Net als de meeste moderne bedrijven deelde de VOC ook een jaarlijkse winst uit onder haar aandeelhouders. Wat wel anders liep bij de Compagnie was dat haar dividend varieerde tussen de 12- en 63 procent.
De VOC was in 1637 op de beurs 78 miljoen gulden waard. Als je dat omrekent naar nu, dan zou dat 7,9 biljoen dollar zijn, zo'n 6,7 biljoen euro. Daarbij is gerekend met een inflatie van iets meer dan 3 procent per jaar. De VOC was verreweg het grootste beursgenoteerde bedrijf dat ooit heeft bestaan.
Antwoord: Omdat de VOC een monopolie had op de handel met Aziatische landen. Verder had het bevoegdheden die normaal alleen landen hadden, zoals het sluiten van handelsverdragen, het voeren van oorlog en het besturen van overzeese gebieden. Tot slot was de handel in kruiden en specerijen erg lucratief!
Vlak voordat de zeepbel in 1637 barstte, was het bedrijf 78 miljoen Nederlandse guldens waard, wat neerkomt op 8,2 biljoen dollar (6,3 biljoen pond) in 2020-dollars , wat gelijkstaat aan het gezamenlijke BBP van Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.”
Ondergang en kritische kijk op de VOC
De schuld van het bedrijf was intussen opgelopen tot 120 miljoen gulden. Uiteindelijk werd het alleenrecht verlengd tot 31 december 1799. Dit betekende het einde van de VOC.
Dit deed de zeereizen niet vaak goed. De VOC maakte een cruciale fout: de concurrentie onderschatten. De Compagnie bezat een monopolypositie op de handel van verschillende specerijen: kruidnagels, foelie en nootmuskaat. Maar er kwam een verschuiving in de vraag naar producten.
Ze handelde veel specerijen zoals: Nootmuskaat en foelie. En de VOC kon veel geld verdienen met de nootmuskaat. Maar de Banda Eilanden gingen ook met andere mensen handelen. Dat vond de VOC niet leuk en had de VOC de halve bevolking uitgeroeid.
In de 17e eeuw en 18e eeuw waren er verschillende handelsposten van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC) in het Midden-Oosten. Naast de Portugezen was de VOC de enige westerse macht die in dit gebied handel dreef. Er werd vooral gehandeld in parels, rozenolie, zijde, wol, Arabische gom en wierook.
Gedurende de bijna twee eeuwen van haar bestaan rustte de VOC 4721 keer een schip uit voor de vaart naar Azië, bijna 1700 in de zeventiende en meer dan 3000 in de achttiende eeuw. In totaal kwamen 3356 retourschepen terug. Op het toppunt van haar macht had de VOC zo'n 25.000 werknemers in Azië in dienst.
De soldaat
Om de uitgestrekte Nederlandse bezittingen tegen indringers te beschermen, had de VOC zo'n 15.000 soldaten in dienst. Zestig tot zeventig procent van het VOC-personeel in Azië bestond uit soldaten.
De Zeeuwse VOC-kantoren en de VOC-werf waren in Middelburg gevestigd. Op de werf aan en achter de huidige Maisbaai zijn tot 1794 zo'n 336 schepen te water gelaten. In totaal zijn van de meer dan 2000 VOC-schepen zo'n 675 schepen vermist of vergaan, dichtbij het vaderland of in den vreemde.
Maar het fundament van de rijkdom werd gelegd met de handel in Europa: de graanhandel en houthandel op het Oostzeegebied of moedernegotie. In de Europese- en wereldeconomie ging Amsterdam een zeer belangrijke rol spelen. De bloeiende handel leidde tot een grote en zeer rijke klasse van kooplieden.
Waarom Was Peper zo Duur en Toch Zo Populair? Mensen waren bereid hoge bedragen voor peper te betalen vanwege de unieke smaak die het toevoegde aan hun gerechten, maar ook vanwege de schaarste en het exclusieve karakter.
In 1602 verkrijgt de VOC het Nederlandse monopolie op alle handel in de Aziatische wateren vanaf Kaap de Goede Hoop. In naam van de Republiek mag de compagnie verdragen sluiten, oorlogen voeren en veroverde gebieden besturen. In een relatief korte tijd verovert de VOC strategische plekken.
De meeste slaven voerde de VOC niet zelf aan. Slavernij kwam in Azië ook al voor de komst van de Europeanen voor. Het belang van de slavenhandel voor de Compagnie was relatief beperkt en zou naar schatting een half procent van de totale waarde van de VOC-handel in de achttiende eeuw uit hebben gemaakt.
Reken je dat om in dollars van 2012 dan was Microsoft op het hoogtepunt 851 miljard dollar waard geweest. Dit alles steekt nog altijd magertjes af bij het meest waardevolle bedrijf aller tijden: de Verenigde Oost-Indische Compagnie, ofwel de VOC.Die was in 1637 78 miljoen gulden waard.
Zeelieden van de VOC vermoordden binnen enkele dagen tussen de 5000 en 10.000 Chinezen. Ze werden nooit gestraft. De Europese kooplieden die vanaf de zestiende eeuw de Indonesische archipel binnenzeilden waren niet de eerste 'buitenlanders' die er kwamen handeldrijven. Lang voor hun komst waren er al Chinezen actief.
VOC-werf op Oostenburg
Ongeveer de helft van tussen 1602 en 1799 gebouwde VOC-schepen (gerekend in tonnage) werd in Amsterdam op stapel gezet. De bouw van een Retourschip duurde anderhalf jaar. Jaarlijks werden in Amsterdam drie van zulke schepen gebouwd.
En dat leverde heel veel geld op, omdat iedereen wel inzag dat de V.O.C wel winst ging maken. In totaal haalden ze wel zo'n 6.000.000 gulden op. Dat was héél veel geld. Ze waren ook de eerste die met dit idee van aandelen kwamen, wat het nog genialer maakte.
Kosten bouwen van een schip.
- Volgens N.H. Kamer ( Het VOC retourschip) kostte de bouw van hetzelfde schip aan het einde van de 20e eeuw rond f.15.000.000.
De VOC was in 1637 op de beurs 78 miljoen gulden waard. Als je dit bedrag omrekent naar dollars kom je uit op een bedrag van jawel, 7,9 trillion dollar. In het Nederlands zou dat 7,9 biljoen dollar zijn. De collega-journalisten van RTL Z calculeerden dat we dan praten over 6,7 biljoen euro.
De schepen van de VOC moesten een hele reis maken om in Nederlands-Indië te komen. Een reis naar Batavia, dit was de hoofdstad van Nederland-Indië, duurde gemiddeld acht maanden.
Johan van Oldenbarnevelt
In 1602 werd in Middelburg besloten om de VOC op te richten, nadat Van Oldenbarnevelt en Prins Maurits de compagnieën dwongen om samen te werken. Op 20 maart werd ze officieel leven ingeblazen en verkreeg de compagnie het monopolie over de Hollandse handel met het oosten.
Naast de uitgifte van aandelen schreef de VOC ook leningen uit om het bedrijf te financieren. Dit gebeurde al in 1603 toen de Kamer van Amsterdam een lening verstrekte. Vanaf 1622 (en mogelijk ook eerder) gaven de kamers obligaties uit met een looptijd van meestal zes maanden en na 1670 ook wel voor één jaar.
De 17e eeuw was een gouden eeuw voor Nederland. Er werd veel geld verdiend met de handel. Rijke kooplieden bouwden grote grachtenpanden. Hun rijkdom was ook binnen het huis te zien.