Nu hebben we een belangrijk stadium in de ontwikkeling naar het meer ontwikkelde leven te pakken: een cel met mitochondriën die voor de energie zorgen. Planten, dieren en schimmels bestaan uit dergelijke cellen.
Mitochondriën worden aangetroffen in de cellen van bijna elk eukaryotisch organisme, inclusief planten en dieren . Cellen die veel energie nodig hebben, zoals spiercellen, kunnen honderden of duizenden mitochondriën bevatten. Een paar soorten cellen, zoals rode bloedcellen, hebben helemaal geen mitochondriën.
Een dierlijke cel is een cel zoals die bij dieren voorkomt. Zo'n cel bestaat van buiten naar binnen uit een membraan en het cytoplasma; een celwand zoals bij bacteriën en bij planten ontbreekt. In het cytoplasma bevinden zich de overige celorganellen zoals golgiapparaat, mitochondriën en het endoplasmatisch reticulum.
In bijna alle lichaamscellen zijn mitochondriën te vinden. Het zijn de energiefabrieken van de cel. Eén van hun functies is het maken van energie. Ons lichaam heeft deze energie nodig om goed te functioneren.
O.a. zeesterren, kwallen en zeekomkommers hebben helemaal geen gespierde pomp nodig om hun lichaam van zuurstof te voorzien. Hooguit hebben ze een soort primitieve terugslagklep die ervoor zorgt dat hun bloedachtige substantie in de juiste richting stroomt, als er al bloed aanwezig is in hun lichaam.
De kleine, minder dan 10-cellige parasiet Henneguya salminicola leeft in zalmspieren. Naarmate het dier evolueerde, stopte het, een myxozoïsche verwant van kwallen en koralen, met ademhalen en het verbruiken van zuurstof om energie te produceren.
Een octopus heeft drie harten
Met je hart moet je zuinig zijn, wij mensen hebben er namelijk maar één van. Octopussen hebben niet een, twee maar drie harten. Daarvan is eentje het hoofdhart, dat bloed door het hele lichaam pompt. De andere twee bijharten pompen de zuurstof van de kieuwen naar het hoofdhart.
Nu hebben we een belangrijk stadium in de ontwikkeling naar het meer ontwikkelde leven te pakken: een cel met mitochondriën die voor de energie zorgen. Planten, dieren en schimmels bestaan uit dergelijke cellen. Ook al uw lichaamscellen bevatten mitochondriën (de enige uitzondering op die regel zijn zaadcellen).
Cellen bestaan uit verschillende celorganellen: kern, kernmembraan, chromosomen, endoplasmatisch reticulum, Golgi-lichaampjes, ribosomen, mitochondriën, lysosomen, chloroplasten, vacuolen, enz. De kern is het belangrijkste onderdeel van een cel.
Duursporters: Hebben een hoger aantal mitochondriën in hun spiercellen om langdurige, aerobe energieproductie te ondersteunen. Dit maakt hun spieren efficiënter in het produceren van energie over langere tijd.
Het is bovendien geen verrassing dat mitochondriën zowel in planten als dieren voorkomen , wat erop duidt dat er grote overeenkomsten zijn in regulering, energieproductie, gebruikte substraten, etc.
Planten hebben beide, mitochondriën en chloroplasten.
Planten hebben chloroplasten (die dierlijke cellen niet hebben) om energie te produceren door zonlicht om te zetten, maar dierlijke cellen hebben meer mitochondriën nodig om energie te produceren tijdens de ademhaling . Daarom zijn mitochondriën de energiecentrales van de cel.
De evolutionaire explosie die mitochondriën teweegbrengen, blijkt uit het feit dat ze in alle complexe meercellige organismen voorkomen die ooit hebben bestaan , van giraffen tot palmbomen, paddenstoelen en dinosaurussen.
Prokaryoten, zoals bacteriën en archaea, hebben geen membraangebonden organellen zoals mitochondriën.
Mitochondrieën
Mitochondriën zijn membraangebonden celorganellen (mitochondrion, enkelvoud) die het grootste deel van de chemische energie genereren die nodig is om de biochemische reacties van de cel aan te drijven. Chemische energie die door de mitochondriën wordt geproduceerd, wordt opgeslagen in een klein molecuul genaamd adenosinetrifosfaat (ATP).
Mitochondriën, vaak aangeduid als de "energiecentrales van de cel", werden voor het eerst ontdekt in 1857 door fysioloog Albert von Kölliker . Later bedachten ze de naam "bioblasten" (levenskiemen) door Richard Altman in 1886.
Een rode bloedcel is de belangrijkste cel in het menselijk lichaam voor het transport van zuurstof naar alle delen van het lichaam. Het bevat echter geen DNA.
Een eicel is de grootste cel die we kennen van het menselijk lichaam (op de zenuwcellen na). Deze is ongeveer 0,2 mm groot en daarom zichtbaar met het blote oog. Een eicel is dus ongeveer 60.000 keer groter dan een spermacel.
Ja, mitochondriën zijn aanwezig in zowel dierlijke als plantaardige cellen.
Door de evolutietheorie is de mens een dierlijke soort geworden; een zoogdiersoort om precies te zijn. Als dit klopt dan bestaat de mens strikt genomen niet. Natuurlijk wel als dierlijke soort, maar niet als aparte categorie naast de dierenwereld.
Het leven op aarde ontstond zo'n vier miljard jaar geleden. De eerste twee miljard jaar bestond dat leven enkel uit kleine, relatief simpele eencellige wezens. De cellen van deze bacterieachtige wezens, die prokaryoten worden genoemd, bevatten relatief weinig DNA en hadden geen celkern waarin dat DNA was opgeslagen.
Negen hersenen
'De hersenen van een octopus zijn dus door het hele lichaam verspreid. De tentakels van het dier kunnen elke willekeurige beweging aannemen, en veranderen zelfs van kleur,' aldus Hiemstra. Inktvissen-expert dr.
Zeevarken. het zeevarken is alles behalve wat je denkt dat het is. Het dier valt binnen de klasse van zeekomkommers en leeft op en net onder de zeebodem. Wel is het beest net als een echt varken verzot op modder en eet het alles wat hij in de modder vindt.
Zeesterren hebben normaal gesproken vijf armen. Toch zie je ze wel eens met minder armen rondkruipen. Meestal is er dan één afgebroken, die later gewoon weer aangroeit.