Een thermoshirt draag je doorgaans bij temperaturen onder de 10°C om het lichaam warm en droog te houden. Het is ideaal als eerste laag tijdens sporten of buitenwerk in de herfst en winter. Bij temperaturen onder het vriespunt ( < 0 ∘ C < 0 ∘ C ) is een thermoshirt vrijwel onmisbaar voor comfort en het behoud van spierwarmte. Plutosport +3
Onder een thermoshirt draag je niets (direct op de huid) voor optimale werking, of een dun, vochtafvoerend ondergoed van materialen zoals bamboe voor extra comfort en om irritatie te voorkomen, vooral bij intensieve activiteiten; het thermoshirt dient als de essentiële eerste laag in het gelaagde kledingsysteem. Over het thermoshirt komt een isolerende laag (zoals fleece) en een buitenlaag (jas).
Een belangrijke vraag die je jezelf moet stellen is dan ook: welke thermokleding kan ik dragen bij welke temperatuur? Zodra het kwik daalt en de temperatuur onder het vriespunt komt, is het sowieso verstandig om thermokleding onder je gewone sportkleding te dragen!
Warmte: Beide stoffen zijn warm, maar thermokleding is warmer dan alle andere stoffen , vooral bij vriesweer. Jassen van fleece zijn comfortabel om te dragen en bieden warmte, maar kunnen te dun zijn voor koude dagen – er zouden dan extra lagen kleding overheen nodig zijn.
Het antwoord is: Ja, dat kan! Maar het hangt wel af van hoe koud het is. Bij een temperatuur van rond de 10 graden Celsius kun je nog steeds een T-shirt dragen, maar je hebt waarschijnlijk wel iets extra's nodig, zoals een lange broek en een jas.
De 3-3-3-regel in de mode houdt in dat je 3 tops, 3 broeken/rokken en 3 paar schoenen kiest die je makkelijk met elkaar kunt combineren . Deze 9 items vormen een 'mini-garderobe' waarmee je toch veel outfitmogelijkheden hebt zonder dat het saai wordt.
Intensieve training: korte broek en T-shirt, eventueel een windjack, lange broek en lichte handschoenen voor de warming-up en cooling-down. 10-12 °C is warm genoeg om in een T-shirt te hardlopen , zeker als het zonnig is.
Voor echt warme thermoshirts zijn merinowol (zoals van Woolpower of Icebreaker) de beste keuze vanwege uitstekende isolatie en vochtafvoer, vooral de dikkere varianten zoals Woolpower 400 voor extreme kou. Synthetische opties zoals Odlo X-Warm met fleece zijn ook zeer warm, terwijl lichtere synthetische shirts beter zijn voor actieve sporten.
Goede thermokleding heeft twee voordelen. Ten eerste zorgt het vasthouden van lucht dicht bij de huid voor een microklimaat rond het lichaam, waardoor warmteverlies wordt verminderd . Ten tweede vermindert de stof van thermokleding de afkoeling door verdamping. Wanneer zweet van de huid verdampt, heeft dit een verkoelend effect op het huidoppervlak.
Met materialen als wol, fleece en flanel maken ze kleding die de lichaamswarmte goed vasthoudt en de kou buiten houdt. Laten we eens nader bekijken welke stoffen het meest geschikt zijn om je warm te houden tijdens winterse buitenactiviteiten.
Een thermoshirt werkt het beste door direct op de huid te dragen, als een strakke, maar comfortabele basislaag, om lichaamswarmte vast te houden en zweet snel af te voeren, waardoor je een geïsoleerde luchtlaag creëert die je warm en droog houdt zonder dat je oververhit raakt, vooral in combinatie met ademende buitenlagen. Het is cruciaal dat het vocht transporteert; bij te losse kleding blijft zweet hangen, bij te strakke kleding kan het de beweging belemmeren.
15 – 20 graden Celsius
MATERIALEN: lichte wol, leer, waterdichte stoffen . Daaronder tops en shirts van katoen en andere dunne stoffen. BELANGRIJKSTE KLEDINGSTUKKEN: de trenchcoat bij bewolkt weer; het leren jack bij wind.
