In een woonwijk heeft verkeer van rechts in principe voorrang op gelijkwaardige kruispunten. Uitzonderingen zijn uitritconstructies (verhoogd trottoir), haaientanden, of voorrangsborden, waarbij je al het verkeer op de weg waar je oprijdt voorrang moet verlenen. Voetgangers zijn geen bestuurders en hebben niet automatisch voorrang. ANWB +4
Voorrangsregels woonwijk
Van rechts komt een tegenligger aan. Als deze persoon uit een uitrit komt, heb jij voorrang. Een uitrit herken je aan een verhoogde stoep, schuin oplopende blokken, soms een doorlopend fietspad en vaak geen rond aflopende bochten (bochtbanden).
Voorrang woonerf
In een woonerf of 30 km zone gelden de normale voorrangsregels. Bij een gelijkwaardig kruispunt hebben bestuurders van rechts dus voorrang. Kom je uit een uitritconstructie (bijvoorbeeld hoogteverschil door een oprit)? Dan moet je alle weggebruikers voor laten gaan.
De volgorde van voorrangsregels is: eerst aanwijzingen (politie, verkeersregelaars, lichten), dan borden/tekens, en als laatste de verkeersregels (rechts gaat voor, rechtdoor op dezelfde weg, korte bocht gaat voor). Altijd voorrang verlenen aan voorrangsvoertuigen (met blauw licht/sirene), trams en voetgangers op een zebrapad. Op een gelijkwaardig kruispunt geldt 'rechts heeft voorrang', tenzij anders aangegeven door borden of een onverharde weg.
Het erf is een plek voor kinderen, voetgangers en fietsers. Zij mogen het erf over de volle breedte gebruiken. Wanneer je het erf verlaat moet je voorrang verlenen aan alle andere verkeersdeelnemers.
Voorrang bij verlaten: als je het woonerf uitrijdt, moet je al het andere verkeer voor laten gaan. Voetgangers gaan voor: houd altijd rekening met spelende kinderen, wandelaars en fietsers.
Het op- of afrijden van een uitrit is een speciale manoeuvre. Bij speciale manoeuvres moet je altijd het overige verkeer voorrang geven. Dit betekent dat wanneer je een uitrit verlaat, je alle andere weggebruikers – inclusief voetgangers en fietsers – voor moet laten gaan.
Voorrang verlenen gaat over bestuurders op een kruisende weg, terwijl er voor de afslaande bestuurders A en B geen kruisende weg is.
De drie belangrijkste voorrangsregels zijn: rechts heeft voorrang (op gelijkwaardige kruispunten, tenzij borden anders aangeven), rechtdoor op dezelfde weg gaat voor op afslaand verkeer, en trams hebben vaak voorrang; daarnaast hebben voetgangers op een zebrapad voorrang en verlenen bestuurders van een onverharde weg voorrang aan bestuurders van een verharde weg. De rangorde is: aanwijzingen (politie, verkeersregelaars) > verkeerslichten > borden/tekens (haaientanden, voorrangsborden) > verkeersregels (rechts heeft voorrang).
Enkele belangrijke verkeersborden
Als u dit bord ziet, rijdt u op een voorrangsweg. U heeft dan bij elke kruising voorrang op de andere weggebruikers. Als u dit bord ziet, heeft u alleen bij het eerstvolgende kruispunt voorrang. Bij dit bord nadert u een voorrangsweg.
Kenmerken van een woonerf
Wil jij een woonerf verlaten? Dan moet je altijd voorrang verlenen aan al het overige verkeer op de kruisende weg. Ook als jij van rechts komt, moet je toch voorrang geven omdat jij uit een uitrit komt. Het einde van een woonerf wordt aangegeven met een verkeersbord.
Zoals bepaald in artikel 45 van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Nee, binnen een erf gelden in principe dezelfde voorrangsregels als bij een 30 km/h zone. Officieel hebben alleen bestuurders van rechts hebben voorrang. Voetgangers zijn geen bestuurders.
Alle bestuurders op de verharde weg hebben voorrang op bestuurders op een onverharde weg. Ook als deze bestuurder van rechts komt. Let op! Deze regel geldt alleen voor bestuurders en niet voor voetgangers.
De volgorde van voorrangsregels is: eerst aanwijzingen (politie, verkeersregelaars, lichten), dan borden/tekens, en als laatste de verkeersregels (rechts gaat voor, rechtdoor op dezelfde weg, korte bocht gaat voor). Altijd voorrang verlenen aan voorrangsvoertuigen (met blauw licht/sirene), trams en voetgangers op een zebrapad. Op een gelijkwaardig kruispunt geldt 'rechts heeft voorrang', tenzij anders aangegeven door borden of een onverharde weg.
Alle soorten verkeer delen op een woonerf de ruimte, maar de voetganger heeft voorrang.
Prioriteitsregels zijn een reeks richtlijnen die worden gebruikt om het relatieve belang of de voorrang van verschillende substituenten of functionele groepen te bepalen bij het specificeren van de stereochemische configuratie van organische verbindingen.
De hoofdregel, rechts heeft voorrang
In principe geldt dat bestuurders die van rechts komen op gelijkwaardige kruispunten voorrang krijgen. Maar dat geldt ook weer niet altijd. Zo gaan verkeerstekens zoals haaientanden boven verkeersregels en gaan verkeerslichten weer boven verkeerstekens.
Bij bijzondere manoeuvres, zoals een uitrit, keren of achteruitrijden, moet je al het overige verkeer voorrang verlenen. Als de bestuurder van een onverharde weg komt, geldt 'rechts heeft voorrang' niet. De bestuurder op de onverharde weg moet de bestuurders op de verharde weg voorrang verlenen.
Doorgaande weg
Blijf jij rechtdoor rijden en een ander wil afslaan op dezelfde weg of vanuit dezelfde richting, dan moet jij altijd voorrang krijgen. Denk er om dat dit andersom ook geldt; als een fietser op dezelfde weg als jij rijdt, en jij wil afslaan, dan krijgt de rechtdoor gaande fietser voorrang.
Benader het kruispunt vanaf de uiterst linkerkant. Blijf aan de uiterst linkerkant bij het naderen van het kruispunt. Blijf uit de buurt van gemarkeerde voetgangersoversteekplaatsen. Verleen voorrang aan voertuigen die van rechts naderen .
De verkeersboete voor het niet verlenen van voorrang kost je € 350 (2026) exclusief administratiekosten. Zorg er daarom voor dat je goed op de hoogte bent van de verkeersregels. Dan weet je precies waar en wanneer je wel of geen voorrang moet geven. Meestal ontvang je de boete binnen vier tot zes weken.
Heb je voorrang als je uit een woonerf komt? Rijdt u een woonerf uit, dan gelden in principe dezelfde voorrangsregels als overal gelden. Er gelden dus geen bijzondere voorrangsregels. Het kan echter zijn dat er bij het verlaten van een uitrit een drempel is of een verhoging.
Haal alle spullen, inclusief boodschappentassen, uit de auto of berg ze op in de kofferbak . Verwijder de bevestigingen van externe navigatiesystemen. Laat nooit voertuigdocumenten in de auto achter, zoals uw rijbewijs of kentekenbewijs.
Bij een uitrit moet hij alle weggebruikers, dus ook voetgangers, op de doorgaande weg dan voor laten gaan. Bij een 'gewone' zijweg moet hij dan juist voorrang krijgen (artikel 15 RVV 1990). Dit gaat nogal eens mis, en dat kan tot langdurige juridische kwesties leiden.