In principe zijn er vier zwemslagen: borstcrawl, schoolslag, rugcrawl en vlinderslag.
De reglementen van de zwemsport onderscheiden momenteel vier zwemslagen; borstcrawl, rugcrawl, schoolslag en vlinderslag.
Vlinderslag is de zwaarste zwemslag binnen de vier zwemslagen (schoolslag, borstcrawl, rugcrawl en vlinderslag). De vlinderslag is ooit voorgekomen vanuit de schoolslag en is daarmee de 'jongste zwemslag'. Bij vlinderslag haalt de zwemmer met twee armen tegelijk over en door het water.
Er zijn verschillende slagen waarmee men zich voortbeweegt: borstcrawl, rugcrawl, schoolslag, rugslag en vlinderslag. Zwemmen wordt gezien als een zeer gezonde vorm van recreatie en lichaamsbeweging.
De borstcrawl is de snelste en meest efficiënte zwemslag, waardoor het de favoriete keuze is voor wedstrijdzwemmen en langeafstandszwemmen. Het biedt een uitstekende training voor het hele lichaam en verbrandt veel calorieën.
Vrije slag is de snelste slag bij het zwemmen , wat deze slag een van de beste maakt voor calorieverbranding. Gemiddeld verbrand je ongeveer 300 calorieën voor 30 minuten zwemmen. Vrije slag zwemmen verstevigt je buik, billen en schouders. Vrije slag zou de grootste impact hebben op het verstevigen van de rugspieren.
Hoeveel calorieën je precies verbrandt, is afhankelijk van welke zwemslag je doet en de kracht waarmee je die uitvoert. Vlinderslag spant de kroon qua calorieënverbranding: een half uurtje vlinderslag is goed voor ongeveer 450 calorieën.
Zwemmen kan zelfs helpen buikvet te verliezen.
Dit betekent dat zelfs een eenvoudige schoolslag bijvoorbeeld tot 500 calorieën per uur kan verbranden. Met wat meer inspanning, kan je zelfs tot 700 calorieën per uur verbranden!
De vrije slag
De borstcrawl wordt vaak gezwommen als “vrije slag” omdat het de snelste manier van zwemmen van de zwemslagen is. Maar als er in een wedstrijd “vrije slag” staat mag je ook schoolslag, vlinderslag of rugslag zwemmen.
De kracht en spieren die je nodig hebt met vlinderslag gaat je goed helpen bij de borstcrawl. Vooral de catch en doorhaal kracht die nodig is bij vlinderslag (twee armen tegelijk insteken, catch en doorhalen) gaat je helpen bij de borstcrawl.
Baantjes zwemmen om af te vallen.
In korte tijd verbrand je veel calorieën. Afhankelijk van je zwemsnelheid verbruik je met een half uurtje schoolslag 200 tot 350 calorieën en met een half uur borstcrawl zelfs 250 tot 400 calorieën. Wanneer je gewicht wilt verliezen is het belangrijk dat je regelmatig aan sport doet.
Vrije slag: Ook wel frontcrawl of "vrije" genoemd - dit is de snelste slag en de slag die de meeste zwemmers het langst kunnen doen zonder moe te worden - ironisch genoeg is het veel vermoeiender voor een beginner dan schoolslag of (voor sommigen) rugslag. Bij het oefenen is vrije slag de standaardslag om te doen.
Het meest terugkerende probleem bij de beenbeweging schoolslag zijn de 'steekvoeten'. Kinderen strekken de voeten tijdens de stuwfase, maar kunnen hierdoor maar weinig water verplaatsen en halen te weinig rendement uit hun beenslag. Kinderen die dit fout hebben aangeleerd, hebben een hardnekkig probleem.
Vlinderslag (butterfly)
Dit is de moeilijkste van de zwemstijlen - en de zwaarste! Maar waarschijnlijk ook daarom de coolste van de vier zwemstijlen, omdat zo weinig mensen de vlinderslag kunnen zwemmen (of de kracht ervoor hebben).
Als je wilt werken aan meer mobiliteit van de wervelkolom (stijve onderrug) dan raden we de schoolslag of vlinderslag aan. De vlinderslag is ook ideaal voor mensen die veel achter een computer werken, om de borst meer te openen en een kromme bovenrug te voorkomen.
Vlinderslag is de beste zwemslag om je buikspieren te trainen.
Vlinderslag. De vlinderslag is een moeilijke vermoeiende slag en daardoor een uitstekend trainingsmiddel om je uithoudingsvermogen te vergroten. Na de borstcrawl is de vlinderslag de snelste zwemslag.
Als de meest efficiënte zwemslag is de vrije slag een populaire keuze voor competitieve zwemevenementen, waaronder de Olympische Spelen. Sterker nog, veel Olympische zwemmers geven de voorkeur aan de vrije slag vanwege de snelheid en eenvoud.
Aangezien zwemmen een cardiovasculaire inspanning is, werkt het ook in het voordeel van je bloeddruk en cholesterolniveau.Die gaan dalen, waardoor de kans op hart- en vaatziekten verkleint. Om dit positief effect te ervaren, zou je wel minstens drie keer per week zo'n 30 minuten moeten zwemmen.
Wanneer zwemt, train je tegelijkertijd meer spieren dan bij de meeste andere sporten, omdat je niet alleen de spieren van de benen en bilspieren inschakelt, maar ook de armen, schouders, borst en rug. Met andere woorden, je hele lichaam werkt mee. Zwemmen kan daarbij zelfs helpen om wat buikvet te verliezen.
"De vlinderslag is de meest veeleisende, die het hele lichaam traint en de meeste calorieën verbrandt", zegt Hickey. "De schoolslag komt op de tweede plaats en de rugslag op de derde." Het afwisselen van de intensiteit van je work-out heeft ook geweldige resultaten, merkt Rizzo op.
Ksebati en Lepinski zeggen dat een goede beginners- of tussentraining 1.000-1.500m is, of 20-30 rondjes , wat ongeveer een half uur zou moeten duren. Begin met een korte warming-up – misschien een 4x50 op een rustig tempo – om je hartslag omhoog te krijgen.
Met zwemmen train je alle grote spiergroepen, wat vrij uniek is en je maar bij een paar sporten ziet! Je versterkt vooral je rug en armen en krijgt hier dus op den duur een bredere rug van. Als je regelmatig zwemt, worden je spieren niet persé breder, maar juist krachtiger.
Zoals alle slagen in het algemeen, is de schoolslag casting erg effectief voor het versterken van de buikspieren . Dankzij de bewegingen van de armen en benen, kunt u ook de schouders, taille en billen trainen. Wees echter voorzichtig om het niet te overdrijven, anders loopt u het risico uzelf uit te putten, vooral in de heupen en knieën.
Dit omdat je tijdens het zwemmen meer van het hormoon serotonine produceert. De inspanning van het zwemmen geeft je meer energie dan het je kost. Vlak na het sporten heb je meer energie beschikbaar dan een paar uur eerder, toen je vermoeid thuiskwam van je werk.