Bij 15 graden draag je best laagjes: een T-shirt of top met lange mouwen als basis, een jeans of broek, en een lichte jas zoals een spijkerjack, blazer, trenchcoat of vest, afhankelijk van de zon en wind, zodat je iets kunt uittrekken als het warmer wordt, zegt Nike, Fashion Musthaves en My Jewellery. Een jurk met een vest of jasje kan ook, en voor koukleumen is een dikker vest of een winddichte jas een goede optie, met aandacht voor wind en vocht.
Thermoshirts zijn ontworpen om extra warmte te bieden door lichaamswarmte dicht bij de huid vast te houden. Ze worden vaak als basislaag gedragen bij koud weer, maar kunnen ook als losstaand kledingstuk worden gedragen bij mildere temperaturen .
Het dragen van twee lagen thermokleding heeft niet zo veel zin. Het is beter om te investeren in een goede basislaag (thermokleding) en een isolerende midlayer (een fleece bijvoorbeeld). Zo blijft er meer lucht in je kleding hangen en dat is voor het lichaam makkelijker warm te houden.
0 °C tot 10 °C | Milde winterkou
Dit heb je nodig: Basislaag: Lichtgewicht thermokleding (boven- en onderstuk) om de warmte vast te houden. Tussenlaag: Fleecejack of licht donsjack voor isolatie. Buitenlaag: Een lichtgewicht waterafstotende jas voor slecht weer.
Controleer 's ochtends bij het wakker worden de binnentemperatuur. Als die lager is dan 18 graden Celsius , draag dan thermokleding onder je gewone kleding.
Die extra laag houdt zweet vast en maakt het kledingstuk dikker , waardoor je het kouder krijgt in plaats van warmer. Goedkope synthetische stoffen kunnen hetzelfde effect hebben: je raakt oververhit tijdens het bewegen en koelt te snel af als je stilstaat.
Let bij het passen van thermokleding goed op de manchetten, kraag en tailleband. Deze moeten nauwsluitend zijn om te voorkomen dat koude lucht binnendringt en warme lucht ontsnapt. Als je gemakkelijk een vinger onder de manchetten en kraag kunt schuiven zonder dat de kleding te los zit, heb je waarschijnlijk de juiste maat gevonden.
De beste thermokleding combineert goede isolatie met ademend vermogen en draagcomfort. Merken als Woolpower, Craft, of Helly Hansen staan bekend om hun kwaliteit. Voor intensieve activiteiten is synthetisch vaak beter door snellere droging, terwijl merinowol ideaal is voor langdurige warmte.
Bij erg koud weer kan je 2 dunne thermoshirts over elkaar dragen, tussen de lagen vormt zich een warm luchtlaagje. De tweede laag of isolatielaag dient te zorgen voor warmte en isolatie en voert het zweet ook verder naar buiten.
Katoen draagt in de zomer lekker koel en neemt snel vocht op. Het nadeel hiervan is dat bij zeer warm weer of tijdens het sporten, de stof vochtig wordt van het zweet en gaat plakken. Daarom wordt sportkleding ook niet van katoen gemaakt en is het geen aanrader om in een katoenen shirt intensief te gaan trainen.
Welke jas dragen onder de 10 graden
Een gewatteerde coat zoals een puffer jacket of een winterjas komen dan van goed pas. Kies bij voorkeur voor een jas met een oversized fit, zodat je elke trui of sweater onder je winterjas kunt dragen. Let ook goed op de lengte van je jas.
20+ graden: Dunne truien van katoen, linnen of lichte breisels zijn ideaal voor warmer weer. 15-20 graden: Lichte sweaters of dunne wollen truien, ideaal voor de lente en herfst. 10-15 graden: Warme truien van wol of kasjmier, eventueel gecombineerd met een jas voor extra comfort.
Was T-shirts op maximaal 30 of 40 graden, afhankelijk van het waslabel. Hierin staat namelijk aangegeven op hoeveel graden je de shirts mag wassen. Een droger lijkt lekker makkelijk, maar is de voornaamste reden van krimp. Tijdens het drogen verdampt het vocht, door de hoge temperaturen die er ontstaan.