Contra-indicaties voor nitroglycerinepleisters zijn met name ernstige hypotensie (systolische bloeddruk < 90 mmHg), shock, acute circulatoire insufficiëntie, verhoogde intracraniële druk, ernstige anemie, pericarditis constrictiva en overgevoeligheid voor nitraten. Gebruik met PDE5-remmers (o.a. sildenafil) is eveneens gecontra-indiceerd. College ter Beoordeling van Geneesmiddelen +3
Contra-indicaties
ernstige anemie; acuut falen van de bloedsomloop waaronder (hypovolemische) shock; ernstige hypotensie (systolische bloeddruk < 90 mmHg); cardiogene shock (behalve bij een voldoende hoge einddiastolische druk in het linkerventrikel door intra–aortale counterpulsatie of positieve inotropica);
Nitroglycerine Teva behoort tot een groep medicijnen die nitraten wordt genoemd. Deze nitraten verwijden de bloedvaten, waardoor de hartspier ontlast wordt. Nitroglycerine Teva is een pleister voor transdermaal gebruik, die nitroglycerine bevat.
Trinipatch 5mg - 10mg - 15mg transdermale pleisters worden gebruikt alleen of in associatie met andere antiangineuze geneesmiddelen zoals bètablokkers en/of calciumantagonisten om alle vormen van aanvallen van angina pectoris te voorkomen, zoals inspanningsangina pectoris en angina pectoris in rust.
De pleister dient na 24 uur vervangen te worden door een nieuwe pleister en de nieuwe pleister dient op een ander gedeelte van de huid aangebracht te worden. De behandeling moet gestopt worden zodra de intraveneuze infusie wordt beëindigd. De behandeling mag maximaal 5-6 dagen duren.
Symptomen van zuurstoftekort in het hart zijn vaak pijn op de borst (angina pectoris) met een drukkend, beklemmend gevoel, uitstralend naar kaak, armen, rug, of maag, gepaard met zweten en misselijkheid; bij hartfalen merk je daarnaast kortademigheid (vooral bij inspanning), extreme vermoeidheid, opgezwollen enkels en benen, koude handen/voeten, en 's nachts wakker worden met benauwdheid. Deze klachten wijzen op een verminderde zuurstoftoevoer naar de hartspier en organen, wat dringend medisch onderzoek vereist.
De vier belangrijkste medicijnen bij hartfalen (de "Fantastic Four") zijn ACE-remmers (of ARNI's), bètablokkers, MRA's (aldosteronantagonisten) en SGLT2-remmers, die samen de pompfunctie van het hart verbeteren, de bloeddruk verlagen, vocht afvoeren en het hart beschermen tegen littekenvorming. Deze medicijnen verminderen symptomen, voorkomen ziekenhuisopnames en verlengen het leven bij patiënten met hartfalen met verminderde pompkracht (HFrEF).
Bij acuut hartfalen krijgt u meestal een lis-plasmidel, zoals furosemide, om de vocht in de longen te verminderen of nitroglycerine. Nitroglycerine verwijdt de bloedvaten, met name de vaten die het bloed náár het hart leiden. Ook verlaagt het de bloeddruk.
bètablokkers: verlagen het hartritme. Hierdoor heeft het hart minder zuurstof nodig. bloedverdunners (plaatjesremmers): zorgen ervoor dat de bloedplaatjes minder snel samen kunnen klonteren. cholesterol verlagende medicijnen: zorgen ervoor dat de hoeveelheid cholesterol in het bloed lager wordt.
Een eilandpleister gebruikt u bij de wat grotere wonden. Dit kunnen schaafwonden of snijwonden zijn. Maar ook wanneer u bijvoorbeeld een wond hebt van een operatie. De eilandpleister zorgt er voor dat de wond volledig omsloten wordt en met deze reden dus ook niet geinfecteerd kan worden.
Het Martini Ziekenhuis maakt als eerste in Nederland gebruik van een slimme pleister om hartritmestoornissen te detecteren. Patiënten kunnen daarmee tot vijf dagen in hun eigen huis hun hartritme in kaart brengen.
