In 2026 mag u uw kind (tussen 18 en 40 jaar) eenmalig een bedrag van € 33.129 belastingvrij schenken, vrij te besteden. Voorwaarde is dat het kind of de partner tussen 18 en 40 jaar is en niet eerder gebruik is gemaakt van een verhoogde vrijstelling. Is het voor een dure studie, dan geldt een hogere vrijstelling van € 69.009. Belastingdienst +2
Jaarlijkse vrijstelling
Ouders mogen in 2026 € 6.908 schenken aan hun kind. Onder 'kind' verstaan wij ook een pleegkind of een stiefkind. De jaarlijkse vrijstelling voor alle andere personen in 2026 is € 2.769.
De eenmalig verhoogde vrijstellingen in 2026:
Wilt u uw kind zelf laten beslissen wat het doel is van uw schenking? Dan mag u eenmalig maximaal € 33.129 belastingvrij schenken.
Jaarlijkse schenking
Jaarlijks kunnen ouders belastingvrij 6.908 euro schenken aan hun kinderen.
Vrijstellingen erfbelasting 2026
Voor 2026 gelden de volgende erfbelasting vrijstellingen: Echtgenoot/Geregistreerd partner/Samenwonen partner: € 828.035 (€ 804.698 in 2025) Ouders: € 62.110 (€ 60.359 in 2025) Kind/Pleegkind/Stiefkind/Kleinkind: € 26.230 (€ 25.490 in 2025)
Partnerabattement: hogere vrijstelling tot € 75.000
voordeel € 1.500). Vanaf 2026 wordt die vrijstelling verruimd naar € 75.000: naast de eerste schijf van € 50.000 komt er € 25.000 vrijstelling in de tweede tariefschijf. Dat levert een extra voordeel tot € 2.250 op, of totaal € 3.750.
Iedereen mag u in 2026 belastingvrij € 2.769 schenken. U hoeft daarover geen aangifte schenkbelasting te doen. Zolang u maar in de gaten houdt dat u schenkingen van partners bij elkaar op moet tellen. Krijgt u bijvoorbeeld een bedrag van zowel uw oom als uw tante?
Een van de meest effectieve manieren om schenkbelasting te omzeilen, is door gebruik te maken van de jaarlijkse vrijstellingen. Voor 2023 kunt u jaarlijks €6.035 belastingvrij schenken aan uw kinderen en €2.418 aan andere personen.
Ieder jaar krijg je van de bank een jaaropgave. De bank stuurt dezelfde gegevens ook naar de belastingdienst. Op basis daarvan controleert de belastingdienst je aangifte inkomstenbelasting. Maar dezelfde gegevens kunnen ook worden gebruikt voor het opsporen van verzwegen schenkingen.
Hoeveel geld mag je overmaken naar iemand anders? In beginsel maakt het niet uit hoeveel je wilt schenken. Of je nou € 100 of € 1.000 of € 1.000.000 wilt overmaken, in alle gevallen kan het gewoon via de bank.
Tussen elke schenking laat je minstens drie jaar tijd.
Ook interessant om te weten: schenkingen worden per persoon bekeken. Ouders die een huis willen schenken aan een kind kunnen elk de helft schenken. Hiermee geraak je ook in de lagere schenktarieven.
Iedereen die aan de personenbelasting onderworpen is, heeft namelijk recht op een 'belastingvrije som'. Dat betekent dat een deel van de belastbare inkomsten niet belast wordt. Het basisbedrag van de belastingvrije som bedraagt: 10.910 euro voor inkomstenjaar 2025 (aanslagjaar 2026)
Schenking aan je kinderen
In 2026 is dat tot € 6.908,-. Dit bedrag kun je eenmalig verhogen tot € 33.129,- als je kind tussen de 18 en 40 jaar oud is. Daarnaast kun je gebruikmaken van nog twee andere zogeheten 'verhoogde schenkingsvrijstellingen'.
Geef niet te veel. Ook het bedrag dat je geeft, is van belang. Wettelijk is er eigenlijk niets bepaald, maar in de praktijk volg je best deze vuistregel: een cadeau mag niet meer bedragen dan 1 % van jouw vermogen (de totale waarde van je woning, grond, beleggingen, spaarcenten, …).
De vrijstellingen voor erfbelasting zijn in 2026 opnieuw geïndexeerd. Dit zijn de kerncijfers waarmee u rekening moet houden: Partners: Erven tot ruim € 800.000 volledig belastingvrij. Kinderen: Hebben een vrijstelling van circa € 26.000.
Schenken is vaak voordeliger dan erven omdat je via jaarlijkse vrijstellingen de totale erfenis kunt verkleinen, waardoor er minder erfbelasting betaald hoeft te worden na overlijden, hoewel de belastingtarieven voor schenk- en erfbelasting gelijk zijn. Door tijdens je leven al te schenken, verminder je het te erven bedrag, wat leidt tot een lagere totale belastingdruk, vooral bij grote vermogens. Een papieren schenking is een veelgebruikte methode om dit te doen, mits je de vereisten, zoals jaarlijkse rente betaling, nakomt.
Schenken aan kinderen
Veelal wordt geschonken aan kinderen. Hiervoor gelden dan ook de meeste vrijstellingen, die ook voor 2026 zijn geïndexeerd. Je mag aan ieder kind in 2026 € 6.908 belastingvrij schenken (2025: € 6.713).
Dat bereken je zo:
Je schenkt eind januari 2026 aan een kind met de eenmalig verhoogde vrijstelling € 200.000. De eerste € 33.129 is dus belastingvrij. Vervolgens moet over de volgende € 158.669 10% belasting betaald worden en over de laatste € 8202 20% Er moet dus € 15.866 + € 1640 = € 17.506 aan schenkbelasting worden afgedragen.
Als je spaart, krijg je spaarrente van de bank. Die rente beschouwt de Belastingdienst als inkomen. Daarom moet je boven een bepaald bedrag belasting betalen over je spaargeld. In 2026 mag je € 59.357 belastingvrij sparen.
Om erfbelasting op een kindsdeel te voorkomen of te verminderen, kun je tijdens leven schenken (jaarlijks of eenmalig met verhoogde vrijstelling), een slim testament opstellen (met opvullegaat of tweetrapstestament), de rente op het kindsdeel in het testament verhogen (zodat de schuld aan het kind groter wordt), of legaten aan kleinkinderen opnemen om gebruik te maken van hun vrijstellingen. Een combinatie van deze strategieën is vaak het meest effectief, met de nadruk op het spreiden van de nalatenschap over meerdere generaties en het benutten van vrijstellingen.
Er geldt een hogere vrijstelling voor de langstlevende partner. Voor overlijdens vóór 1 januari 2026 was er geen erfbelasting verschuldigd op de eerste 50.000 euro roerende goederen (geld, aandelen, …) uit de nalatenschap.
Als één ouder overlijdt, erven kinderen volgens de wettelijke verdeling in principe een gelijk deel van de erfenis met de langstlevende ouder; zij krijgen dit deel echter als een geldvordering die pas opeisbaar is bij overlijden van de tweede ouder, terwijl de langstlevende ouder de volledige erfenis (bezittingen en schulden) krijgt, tenzij er een testament is dat anders bepaalt. Onterven kan niet volledig; kinderen behouden altijd recht op de legitieme portie (minimaal de helft van hun kindsdeel), maar dit is een geldvordering die pas na het overlijden van de langstlevende ouder kan worden opgeëist.