Opleggen straf door Openbaar Ministerie Het OM mag voor een aantal veel voorkomende strafbare feiten zelf een straf opleggen. De rechter doet dan geen uitspraak.
Strafbaar feit bepaalt hoogte boete
de omstandigheden; wie u als persoon bent (leeftijd, verleden met justitie).
De officier van justitie beslist
Mogelijke besluiten: de zaak wordt niet verder vervolgd (geseponeerd), de officier van justitie bepaalt de straf, de zaak gaat door naar de rechter, die beslist over de straf.
Tegenover het gepleegde strafbare feit staat een straf die in verhouding is tot de ernst van het feit en die de dader treft in een belang dat hem dierbaar is, bijvoorbeeld zijn vrijheid of geld; voorkomen dat een dader nog een keer in de fout gaat. De rechter legt daarvoor de meest passende straf en/of maatregel op.
Bij een veroordeling is een politierechter gebonden aan het opleggen van een maximale gevangenisstraf van 12 maanden, ook al staat er een hoger maximum in het wetboek van strafrecht. Overigens kan ook een werkstraf worden opgelegd, wat ook vaak gebeurd.
De belangrijkste straffen zijn een boete, een taakstraf en gevangenisstraf. De rechter kan ook maatregelen opleggen.
De politierechter is een alleensprekende rechter. De zittingen van de politierechter zijn openbaar. Aan het einde van de zitting doet de politierechter vrijwel altijd direct mondeling uitspraak.
Meestal begint een strafzaak bij de politie. De officier van justitie besluit vervolgens wel of niet te vervolgen. Bij vervolging doet de rechter een uitspraak (vonnis).
De zwaarte van de straf moet in de eerste plaats gebaseerd zijn op de schade die het vergrijp heeft veroorzaakt en niet op de intentie van de dader . De straf mag ook niet zwaarder zijn dan nodig is om afschrikwekkend te werken.
Voorbeelden van uitspraken zijn een vonnis, beschikking en arrest.
Het Nederlandse strafrecht kent drie hoofdstraffen: de celstraf, de taakstraf en de geldstraf.
Er bestaat veel onduidelijkheid over, maar in Nederland is – als enige land in de Europese Unie- levenslang ook echt levenslang. Iemand die wordt veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf, zal in principe dan ook tot aan zijn dood in detentie blijven zitten.
Het verschil tussen levenslang en een gevangenisstraf van 30 jaar in Nederland is significant. Levenslang betekent dat de veroordeelde daadwerkelijk de rest van zijn leven in detentie blijft, terwijl een straf van 30 jaar na die periode eindigt, mogelijk gevolgd door voorwaardelijke vrijlating.
De officier van justitie beslist na de behandeling van de zaak of de verdachte wordt vervolgd of niet. Geen vervolging? Je ontvangt een sepotbrief met uitleg waarom de verdachte niet wordt vervolgd.
Aan het indienen van hoger beroep zijn zeker risico's verbonden. In het strafrecht kunt u bijvoorbeeld een hogere straf opgelegd krijgen. Tevens zit u een zekere tijd in onzekerheid. De hele zaak moet opnieuw worden behandeld.
Tijdelijke of levenslange gevangenisstraf
Een gevangenisstraf kan tijdelijk zijn (maximaal 30 jaar). Of levenslang. De levenslange gevangenisstraf is de zwaarste straf die Nederland kent.
Uiteindelijk moet een eerlijke en effectieve straf niet alleen toekomstige overtredingen voorkomen, maar ook een waardevolle levensles leren . Hoewel sommige straffen misschien standaard lijken: een huisarrest voor het overtreden van de avondklok, een straf voor wangedrag in de klas, een gevangenisstraf voor diefstal, zijn niet alle straffen zo duidelijk.
Het is aan de rechter om te bepalen welke straf er moet worden opgelegd en hoe hoog deze straf zal zijn. Het is daarbij belangrijk dat de straf in de samenleving als verdiend moet kunnen worden ervaren. Op die manier kan eigenrichting voorkomen worden.
De rechter onderzoekt wat er precies aan de hand is, hij kijkt naar alle informatie die hij daarvoor krijgt en wat erover in de wet en andere rechtsbronnen staat. Op basis daarvan doet hij een uitspraak. Iedereen moet zich aan die uitspraak houden.
Het OM is leidend in het onderzoek en de politie voert de opsporing uit. Elk opsporingsonderzoek staat onder leiding van een officier van justitie. Deze persoon zorgt dat de opsporing volgens de regels van de wet gebeurt. Het OM zorgt ook dat verdachten voor de rechter verschijnen.
Hoger beroep wordt ingesteld in ongeveer 10 % van de zaken. Hiervan slaagt zo'n 40 %. Het komt dus niet zo vaak voor, maar hoger beroep maakt meer kans dan u denkt.
Het is voldoende om de rechter aan te spreken met 'meneer / mevrouw (de rechter)'. Daarnaast is het belangrijk om 'u' te zeggen en om de rechter niet te onderbreken wanneer hij of zij aan het woord is. Het is niet nodig om de aanspreektitel 'edelachtbare' of 'weledelgestrenge' te gebruiken.
Korte uitleg over 'meervoudige kamer'
Een kamer van een gerecht, bestaande uit ten minste drie rechters. De meervoudige kamer beslist over zware of ingewikkelde zaken. In hoger beroep worden de zaken veelal door een meervoudige kamer behandeld.