Grote (5 cm en groter) plant je 15 cm diep en kleine (2,5 - 5 cm) 7 tot 10 cm diep. Zet de bloembollen zachtjes in de grond met de punt naar boven. Duw hierbij niet te hard want dan beschadigen ze. Grote hebben een afstand van 7 tot 20 centimeter nodig en kleine 3 tot 7 centimeter.
In het najaar, van september tot december, plant u voorjaarsbloeiende bloembollen.In het voorjaar, vanaf maart tot mei, plant u zomerbloeiende bloembollen. Lees hier meer over hoe en wanneer u bloembollen plant.
Voor het beste effect plant je bollen in clusters van minstens zes of zeven. Graaf een gat met de juiste diepte voor de bollen. Als je niet zeker bent, controleer dan de verpakking, maar een algemene regel is dat je elke bol op een diepte van ongeveer twee tot drie keer de hoogte van de bol plant.
Er is een ezelsbruggetje om te onthouden hoe diep en hoe ver uit elkaar je bloembollen plant. Houd voor de plantafstand 3x de breedte van de bol aan, en houd voor het planten ook 3x de hoogte van de bol aan. Tulpen van 5 centimeter moeten dus 15 centimeter diep en 15 cm uit elkaar worden geplant.
Als je je nu afvraagt of je in januari of februari nog tulpen kan planten, dan kunnen we je geruststellen : jazeker!
In potten kunt u uw bollen dichter bij elkaar planten dan in de tuin . Ze mogen elkaar of de zijkanten van de pot echter niet raken. Als u slechts één laag bollen plant, plant u ze op dezelfde diepte als in de tuin – op een diepte van ten minste twee keer hun hoogte (minimaal 3 inch).
februari – maart: krokus, lenteklokje. maart – april: narcis, sterhyacint. april: hyacint, blauwe druif. april – mei: kievitsei, tulp, zomerklokje.
Grote (5 cm en groter) plant je 15 cm diep en kleine (2,5 - 5 cm) 7 tot 10 cm diep. Zet de bloembollen zachtjes in de grond met de punt naar boven. Duw hierbij niet te hard want dan beschadigen ze. Grote hebben een afstand van 7 tot 20 centimeter nodig en kleine 3 tot 7 centimeter.
Een algemene richtlijn is om bloembollen te planten op ongeveer 8 tot 15 centimeter afstand van elkaar, je hebt dan ca 40 tot 90 bloembollen per vierkante meter nodig. Voor een natuurlijk ogend effect kun je variëren in de afstanden, waardoor je een speels patroon creëert.
Knollen planten.
Plaats de knollen zo dat de kroon (waar de knollen aan elkaar vastzitten) een paar centimeter onder het oppervlak van de grond zit . Als er knoppen of 'ogen' op de knollen zitten, plaats die dan met de voorkant naar boven - daar groeien de stengels. Vul de grond rond de knollen voorzichtig op, zodat ze volledig bedekt zijn met een paar centimeter grond.
Zorg ervoor dat je knol ongeveer 2 centimeter onder de oppervlakte ligt. Druk de aarde goed aan en geef de plek gelijk water. Wanneer je meer knollen wil planten, kan je deze het beste minimaal 40 centimeter van elkaar af planten. Dan heeft elke knol genoeg ruimte om te kunnen groeien.
Zo diep moet je lentebollen planten om zeker bloemen te krijgen. Bloembollen planten, hoe diep moet dat? Plant je ze te diep of juist niet diep genoeg, dan krijg je uiteindelijk vooral veel blad maar geen bloemen. Of ze komen zelfs helemaal niet op!
Bloembollen zoals bijvoorbeeld tulpen kunnen nog prima in januari in de volle grond geplant worden! Bloembollen zijn heel sterk en zitten vol met voedingsstoffen en zullen hun best doen om te bloeien. Als je bloembollen zoals tulpen 'pas' in januari plant, bloeien ze alleen iets later, maar dat is het wachten waard!
Ben je vergeten om je voorjaarsbloeiende bloembollen voor januari in te planten? Plant ze alsnog in de grond, ook als er al vorst is voorspeld. Als de bloemen dit jaar niet volledig tot hun recht komen, zullen de bloembollen wellicht het jaar erna weer volop bloemen produceren.
Week de bollen: Laat de bollen 3-4 uur in lauwwarm water weken voordat je ze plant.Plantdiepte: Plant anemone bollen 3-5 cm diep, met 7-10 cm tussenruimte. Bloeiperiode: Anemonen bloeien 8-10 weken na het planten. Standplaats: Kies een zonnige of halfschaduwrijke plek.
In de grond moeten de bollen ongeveer drie keer hun diameter uit elkaar worden geplant, maar in potten kunnen de bollen dichter op elkaar worden gezet. Je moet er wel voor zorgen dat de bollen elkaar niet raken en ook niet de zijkanten van de pot.
Februari. De voorgetrokken narcissen, krokussen en druifhyacinten die het binnenshuis hebben opgefleurd, zijn uitgebloeid. Plant ze uit in de tuin. Geef de bollen die gaan bloeien wat extra voeding (bv.
1) Tulpenbollen in de grond laten zitten
Het antwoord is nee. De meeste tulpensoorten zijn niet meerjarig. Je kan er wel voor kiezen om je tulpenbollen in de grond te laten zitten. Echter zullen ze in het volgende jaar kleinere bloemen geven of zelfs helemaal niet bloeien.
Voorjaarsbloeiende bollen kun je het beste planten vanaf september tot december, het liefst voor de eerste nachtvorst. Zomerbloeiende bollen kun je het beste vanaf het voorjaar planten, zodra de kans op nachtvorst voorbij is tot en met eind mei.
De tuin onderhouden én bloemen, groente en kruiden kweken
Kijk dan behalve naar tuingereedschap ook eens naar onze zaden, bloembollen en bemestingsproducten.
Dahlia's zijn niet winterhard, wat betekent dat ze niet tegen vorst kunnen. Plant ze daarom na de laatste vorstperiode, rond half mei (na IJsheiligen).
Als je je voorjaarsbollen te vroeg in de grond stopt is er kans, door de hoge temperaturen, dat ze al tot bloei komen voordat de winter valt. Soms lukt het die bollen dan niet meer om voor de vorst genoeg energie op te doen om nog een keer te bloeien.
Wanneer u bloeiende voorjaarsplanten voor bloembollen kiest, kijk dan naar planten die in dezelfde periode bloeien . Houd ook rekening met de hoogte van beide bloeiende planten, zodat ze elkaar niet bedekken. Plaats ze ver genoeg uit elkaar, zodat ze niet te vol worden, maar wel dicht genoeg bij elkaar, zodat ze als een paar worden beschouwd.
Het kan een goed idee zijn om uw bollenlasagne op te graven nadat de planten zijn uitgebloeid en de bollen ergens droog te bewaren gedurende de zomer . U kunt deze bollen dan in de herfst opnieuw in de grond planten, misschien op een stuk gazon of onder een boom met behulp van een bollenplanter, en dan een andere bollenlasagne maken met verse bollen.