Bij het thoracic outlet syndroom (TOS) zitten zenuwen, aders en slagaders in het gebied van de hals en schouder beklemd tussen de rib, het sleutelbeen en de bijbehorende pezen en spieren. Dit geeft pijnklachten. Soms is er sprake van een aangeboren afwijking: de halsrib die voor extra vernauwing zorgt.
Behandeling met een elastische kous aan de arm om stuwing tegen te gaan. Behandeling met medicijnen die een bloedstolsel oplossen of voorkomen. Injectie met botox in een spier of verschillende spieren. Behandeling via het bloedvat vanuit de lies of arm waarbij we bijvoorbeeld dotteren of een stent plaatsen.
Bij mensen met TOS wordt, bij het heffen van de arm, deze ruimte smaller waardoor de vaatzenuwbundel bekneld raakt. De oorzaak hiervan is vaak een gevolg van irritatie die ontstaat door herhaaldelijke bewegingen met de arm, een doorgemaakt trauma of een toename van spiermassa.
De testen die worden gebruikt om TOS vast te stellen zijn: De Roos test. De Wright test (hyperabductietest)De Adson test.
Hoe ontstaat een taalontwikkelingsstoornis? TOS is een neurobiologische ontwikkelingsstoornis, die erfelijk is. Wat de precieze oorzaak van TOS is, is nog niet duidelijk. Omdat er verder niets met het kind aan de hand lijkt, is een taalontwikkelingsstoornis een onzichtbare beperking.
Je kind praat onverstaanbaar.Je kind begrijpt vaak niet wat iemand zegt.Je kind kent weinig woorden.Je kind zegt alleen losse woorden of hele korte zinnen.
Kinderen met TOS kunnen zich bijvoorbeeld terugtrekken uit de sociale omgang. Hierdoor lijkt hun gedrag op een stoornis in het autistisch spectrum. Toch verschillen de twee stoornissen wezenlijk van elkaar en mogen we ze niet over één kam scheren.
Gemiddeld genomen duurt de operatie 1-1,5 uur. Na afloop van de operatie blijft u eerst een aantal uren op de recovery (uitslaapkamer). Daarna gaat u weer terug naar verpleegafdeling. U heeft een infuus in uw arm.
Om de diagnose TOS te kunnen stellen wordt de taalvaardigheid van jouw kind onderzocht en in kaart gebracht met verschillende testen. Er zijn taaltests voor het taalbegrip (begrijpen van taal) en de taalproductie (woorden en zinnen kunnen maken). Dit onderzoek wordt gedaan door een logopedist*.
TOS is een neurocognitieve ontwikkelingsstoornis.De hersenen verwerken taal dan niet goed. Mensen met TOS leren hun moedertaal langzaam en moeizaam, ze onthouden klanken en woorden niet goed en ze hebben moeite met grammaticale constructies.
Door deze beknelling kunt u last hebben van: prikkelingen, pijnscheuten of elektrische stroom door het buigen van de nek. pijn of een moe gevoel in 1 of beide armen. gevoelloosheid, doofheid of een tintelend of branderig gevoel in 1 of beide armen of benen.
Oorzaak. Het Thoracic Outlet Syndroom (TOS) wordt veroorzaakt door anatomische structuren die ervoor zorgen dat de ader, slagader en/of zenuw, die door de thoracic outlet loopt, bekneld raakt.
De precieze oorzaak is nog onbekend. TOS kan erfelijk zijn, maar dat hoeft niet. Soms adviseert de logopedist, leerkracht of arts een algeheel ontwikkelingsonderzoek, omdat TOS kan samenhangen met andere stoornissen.
Kenmerken van TOS die veel voorkomen
Het kind is niet goed te verstaan. Het kind lijkt niet te luisteren. Het kind maakt korte zinnen of veel fouten bij het maken van zinnen. Het kind wordt boos of trekt zich terug als hij of zij niet begrepen wordt of anderen niet begrijpt.
Een taalontwikkelingsstoornis (TOS) is een neurocognitieve ontwikkelingsstoornis.Dit betekent dat de hersenen taal minder goed verwerken. Een kind met TOS heeft daardoor bijvoorbeeld veel moeite met praten of het begrijpen van taal. De gevolgen van een taalontwikkelingsstoornis zijn voor ieder kind anders.
Wat is TOS en wat is een taalachterstand
Hierdoor is TOS niet te genezen, aangezien er echt is in de hersenen mis is. Het is wel mogelijk om met TOS te leren omgaan, waardoor het iets makkelijker wordt voor een kind om met de TOS te leven. (H. Gorter, persoonlijke communicatie, 7 december 2019), (Kentalis, z.d.-b).
Een taalontwikkelingsstoornis (TOS) kenmerkt zich door een achterblijvende en afwijkende taalontwikkeling. Kinderen met TOS hebben moeite met taal in zowel gesproken taal (spreken en begrijpen), geschreven taal (lezen en schrijven) en gebarentaal.
Je kind krijgt behandeling voor (een vermoeden van) een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Dit kan zowel op een behandelgroep als thuis. Er verandert dan veel voor je kind, maar ook voor jou. Er kan veel op je afkomen.
Tips als je kind TOS heeft:
Praat rustig en gebruik geen moeilijke woorden. Lees veel voor en moedig je kind aan om te reageren. Verbeter je kind niet, maar herhaal wat hij of zij heeft gezegd, maar dan op de juiste manier.
Deskundigen van het audiologisch centrum
Audiologieassistent: voert hooronderzoeken uit. Logopedist: specialist in taal- en spraakproblemen. Gedragsdeskundige: betrokken bij diagnostiek en advies rondom TOS.
De meeste kinderen met TOS gaan naar het regulier onderwijs. Dat is een gewone bassischool of middelbare school. Sommige kinderen met TOS hebben extra ondersteuning op school nodig. Soms kan dat op de reguliere school zelf.
Bij een taalontwikkelingsstoornis wordt taal in de hersenen minder goed verwerkt. Net als dyslexie is TOS een onzichtbare handicap die kinderen enorm kan belemmeren in hun ontwikkeling. Ongeveer 5% van de bevolking heeft TOS. Een kind met TOS heeft moeite met praten en het begrijpen van taal.
De precieze oorzaak is nog onbekend. Kinderen met TOS hebben moeite met taal. Verder lijkt er niets met ze aan de hand te zijn. Daarom is TOS een onzichtbare handicap.