Duitsland is na de Verenigde Staten de grootste leverancier van militaire steun aan Oekraïne en heeft sinds het begin van de Russische invasie in 2022 tientallen miljarden euro's toegezegd en geleverd.
BERLIJN - Welgeteld 92 jaar na het einde van de Eerste Wereldoorlog betaalt Duitsland zijn laatste oorlogsschulden aan de geallieerden. De laatste overboeking is een achterstallige rentebetaling over de jaren 1945 tot 1952. In 1990 was afgesproken dat Duitsland nog twintig jaar de tijd kreeg voor de betaling.
De financiering zal worden uitgekeerd in drie gelijke jaarlijkse betalingen van £752 miljoen. De aankondiging van de leningsovereenkomst komt bovenop de jaarlijkse toezegging van het Verenigd Koninkrijk van £3 miljard voor militaire steun aan Oekraïne. De premier heeft duidelijk gemaakt dat een sterk Oekraïne van vitaal belang is voor de nationale veiligheid van het Verenigd Koninkrijk.
Als gevolg van onderhandelingen met de Claimsconferentie sinds 1952 heeft de Duitse regering ongeveer 95 miljard dollar aan schadevergoedingen uitgekeerd aan individuen voor leed en verliezen als gevolg van vervolging door de nazi's.
Nederland leverde inmiddels voor € 11,7 miljard aan militaire steun aan Oekraïne (stand 2 februari 2026). De steun bestaat uit: Directe levering: vanuit de eigen militaire voorraden leverde Defensie materieel aan Oekraïne.
Er is geen eenduidige winnaar voor het 'sterkste' leger van Europa, aangezien dit afhangt van de criteria (aantal manschappen, technologie, defensiebudget); Rusland heeft de grootste strijdkrachten qua aantallen, terwijl Polen snel groeit en Duitsland ambities heeft om het sterkste conventionele leger te worden, met Oekraïne dat indruk maakt met drone-oorlogsvoering.
De kosten voor asielzoekersopvang worden primair betaald door de Nederlandse overheid via het Ministerie van Justitie en Veiligheid, met een eigen bijdrage van asielzoekers met inkomen, terwijl statushouders na vergunning zelf hun kosten dragen, net als andere inwoners. De financiering komt uit de nationale begroting, gemeentelijke vergoedingen, en soms fondsen.
In totaal namen de geallieerden voor ongeveer 413 miljoen dollar aan herstelbetalingen (zowel in geld als in goederen) uit hun bezettingsgebieden. In 1952 schatte het Akkoord van Londen over de Duitse buitenlandse schulden het uiteindelijke herstelbedrag op 3 miljard dollar. Duitsland heeft zijn schulden uit de Tweede Wereldoorlog nog steeds niet afbetaald .
Het nationaal inkomen van Nederland was in 1938 ca. 5,4 miljard gulden, in mei 1945 was dit gedaald tot 3 miljard maar in 1946 was het weer gestegen tot 9,9 miljard gulden.
Joden in Europa waren in alle lagen van de bevolking te vinden: boeren, kleermakers, fabrieksarbeiders, accountants, artsen, leraren, kunstenaars en ondernemers, om er maar een paar te noemen. Sommige families waren rijk; veel meer waren arm .
De Amerikaanse denktank CSIS schatte het totale aantal Russische slachtoffers van de oorlog in Oekraïne vorige week op bijna 1,2 miljoen. Daarmee zijn de Russische verliezen in het bijna vier jaar durende conflict groter dan die van ieder ander naoorlogs conflict.
Het Verenigd Koninkrijk zal Oekraïne blijven steunen zolang als nodig is om een rechtvaardige en duurzame vrede te bereiken. De minister van Buitenlandse Zaken zal ook 30 miljoen pond aan Britse financiering aankondigen ter ondersteuning van de veerkracht van de Oekraïense samenleving en ter bevordering van gerechtigheid en verantwoording voor slachtoffers en overlevenden van vermeende Russische oorlogsmisdaden.
De meest schokkende bevinding van de commissie, die door de westerse media werd opgepikt, was dat er binnen zes jaar voor 32 miljard dollar aan wapens, uitrusting en militair materieel uit Oekraïense voorraden was gestolen .
