In het Duits zijn zelfstandige naamwoorden mannelijk, vrouwelijk of onzijdig. Bij mannelijke woorden is het lidwoord 'der', bij vrouwelijke woorden 'die' en bij onzijdige woorden 'das'.
Der, die en das zijn Duitse lidwoorden die gekoppeld zijn aan een geslacht. Ieder zelfstandig naamwoord heeft in Duitsland namelijk een eigen geslacht. Bij mannelijke woorden is het lidwoord der, bij vrouwelijke woorden die en bij onzijdige woorden das. De meeste Duitse woorden zijn vrouwelijk.
Het woordgeslacht is bepalend voor het gebruik van de persoonlijke en de bezittelijke voornaamwoorden. Naar mannelijke de-woorden wordt verwezen met hij, hem en zijn: Hij is zwaar; Ik heb hem op de kast gelegd; Zijn vorm is wat afwijkend.
Het geslacht van een zelfstandig naamwoord in een Duits woordenboek wordt meestal aangegeven door de letters m (mannelijk), f (vrouwelijk), n of nt (onzijdig) of pl (meervoud) naast het woord . Het Engels had vroeger verschillende geslachten voor zelfstandige naamwoorden en een paar voorbeelden worden nog steeds gebruikt.
In het Duits zijn zelfstandige naamwoorden mannelijk, vrouwelijk of onzijdig. Bij mannelijke woorden is het lidwoord 'der', bij vrouwelijke woorden 'die' en bij onzijdige woorden 'das'.
"Katze" wordt niet plotseling mannelijk; in plaats daarvan is het datief en genitief lidwoord voor vrouwelijke zelfstandige naamwoorden "der", wat toevallig identiek is aan het lidwoord voor mannelijke zelfstandige naamwoorden in nominatief (de "onderwerp" -vorm waarin alle zelfstandige naamwoorden staan wanneer je ...
NL: Dat is een hobby. DE: Das ist ein Hobby. NL: Iedereen z' n hobby. DE: Jeder braucht ein Hobby.
In het Nederlands hebben alle woorden een geslacht. Het-woorden zoals het huis, het licht en het kantoor zijn allemaal onzijdig.
Het vrouwelijke geslacht wordt gebruikt om te verwijzen naar de zelfstandige naamwoorden en voornaamwoorden die de vrouwelijke tegenhangers van mensen, dieren en vogels benoemen . De Oxford Learner's Dictionary definieert het vrouwelijke geslacht als "behorend tot een klasse van woorden die verwijzen naar vrouwelijke mensen of dieren en vaak een speciale vorm hebben".
'Het college blijft bij haar voorkeur'.
Zelfstandig naamwoorden met het lidwoord 'het' zijn altijd onzijdig. Hiernaar verwijs je met 'het' en 'zijn'. De-woorden zijn daarentegen mannelijk of vrouwelijk. Hiernaar verwijs je respectievelijk met 'hij' en 'hem' en met 'zij' en 'haar'.
Getallen en namen van vliegtuigen, schepen en bomen zijn meestal vrouwelijk : (die) zwei (twee), die Boeing 747, die Titanic en die Eiche (de eik). Zelfstandige naamwoorden uit andere talen met deze uitgangen zijn meestal vrouwelijk: -ade, -age, -anz, -enz, -ik, -ion, -tät en -ur.
Bijna alle zelfstandige naamwoorden die in het Nederlands onzijdig zijn, zijn in het Duits ook onzijdig, bijvoorbeeld het boek – das Buch, het gras – das Gras.
Is het 'de museum' of 'het museum'?
Het is 'het museum', want museum is onzijdig.
Boek, huis en woord zijn voorbeelden van het-woorden (ook wel: onzijdige woorden). Of een woord een het-woord (onzijdig woord) of een de-woord (een mannelijk of vrouwelijk woord) is, is iets wat je als kind vanzelf oppikt als je Nederlands leert.
hobby's mv.
The retired often have more time for their hobbies. Gepensioneerden hebben vaak meer tijd voor hun hobby's.
Het geslacht van 'Katze' in het Duits is vrouwelijk : die Katze (de kat). Het meervoud is 'die Katzen' (de katten). 'Katze' is een veelgebruikt Duits zelfstandig naamwoord dat je gebruikt om te communiceren in het alledaagse gesproken en geschreven Duits.
'Haus' is in het Duits eigenlijk noch mannelijk noch vrouwelijk – 'Haus' is een onzijdig zelfstandig naamwoord. Engelse zelfstandige naamwoorden hebben helemaal geen geslacht, dus het idee alleen al is een beetje geestverruimend.
Een mannelijk kitten (kater) heeft een groter groeivermogen dan een vrouwelijk kitten (poes).
der: bij mannelijke woorden heb je vaak + umlaut (") en + e, bijv: der Ball, die Bälle. Ook heb je dat als het woord eindigt op -el, -en of -er dat het woord in het meervoud hetzelfde blijft, bijv: der Onkel, die Onkel das: bij onzijdige woorden heb je vaak dat er een -e bij komt, bijv: das Heft, die Hefte.
Mannschaft [v] (die ~) {zn.}