Zorg bijvoorbeeld voor goede ventilatie en een aangename temperatuur. Leg je baby op zijn rug te slapen, zodat zijn gezichtje vrij is en hij goed kan ademhalen. Ook kan je hem het beste in een baby slaapzak laten slapen.
Je baby is deze eerste week vooral druk met eten. Om de twee tot drie uur krijgt je kindje trek en is het tijd om hem of haar te voeden, met borstvoeding of flesvoeding. Die behoefte gaat ook 's nachts gewoon door. Dat je baby vrij vanzelfsprekend de tepel of de fles vindt, komt door het zoek- en zuigreflex.
Een pasgeborene heeft geen speelgoed nodig. Het “spelen” bestaat uit kroelen, knuffelen, zachtjes strelen. Praten, zingen, wiegen op schoot of in een draagdoek zijn ook prima spelletjes. Praten is belangrijk voor de ontwikkeling van de spraak/taal.
De eerste weken van je baby staan in het teken van groeien en wennen aan de wereld om hem heen. Ook slaapt hij heel veel. Tot wel zeventien uur per dag, verdeeld over korte slaapjes. Sommige jonge baby's doen heel veel korte slaapjes, andere baby's doen overdag drie, vier langere slaapjes.
Probeer je baby af en toe overdag ook in zijn bedje te laten slapen. Leg hem daarbij slaperig, maar nog niet helemaal slapend, neer. Zo leert je baby om zelf in slaap te vallen. Kinderen die geleerd hebben om zelfstandig in slaap te vallen, slapen dieper en vaak ook langer en worden in de nacht minder vaak wakker.
In week 2 leren jij en je baby elkaar al steeds beter kennen. Hij herkent je vooral aan je geur, maar ook aan je stem want hij kan al prima horen. En als je tot 30 centimeter in zijn gezichtsveld blijft, kan hij je ook goed zien.
U mag na de bevalling meestal vanaf dag 7 of 8 naar buiten met uw baby. Tenzij de verloskundige of kinderarts u een ander advies geeft. Uw baby heeft dan de eerste dagen de tijd gehad een stabiele temperatuur aan te nemen en kan zich nu goed op temperatuur houden.
Wordt je baby 's nachts wakker, doe dan eventueel een klein lampje aan. Houd de nachtvoeding kort, als je die geeft. Voed je baby als hij dat wil, maar zorg dat er minstens twee uur tussen de voedingen zit. Heeft je baby voldoende voeding binnen voor de dag, laat hem dan 's nachts zo lang mogelijk slapen.
Dit kan jouw baby met 1 maand
maakt contact met jou door je aan te kijken. houdt de handjes meer open, in plaats van in een knuistje. kan voorzichtig zijn hoofdje optillen als je hem op zijn buik legt. kijkt graag naar bewegende voorwerpen, bijvoorbeeld naar een mobiel boven de box.
Verzorging. Je pasgeboren baby heeft, naast de voeding, extra vitamine D en vitamine K nodig. Dit helpt bij een gezonde groei. Extra vitamine K heeft je kindje de eerste 12 weken nodig, extra vitamine D moet je kleine slikken tot 4 jaar.
De eerste uren na de geboorte zijn veel baby's erg alert. Ze kijken rond en nemen alles in zich op. Daarna vallen ze vaak een paar uur in slaap, moe van de bevalling en alle indrukken die ze hebben opgedaan. Als de baby dan weer wakker wordt en hij ligt alleen in bed, dan is de kans groot dat hij gaat huilen.
Tot je kindje echt een duidelijk dag en nachtritme heeft ontwikkeld maakt het niet zoveel uit waar je kindje slaapt overdag. Volg hier vooral je eigen gevoel in. Slaapt je kindje fijn bij jou in de draagzak of doek, bovenop jou in jouw armen, of juist in zijn eigen bedje. Het is allemaal goed.
Rust en regelmaat. Huilbaby's zitten in een vicieuze cirkel: door het vele huilen worden ze ontzettend moe en krijgen ze hoofdpijn. Hierdoor raken ze weer overprikkeld en huilen ze nog meer. Het belangrijkste voor zo'n kindje, en eigenlijk voor ieder kind, is rust en regelmaat.
Zodra je baby weer op of rond zijn geboortegewicht zit en een stabiele lichaamstemperatuur heeft, mag je voor de eerste keer naar buiten met je baby. Je kraamverzorgende houdt dit goed in de gaten en kan je hierover informeren. Meestal kan je tegen het einde van je kraamweek het eerste uitje ondernemen.
Het geluid en de bewegingen hebben vaak een rustgevend effect op je baby. Ook een manier om je baby te kalmeren: geef je baby een massage. Dat geeft je baby een gevoel van geborgenheid. Laat je baby met zijn buik op je arm liggen en tik je baby zachtjes op z'n billen.
Een ideale kamertemperatuur voor een slapende baby is 16 tot 20 graden Celsius. Je baby mag dan slapen in slaapkleding met een dekentje of slaapzakje. Slaapkleding is fijn zittende kleding. Dat hoeft niet perse een pyjama te zijn.
Laat je baby in eigen bedje slapen:
Vooral overdag hebben ouders dan de neiging maar wat toegeeflijk te zijn en het kindje in de box of op schoot te laten slapen. Het gevaar daarvan is dat de baby helemaal niet meer in zijn eigen bedje wil slapen en bovendien ook overprikkeld raakt.
Na de bevalling mag u gewoon douchen. Zolang u nog bloedverlies heeft, mag u niet in bad. Ook mag u zolang u vloeit geen gebruik maken van tampons. Om infectie te voorkomen is het belangrijk om na het plassen even af te spoelen of te vegen met een nat washandje.
Na de bevalling ben je direct zo'n vijf kilo kwijt. Naast je baby ben je ook het vruchtwater en de placenta kwijt. Tijdens de kraamweek verlies je nog eens vier kilo. De kilo's die dan overblijven, is een laagje extra vet.
Blijf de eerste dagen in bed en vermijd traplopen omdat dit belastend is voor je bekken en bekkenbodem. Je kunt evt. wel het liggen afwisselen met zitten en kleine stukjes lopen op dezelfde verdieping als waar je slaapkamer is.
Dreumesen en peuters. Dreumessen en peuters hebben 12 tot 14 uur slaap per etmaal nodig. Dreumessen kunnen vanaf ongeveer anderhalf hun ochtenddutje overslaan, en inruilen voor een lange middagslaap. Peuters gaan normaal gesproken tussen 19:00 en 20:00 naar bed en worden wakker tussen 6.00 en 8.00.
1 - 4 weken
Je baby slaapt 14 tot 18 uur per etmaal. Te vroeg geboren baby's slapen over het algemeen langer dan volgroeide baby's en baby's met krampjes slapen minder. Over het algemeen slapen baby's in korte periodes van twee tot vier uur.