De gemeente regelt een tijdelijk maatwerkvoorziening zoals (extra) huishoudelijk hulp, begeleiding thuis of opvang elders. De gemeente start ook meteen het onderzoek naar de persoonlijke situatie.
De Wmo gaat uit van maatschappelijke ondersteuning en betrekt het sociale netwerk, terwijl Wlz gericht is op het bieden van langdurige intensieve zorg zonder de betrokkenheid van het sociale netwerk.
Kort gezegd komt het erop neer dat u via de Wmo een vergoeding kunt krijgen voor alle ondersteuning in en om het huis, zoals aanpassingen in de woning, huishoudelijke hulp en vervoersvoorzieningen. Ook ondersteunt de Wmo zaken als mantelzorg (hulp van familie en vrienden), vrijwilligerswerk en voorlichting.
U komt in aanmerking voor een Wmo-voorziening als u voldoet aan de volgende voorwaarden: U bent niet meer zelfredzaam en u kunt niet meer meedoen in de samenleving omdat u een aandoening of een beperking hebt. Of omdat u langdurige zorg nodig hebt. U hebt geen of onvoldoende mogelijkheden het zelf op te lossen.
Bij de berekening van de eigen bijdrage kijken we ook naar vermogen zoals spaargeld, beleggingen of een tweede woning. In 2024 werken we met de toetsbedragen van € 31.747 (alleenstaand) en € 63.494 (met partner): Het vermogen tot het toetsbedrag telt niet mee voor de eigen bijdrage.
Algemene uitgangspunten van de Wet langdurige zorg
Iedereen betaalt daaraan mee via premies en belastingen. Iedereen die in Nederland woont, heeft recht op zorg uit de Wlz als hij aan de voorwaarden voldoet die daarvoor gelden. De Wlz is een volksverzekering.
Bij een CIZ indicatie 5 is dus continu intensieve zorg en toezicht nodig. Dit is vaak zwaar voor een mantelzorger. Inwonende thuiszorg is daarom mogelijk een goede oplossing.
U kunt alleen in een verzorgingshuis gaan wonen met een zogeheten 'indicatie voor verblijf' van het CIZ (Centraal Indicatieorgaan Zorg). De toekomstige bewoner kan zo'n indicatie zelf bij het CIZ aanvragen, eventueel samen met een familielid of mantelzorger.
Zorgprofiel en startdatum
Binnen de Wlz zijn er verschillende zorgprofielen, die passen bij verschillende zorgbehoeften. Het CIZ heeft onderzocht welk zorgprofiel het beste bij uw zorgbehoefte past. Dit zorgprofiel vindt u in de brief. In de brief staat ook vanaf welke datum u recht heeft op Wlz-zorg.
Er zijn verschillende voorzieningen die kunnen geregeld worden vanuit de Wmo, zoals een boodschappendienst, begeleiding, huishoudelijke hulp, dagbesteding of Wmo-vervoer per regiotaxi.
De Gemeentepolis is een collectieve zorgverzekering voor mensen met een laag inkomen. Deze heeft vaak uitgebreide vergoedingen, speciaal voor mensen met een chronische ziekte of beperking.
Gemeenten mogen een eigen bijdrage vragen voor de Wmo-ondersteuning die zij mensen thuis bieden. Voor de meeste Wmo-hulp betaalt u een eigen bijdrage van maximaal € 21,- per maand (bedrag 2025).
Als u alleenstaand bent mag u €31.140 spaargeld hebben voordat uw eigen bijdrage omhoog gaat. De eerste €31.140 is heffingsvrij. Voor echtparen ligt deze grens bij €62.280 in 2023. Heeft u minder dan dit bedrag, dan heeft het geen zin om uw vermogen te verminderen om zo uw eigen bijdrage proberen te verminderen.
In de meeste gevallen kunnen uw kinderen hun deel pas opeisen wanneer u er als langstlevende partner niet meer bent. Dit maakt uw vermogen, en daarmee de eigen bijdrage, onnodig hoog. U kunt dit voorkomen door een AWBZ clausule in uw testament op te (laten) nemen.
De arts mag aan dat verzoek voldoen. Van belang is dat hij alleen die medische informatie verstrekt die voor de gemeente noodzakelijk is om te bepalen of de aanvrager de gewenste Wmo-voorziening krijgt. Met toestemming van de aanvrager mag de gemeente medische gegevens ook rechtstreeks opvragen bij de behandelend arts.
De gemeente mag geen inkomensgrens stellen voor hulp uit de Wmo (officieel Wmo 2015). Wel kunnen gemeenten een eigen bijdrage vragen voor voorzieningen en hulpmiddelen uit de Wmo.
Vanaf 1 januari 2024 verandert uw eigen bijdrage (het abonnementstarief) voor hulp of ondersteuning uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De eigen bijdrage wijzigt van € 19,- naar maximaal € 20,60 per maand.
Voorzieningen die niet worden geregeld via de Wmo zijn: Hulpmiddelen voor tijdelijk gebruik (krukken, rollators , een douchestoel) Indien u een tijdelijk hulpmiddel nodig heeft, moet u contact opnemen met de thuiszorgwinkel, het thuiszorguitleenmagazijn of uw zorgverzekeraar.
Deze hulp noemen wij Schoon Huis. Het is geen grote schoonmaak, alleen noodzakelijke dingen worden gedaan om uw woning schoon en leefbaar te houden. Hoeveel uur huishoudelijke hulp u ontvangt bepaalt uw zorgaanbieder. Met een maximum van 108 uur per jaar.