Belangrijke levenswijze
De traditionele waarden die het hindoeïsme in India heeft opgebouwd (zoals respect, eerbied voor god en het doen van je plicht), worden in een vorm gegoten van levenswijze en rituelen. Het gaat vooral om reïncarnatie en de karma-leer.
Ze gaan over goden en helden en hebben een filosofische en psychologische boodschap. Bijvoorbeeld dat je altijd moet kiezen voor de waarheid en het goede moet doen. Het hindoeïsme heeft tien belangrijke leefregels, zoals niet liegen, niet stelen, niet jaloers zijn, tevreden en niet hebberig zijn.
Hindoes geloven dat je reïncarneert na je dood.Hoe fijn je volgende leven is, wordt bepaald door hoe je je in je huidige leven gedraagt, karma. De religie heeft vele goden, maar eigenlijk geloven hindoes maar in één god. Alle andere goden zijn gedaantes van die één goddelijke kracht, brahman.
Hindoeïsme is een godsdienst die met name in India wijd verbreid is. In de hindoeïstische traditie werden marteling en mishandeling al in de 3e eeuw v.C. verboden. Oude hindoeïstische teksten zijn ook gekant tegen de doodstraf. Krijgsgevangenen moeten humaan worden behandeld en zo snel mogelijk vrijgelaten.
Veel vrouwen in India hebben een stip op hun voorhoofd. De tikka staat symbool voor bescherming en zou het boze oog afwenden. Er zijn vele kleuren, vormen en symbolen.
Er zijn vier Purusharthas — artha (rijkdom), kama (verlangen), dharma (rechtvaardigheid) en moksha (bevrijding) . Deze kunnen worden beschouwd als de vier doelen van de hele mensheid. Er zijn andere verwijzingen in de Tamil-literatuur naar deze doelen, uitgewerkt door K.
De meeste hindoes geloven in één goddelijke kracht in het universum, genaamd Brahma. Andere goden worden gezien als gedaantes van deze goddelijke kracht. Net als de christenen kennen de hindoes een drie-eenheid: Brahma (de schepper), Vishnu (de beschermer) en Shiva (de verwoester).
In het hindoeïstische geloof wordt aangenomen dat een huwelijk (vivaha) tussen twee individuen een heilige verbintenis is die buiten deze wereld ligt.
Dit zijn de tien kenmerken van dharma: dhrti (geduld), kśama (vergeving), dhamah (zelfbeheersing), asteya (niet stelen), shaoca (reinheid), indriyanigraha (beheersing van organen), dhii (welwillend intellect), vidyá (spirituele kennis), satyaḿ (liefde voor de waarheid) en akrodha (niet-woede).
In de joodse cultuur is de rustdag de sabbat (van vrijdagavond tot zaterdagavond), voor moslims is er geen echte rustdag, al wordt er tijdens het vrijdaggebed niet gewerkt, in boeddhistische landen was vroeger de Uposatha (vollemaandag) de rustdag, en hindoes hebben geen specifieke heilige dag.
We hebben veel gemeen met andere religies, maar koesteren ook onze eigenheid. Jezidisme is de oudste godsdienst ter wereld met oeroude wortels in de Soemerische beschaving.
Wie heeft animisme bedacht? Animisme is het allereerste geloof ter wereld. Niemand heeft het uitgevonden. Het ontstond doordat wereldwijd mensen verklaringen zochten voor de dingen die gebeurden.
Atman (Sanskriet, n., आत्मन्, ātman, ook jivatman) is zelf, ziel, geest, diepere essentie van ik, bewustzijn. Het is in een van de betekenissen synoniem met Brahman. Het is etymologisch verwant aan het Nederlandse adem en het Duitse Atem, beide Indo-Europese talen.
Brahma (IAST: Brahmā) (Devanagari ब्रह्मा, uitgesproken als /brəhmɑː/) is in de hindoefilosofie de personificatie van het scheppende aspect van de goddelijke Hindoe-drieëenheid of Trimurti. Het onderhoudende aspect wordt vertegenwoordigd door Vishnoe en het transformerende aspect door Shiva of Maheshvara.
Belangrijke thema's in het hindoeïstische geloof zijn onder meer karma (actie, intentie en gevolgen), saṃsāra (de cyclus van dood en wedergeboorte) en de vier Puruṣārthas, de eigenlijke doelen of doelstellingen van het menselijk leven, namelijk: dharma (ethiek/plichten), artha (welvaart/werk), kama (verlangens/passies) en moksha (bevrijding/vrijheid van passies en ...
Veel hindoes passen echter het "ahimsa" (geweldloosheid) concept toe op hun voedingspatroon en verdedigen vegetarisme. Als gevolg van verschillen in filosofische opvattingen en verschillen in voedingsbehoeften bij moderne hindoes, wordt alle vlees, behalve geiten-, schapen-, kippenvlees en vis als taboe beschouwd.
Een Hindoe ziet het hele universum als van God en alles in het universum als God . Hindoes geloven dat ieder mens intrinsiek goddelijk is en dat het doel van het leven is om de goddelijkheid in ons allemaal te zoeken en te realiseren. Het Hindoe-geloof is totaal niet-exclusief en accepteert alle andere geloven en religieuze paden.
Een hindoe leeft volgens de regels en tradities van het hindoeïsme en bidt tot hindoegoden. Het lijkt alsof er verschillende goden zijn, maar het zijn verschillende vormen van één god: Brahman. Dit is een oppermachtige ziel of geest zonder vaste vorm of gedaante. Maar Brahman is overal en in alles aanwezig.
Moksha is het ultieme doel in het leven voor hindoes. Het betekent gered worden (redding) . Wanneer een hindoe moksha bereikt, breken ze uit de cyclus van samsara. Hindoes streven ernaar de cyclus van samsara te beëindigen door goed karma te verkrijgen, wat betekent goede acties en daden te doen.
In hindoeïstische rituelen wordt aangenomen dat de kleur rood en bloemen geluk brengen en als zeer veelbelovend worden beschouwd. Samen creëren het gouden net, het veelkleurige bloemenmotief en het gouden gota-kant een weelderig en spiritueel opbeurend accessoire, perfect voor elke veelbelovende gelegenheid.
Wanneer het een rode stip, tika genaamd, is, verwijst dat naar hun gehuwde staat. Tegenwoordig dragen ook niet-gehuwde vrouwen soms deze rode stip, louter als versiering.
Het merkteken staat bekend als een bindi . En het is een hindoeïstische traditie die dateert uit de derde en vierde eeuw. De bindi wordt traditioneel door vrouwen gedragen voor religieuze doeleinden of om aan te geven dat ze getrouwd zijn. Maar tegenwoordig is de bindi ook populair geworden onder vrouwen van alle leeftijden, als schoonheidsmerk.