligt, met je voeten in de lengterichting van het bed.Rol of schuif het kind naar je toe voordat je gaat tillen.
Niet onder de oksels optillen
Als je je baby onder de oksels oppakt, bungelen zijn lijf en benen in de lucht. Dat voelt voor je kind alsof het in een achtbaan zit. Je baby heeft geen idee wat er gaat gebeuren. Misschien verstijft hij wel van schrik.
Probeer uw kindje niet met twee handen onder de oksels op te pakken, hierbij kan het kindje gemakkelijk overstrekken. U kunt het kindje beter oppakken door één hand op de buik van de baby te leggen en het kindje op die hand te draaien. Doe dit niet te snel, zodat uw baby niet wordt overvallen.
'De veiligste slaaphouding voor een baby, is op zijn rug. Op die manier kan hij namelijk het makkelijkst ademen', begint Sandra. 'Op de zij en op de buik bestaat de kans dat je kind geen lucht krijgt.Zolang hij nog te klein is om zelf in een zelfgekozen houding te rollen, zijn deze houdingen dus erg gevaarlijk.
Squat in plaats daarvan met voeten op schouderbreedte uit elkaar, houd je rug recht en duw je billen naar voren om jezelf zo dicht mogelijk bij het kind te brengen, terwijl je het kind stevig vasthoudt. Span je buikspieren aan en kijk vooruit en gebruik je dijbeenspieren om jezelf omhoog te brengen, terwijl je uitademt terwijl je tilt.
Een ledikant is geschikt tot je kindje ongeveer 2,5 jaar oud is. Ook een wieg is een veilige slaapplek voor je baby, maar alleen de eerste 3 tot 6 maanden. Hierna wordt je kleine beweeglijker en kan tijdens het omrollen tegen de vaak dichte zijkant terecht komen.Dit zou verstikkingsgevaar kunnen veroorzaken.
Til je baby op door een hand onder zijn billen te schuiven; je duim rust in zijn lies. De hand onder de bil is van de arm waar je baby in komt te liggen. Je andere hand leg je onder de schouderbladen, zodat je daarmee de nek en bovenrug ondersteunt. Neerleggen doe je op dezelfde manier.
Sommige mensen denken dat een baby verwend kan raken als je hem zo veel in je armen neemt, of dat je baby je leert manipuleren om zijn zin te krijgen. Niks is minder waar: baby's zullen enkel huilen om hun primaire levensbehoeftes aan te geven. En vastgehouden worden door zijn ouders is er daar écht een van!
Zitje om zonder hulp rechtop te zitten
Er is geen enkele reden om een baby van een paar maanden zelfstandig rechtop te zetten als hij of zij dit nog niet uit zichzelf kan. Dit kan zelfs negatieve gevolgen hebben voor de ontwikkeling van bijvoorbeeld rug en heupen.
Ze rekken zich uit om dingen op gang te krijgen, te bewegen en te laten werken . Ze rekken zich veel uit, vooral na een lange slaap. Wanneer de baby zich uitrekt, helpen ze al hun spieren en gewrichten te werken en te functioneren, en zoals je waarschijnlijk hebt gemerkt, helpen ze ook bij het passeren van gas en zelfs het uitstoten van hun ontlasting.
Kinderen kunnen meer dan eens last krijgen van een nursemaid's elbow. Om dit te voorkomen, mogen ouders en verzorgers nooit aan een kind trekken, sleuren of zwaaien bij de armen of handen . Pak uw kind altijd op onder de oksels en niet bij de handen of armen.
Maar wees voorzichtig: het optillen of vastpakken van een kind bij de armen kan leiden tot een veelvoorkomende blessure die 'verpleegsterselleboog' wordt genoemd, ook wel 'getrokken elleboog' genoemd. Het ontstaat wanneer een bot in de onderarm van een kind gedeeltelijk ontwricht raakt bij het ellebooggewricht, wat plotselinge pijn rond de elleboog veroorzaakt.
Je kindje slaat in zijn geheugen op hoe jij eruitziet. Als je baby jou eenmaal herkent, zal hij je een big smile als teken van herkenning geven! Je kleine kan nu gezichten onderscheiden, en ziet het verschil tussen bekende en onbekende gezichten. Hij zal zich gaan hechten aan vertrouwde gezichten.
In plaats daarvan is het te danken aan iets dat de Moro of schrikreflex wordt genoemd. Deze kan aangaan wanneer uw kleintje verrast wordt door bijvoorbeeld een hard geluid, een snelle beweging of wanneer hij in een wiegje wordt gelegd. Deze instinctieve reactie zorgt ervoor dat baby's wakker worden en hun armen openslaan, alsof ze u proberen vast te pakken.
Een co-sleeper heeft wat meer mogelijkheden dan een wieg of ledikant, omdat de zijkant naar beneden kan, maar ook omhoog gezet kan worden. Je baby kan vaak tot een half jaar in een co-sleeper liggen. Soms groeit je kind er al iets eerder uit.
Vanaf ongeveer 4 tot 6 maanden kan je baby wennen aan zijn of haar eigen kamer. Laat de baby tot de leeftijd van 4 maanden het liefst niet bij je in bed slapen.
Rugpijn kan ontstaan door het dagelijks tillen en dragen van een baby of peuter .
Oudere baby's kunnen zichzelf zelfstandig optrekken tot een staande positie tussen 8 en 12 maanden . Daarom is het cruciaal om de matras van het ledikantje in deze fase zo laag mogelijk te zetten.
Een baby mag en kan ook direct in een ledikant slapen. Het is vooral belangrijk dat het ledikant op de juiste manier wordt opgemaakt. Zo is het belangrijk dat een baby niet onder het beddengoed terecht kan komen in verband met verstikking.
Een buikslaper is een zuigeling die op zijn buik ligt om in slaap te vallen. Buikslapen wordt afgeraden in verband met het grotere risico op wiegendood.
De nekspieren van pasgeboren baby's moeten zich nog ontwikkelen. Als je baby net geboren is, kan hij zijn hoofd nog niet zelfstandig optillen. Daarom is het belangrijk om het hoofd van je baby in het begin goed te ondersteunen. Daarna kan je baby zijn hoofd even optillen.
Als je baby zijn hoofd goed rechtop kan houden in buikligging, begint hij vrij snel met omrollen. Sommige baby beginnen hier al mee rond 4 maanden, maar de meeste baby's leren het omrollen als ze ongeveer 6 maanden oud zijn. Vaak rolt hij eerst van zijn buik naar zijn rug.