Erwin Rommel moest dood omdat hij verdacht werd van betrokkenheid bij de aanslag op Hitler op 20 juli 1944, hoewel hij waarschijnlijk onschuldig was; Hitler gaf hem een ultimatum: zelfmoord plegen om een showproces en zijn familie te sparen, of gearresteerd worden, waarna Rommel koos voor een gifpil om zijn familie te beschermen en een staatsbegrafenis te krijgen.
Griekenland, Italië, Frankrijk, Spanje en België hebben de hoogste schuld, met een schuldquote van meer dan 100%. Luxemburg, Bulgarije en Estland hebben de laagste schuldquote. Handel: de EU is 's werelds grootste exporteur van goederen en diensten. Haar aandeel in de wereldhandel in goederen is ongeveer 14%.
Schuld - Duitsland werd gedwongen de schuld voor het begin van de oorlog op zich te nemen op grond van artikel 231 van het verdrag, bekend als de Oorlogsschuldclausule. Herstelbetalingen - Duitsland moest de schade vergoeden die Groot-Brittannië en Frankrijk tijdens de oorlog hadden geleden. In 1922 werd het te betalen bedrag vastgesteld op £6,6 miljard .
Frankrijk is Duitslands nauwste en belangrijkste partner in Europa. Er is geen ander land waarmee we zo regelmatig en intensief samenwerken op alle politieke niveaus en op alle gebieden.
Bij oorlog kan spaargeld door inflatie in waarde dalen, kunnen banken beperkingen opleggen (zoals opnames), en kan de overheid via de Noodwet financieel verkeer in uitzonderlijke gevallen ingrijpen, maar het depositogarantiestelsel beschermt tot €100.000 per persoon per bank bij een bankfaillissement, en contant geld is essentieel voor directe noodsituaties.
Ondanks de veel grotere bevolking en totale economische productie van Duitsland, levert Nederland meer economische waarde per inwoner . Dit verschil getuigt van de efficiëntie, openheid en veerkracht van de Nederlandse economie.
Na de Tweede Wereldoorlog schatten de geallieerden dat Japan 42 procent van zijn nationale rijkdom had verloren. Daarom ondertekende Japan in 1951 een verdrag dat voor beide partijen voordelig zou zijn.
Het Verenigd Koninkrijk heeft nog steeds openstaande schulden uit de Tweede Wereldoorlog en de periode direct daarna, die het nog steeds regelmatig aflost.
Tientje van Lieftinck. De naam van de Nederlandse oud-minister van Financiën Piet Lieftinck is voor veel mensen nog steeds bekend door het tientje van Lieftinck. Vlak na de Tweede Wereldoorlog, op 26 september 1945, kregen alle Nederlanders tien gulden tijdens de grote geldzuivering die Lieftinck op touw zette.
Een vluchteling in Nederland krijgt leefgeld voor persoonlijke uitgaven, zoals kleding en toiletartikelen (ongeveer € 62,66 per maand voor volwassenen), en apart eetgeld, dat varieert afhankelijk van de situatie (zelf koken of maaltijden in opvang) en gezinssamenstelling. Het totale maandbedrag is dus afhankelijk van de opvangvorm (gastgezin, COA-locatie) en of er maaltijden worden verzorgd, waarbij het bedrag per persoon kan verschillen.
Statushouders krijgen niet alles gratis; ze ontvangen basisvoorzieningen (onderdak, eten/eetgeld, leefgeld) en een bijstandsuitkering tijdens de inburgeringsfase omdat ze nog niet zelfstandig kunnen voorzien in hun levensonderhoud, en hebben verplichtingen zoals een zorgverzekering en het betalen van huur en belasting zodra ze kunnen, vergelijkbaar met andere Nederlanders met een laag inkomen, als 'springplank' naar zelfredzaamheid.
Asielzoekers die gebruikmaken van de pendelbus van en naar het opvangcentrum in Ter Apel, hoeven voortaan geen kaartje meer te kopen. Vanwege de toenemende overlast op de openbare buslijn wordt de pendelbus binnenkort gratis.