Een transdermale pleister is een doseringsmiddel voor de toediening van geneesmiddelen. De pleister wordt voor dat doel op de huid geplakt. De werkzame stoffen in de pleister worden opgenomen door de huid en komen zo in de bloedbaan terecht. Dit is een beginnetje over geneeskunde.
Nitroglycerine is een vaatverwijder. Bij angina pectoris (hartkramp). Ook om een aderontsteking (tromboflebitis) te voorkomen als u een infuus krijgt die ten minste 2 dagen duurt. U krijgt dit medicijn als een pleister.
Er zijn verschillende producten die de bloeddruk verhogen. Het is verstandig om het gebruik van deze producten te vermijden of te beperken. Het gaat daarbij vooral om zout en zoutrijke producten, producten die glycyrrhizinezuur bevatten en alcohol. Groente en fruit helpen juist de bloeddruk te verlagen.
Voor angina pectoris krijg je meestal “trombocytenaggregatieremmers”. Deze medicijnen remmen de klontering van de bloedplaatjes (trombocyten). Daarom worden ze ook vaak bloedplaatjesremmers genoemd. Voorbeelden bij de behandeling van angina pectoris zijn: acetylsalicylzuur (bekend als aspirine) en clopidogrel.
Medicatie na een myocardinfarct: de 'gouden vijf'
Tenminste 90 procent van de patiënten krijgt medicatie voorgeschreven na een hartinfarct, de 'gouden vijf': aspirine, thienopyridine, statine, bètablokker en een ACE-remmer. Vaak slikt de patiënt deze medicijnen levenslang.
Er zijn grofweg twee hoofdsoorten hartinfarcten – acuut (met hevige klachten) en stil (zonder duidelijke pijn) – maar medisch gezien worden ze ook onderverdeeld in types op basis van oorzaak en ernst (zoals Type 1 met volledige verstopping, Type 2 met zuurstoftekort), waarbij een 'stil infarct' vaak een kleiner, onopgemerkt infarct is dat achteraf op een hartfilmpje te zien is.
Er is niet één "beste" medicijn tegen een hartritmestoornis; de keuze hangt af van het type stoornis, maar veelvoorkomende medicijnen zijn bètablokkers (zoals metoprolol, bisoprolol), calciumblokkers (zoals verapamil, diltiazem) om de hartslag te vertragen, en ritme-medicijnen (zoals flecaïnide, amiodaron) om het normale ritme te behouden. Digoxine (Lanoxin®) wordt vaak gebruikt bij boezemfibrilleren, vooral als andere medicijnen niet volstaan. Een arts bepaalt de juiste behandeling, vaak in combinatie met bloedverdunners.
Nitroglycerine mag niet worden gebruikt bij patiënten met: - overgevoeligheid voor nitroglycerine en/of organische nitraten in het algemeen of voor één van de andere (niet werkzame) bestanddelen; - toegenomen intracraniale druk (bij hoofdtrauma of cerebrale bloeding); - onvoldoende cerebrale perfusie; - pericarditis ...
Wat zijn enkele bijwerkingen? Enkele veelvoorkomende bijwerkingen van nitraten zijn hoofdpijn, blozen, duizeligheid, flauwvallen, lage bloeddruk (hypotensie) en hartritmestoornissen (aritmie). Meld alle bijwerkingen aan uw arts.
De vier belangrijkste medicijnen bij hartfalen (de "Fantastic Four") zijn ACE-remmers (of ARNI's), bètablokkers, MRA's (aldosteronantagonisten) en SGLT2-remmers, die samen de pompfunctie van het hart verbeteren, de bloeddruk verlagen, vocht afvoeren en het hart beschermen tegen littekenvorming. Deze medicijnen verminderen symptomen, voorkomen ziekenhuisopnames en verlengen het leven bij patiënten met hartfalen met verminderde pompkracht (HFrEF).
Als u zich houdt aan de vochtbeperking, hoopt zich minder vocht in uw lichaam op. Uw hart wordt daardoor minder belast. De pompfunctie van uw hart kan zich dan enigszins herstellen. Door de betere pompfunctie wordt het dorstcentrum minder geprikkeld.
ESC 365 - Ablatie van atriale fibrillatie is de vijfde pijler in de behandeling van HFrEF: vervolg.
Dit zijn: