Wanneer de huid of het vel nog op de plek zit, dan beschermt dat het weefsel er onder al een beetje. Deze huid zal droger en harder worden, net als het weefsel eronder. De blaar zal dan meestal na ongeveer een week zo goed als weg zijn.
Wanneer je last hebt van een blaar, is het beste om de huid lekker met rust te laten. Hierdoor zal de blaar indrogen, waardoor de blaar vanzelf geneest. Als de blaar niet vanzelf geneest is het aan te raden om even langs een pedicure of huisarts te gaan, om de gesloten blaar open te prikken.
Houd een naald evenwijdig met de huid en prik een paar keer aan de basis van de blaar.Druk met een steriel kompres het vocht uit de blaar. Reinig de wonde en de huid rondom opnieuw. Droog de wondomgeving af.
Maak de blaar en omgeving schoon met stromend water of ontsmettingsmiddel. Gebruik een steriele blaarprikker (bloedlancet) of een naald (uit de naaidoos) die ontsmet is met ontsmettingsalcohol. Prik de huid op twee plaatsen door aan de basis van de blaar. Druk met een gaasje de blaar voorzichtig leeg.
Hoe herken je een ontstoken blaar? Een ontstoken blaar is te herkennen aan de rode kleur van de omringende huid en het groene of gele vocht binnenin de blaar. We raden het af om een ontstoken blaar of bloedblaar zelf door te prikken.
Komt er pus of viezigheid uit de wond of krijg je last van koorts, dan kan er sprake zijn van een wondinfectie. Raadpleeg dan altijd een arts! Na een dag of vijf begint de regeneratiefase van de wond, ook wel de opbouwfase genoemd. Dit duurt gemiddeld tussen de 5 en 20 dagen.
Veel voorkomende symptomen zijn roodheid van de huid en uitslag. U kunt ook andere symptomen ervaren, zoals jeuk, pijn en gevoeligheid. Ga naar een arts als u met pus gevulde blaren heeft of een huidinfectie die niet verbetert of steeds erger wordt.
De blaren jeuken meestal en ze kunnen gevuld zijn met vocht. Die blaasjeseczeem houdt meestal twee tot vier weken aan, en het kan gerelateerd zijn aan seizoensgebonden allergieën of stress.
Wat gebeurt er als je een blaar niet doorprikt? Als u een blaar niet doorprikt, zal deze meestal vanzelf genezen. Het vocht binnenin de blaar helpt de huid eronder te beschermen terwijl het geneest. Door de blaar niet door te prikken, minimaliseert u het risico op infectie en wordt het genezingsproces versneld.
Wanneer de druk of wrijving tijdig stopt, zal de blaar spontaan verdwijnen. Als de druk blijft, zal de blaar zich verder uitbreiden. Na enige tijd kan deze openscheuren, zodat het vocht er uitvloeit. Hierdoor ontstaat een wonde die in contact komt met de 'buitenwereld' en gemakkelijk kan ontsteken of besmet worden.
Over het algemeen zal een blaar die doorgeprikt is vrij snel genezen. Wanneer de huid of het vel nog op de plek zit, dan beschermt dat het weefsel er onder al een beetje. Deze huid zal droger en harder worden, net als het weefsel eronder. De blaar zal dan meestal na ongeveer een week zo goed als weg zijn.
Kan je met blaren doorlopen? Je kunt met een blaar prima kilometers maken, mits je 'm goed behandelt. De pijn kan het wandelplezier wegnemen, maar door de blaar goed af te plakken, moet de pijn afnemen. Blarenpleisters zorgen namelijk voor een soort tweede huid die de blaar beschermt.
Als een blaar kapot is gegaan, dan kun je inderdaad een blarenpleister gebruiken. Het is wel belangrijk dat je de wond en de daaromheen gelegen huid goed ontsmet, alvorens je de kapotte blaar afdekt. Wanneer je dit niet doet dan is de kans aanwezig dat er een nare infectie ontstaat.
Spuit wat ontsmettingsmiddel op de blaar en dep. Gebruik een steriele naald, houd hem evenwijdig met de huid en prik langs weerszijden van de blaar. Druk het vocht uit de blaar met een steriel gaasje of een proper wattenstaafje.
Prik de blaar op verschillende plekken in de buurt van de rand door met de naald. Laat de vloeistof weglopen, maar laat de huid boven de blaar zitten. Breng een antibiotische zalf of vaseline aan op de blaar en bedek deze met een niet-klevend verband of gaasje . Snijd na enkele dagen de dode huid weg.
Er ontstaan blaren, waarbij de huid vaak niet meer heel is. Op sommige delen van het lichaam wordt de huid heel dik (bijvoorbeeld op de rug of het been) Genezing: meestal tussen de 3-6 weken. Een diepe tweedegraads brandwond kan na een maand of langer nog vanzelf genezen.
Blaren genezen meestal vanzelf of na de behandeling van de blaar. Uiteindelijk zal het wondkorstje loslaten en zal er nieuwe huid over de wond groeien. Afhankelijk van de diepte en grootte van de blaar kan dit enkele dagen tot weken duren.
Prik je vervolgens een blaar open, dan komen de roetdeeltjes in de open blaar. In roetdeeltjes zitten chemische substanties die je beter niet op een gekwetste huid aanbrengt. Daarom is het niet slim om een naald in een vlam te houden. Wil je de naald ontsmetten, dan doe je dat met een ontsmettingsmiddel, niet met vuur.
Vaseline helpt ook goed om op de blaar en de omliggende huid te smeren omdat de wrijving dan minder wordt en de kans op nieuwe blaren wordt kleiner.
Na een paar dagen drogen de blaasjes in en worden het korstjes. In totaal duren waterpokken ongeveer 10 dagen. Vanaf 2 dagen vóórdat de blaasjes verschijnen is het al besmettelijk. Waterpokken blijft besmettelijk totdat alle blaasjes een korstje hebben.
Een blaasje, in medische termen ook wel vesikel of vesicle genoemd is een holte in de opperhuid, gevuld met helder vocht. Een vesikel is kleiner dan een blaar, meestal wordt een grens van 1 centimeter gehanteerd. Als er veel ontstekingscellen in het vocht aanwezig zijn, wordt het vocht troebel. Dan heet het een pustel.
De huid verkleurt paarsachtig rood. Het onderliggende weefsel sterft af, waardoor het donker kleurt. Bij gasgangreen ten slotte sterven de weefsels in en rond de wonde snel af, in een tijdspanne van enkele uren. Hierdoor wordt de wondzone zwart.
De meest voorkomende klachten zijn misselijkheid, overgeven en diarree (geen koorts).In ernstigere gevallen treden ook verschijnselen als hoofdpijn, spierkramp en tijdelijke veranderingen in bloeddruk en hartslag op.
Als er nauwelijks doorbloeding is, is de kans op wondjes en infecties groot. Wanneer deze infectie zich uitbreidt kan het weefsel afsterven, wat zich uit in donkerblauwe of zwarte verkleuringen. Dit wordt necrose (bij een droge wond) of gangreen ( koudvuur , bij een natte wond) genoemd.