Waarom inkomstenbelasting over spaargeld? De belasting over spaargeld wordt geheven in box 3 van de inkomstenbelasting. Die box 'Inkomsten uit vermogen'. Het idee daarachter is dat je niet betaalt over wat je aan vermogen hebt - maar wel over de inkomsten die je uit dat vermogen haalt.
Als je op 1 januari 2022 niet meer dan €50.650,- aan spaargeld of beleggingen hebt, betaal je geen vermogensrendementsheffing. Voor fiscale partners ligt de belastingvrije grens bij €101.300,-. Het spaargeld en beleggingen die je belastingvrij mag hebben is groter dan voorgaande jaren.
Tot €50.000 geen belasting
Bij de belastingaangifte over 2021 is de vrijstelling € 50.000. In 2020 was dit nog € 30.846. Voor partners geldt een dubbele vrijstelling: €100.000 in 2021. Boven deze bedragen ga je belasting over je vermogen betalen.
Hoeveel spaargeld mag je hebben 2021? In het jaar 2021 mag je een heffingsvrij vermogen hebben van € 50.000. Met een partner is het heffingsvrij vermogen vastgesteld op € 100.000.
De heffing over het vermogen stijgt naarmate je meer bezit. De heffing varieert van 0,59 procent tot maximaal 1,76 procent over je vermogen minus de vrijstelling. Over een vermogen tot 100.000 euro betaal je aan heffing: 100.000 – 50.000 (vrijstelling) = 50.000 euro x 0,59 procent = 295 euro.
In Nederland geldt er geen limiet voor de hoeveelheid geld die u in huis mag hebben. Contante bedragen boven de €560 euro moet u wel opgeven bij uw belastingaangifte. Dit is €1120 als u een fiscale partner heeft. Ook de waarde van cadeaubonnen die u in huis heeft telt mee.
Nu: boxenstelsel
Met de IB 2001 is het inkomen ingedeeld in boxen. Spaargeld valt meestal in box 3: de box voor inkomsten uit sparen en beleggen. Toch kan het soms ook in box 1 vallen, de box voor inkomsten uit werk en woning.
Hoeveel geld kun je belastingvrij sparen? In 2022 € 50.650 of € 101.300 voor fiscale partners. In 2023 gaat dit bedrag omhoog naar ongeveer € 57.000, of ongeveer € 114.000 per fiscale partner.
Maar hoeveel mensen hebben eigenlijk een ton aan vermogen? In totaal zijn er in Nederland 2.467.000 huishoudens die meer dan €100.000 aan vermogen hebben (bron). Dat komt neer op 5,18 miljoen mensen.
Veel mensen met 250.000 tot 500.000 Euro aan spaargeld richten zich vaak op vastgoed. Dit werkt als volgt: Met 250.000 euro of meer kun je zonder hypotheek een appartementje kopen dat je vervolgens verhuurt. De maandelijkse huurinkomsten kun je zien als je korte termijn rendement.
Alles wat daarna overblijft, is voor de verkoper. Je krijgt je geld dus niet meteen na de verkoop, er zitten een paar dagen tussen. Als je het geld nodig hebt voor de koop van je nieuwe woning, wordt je geld niet eerst aan jou betaald. Het geld wordt dan namelijk meteen gebruikt bij de aankoop van je nieuwe woning.
Als je op 1 januari 2022 niet meer dan €50.650 aan spaargeld of beleggingen hebt, hoef je geen vermogensrendementsheffing te betalen. In 2021 ligt die grens nog op €50.000. Voor stellen geldt dat straks tot €101.300. Dit heet het heffingsvrije vermogen.
Een manier om belasting te ontwijken is de winst kunstmatig laag te houden, door producten tussen vestigingen te verhandelen voor een onrealistische prijs, die ervoor zorgt dat er alleen winst gemaakt wordt in landen met een zeer lage winstbelasting.
U geeft het totaal aan van uw bank- en spaartegoeden op 1 januari van het jaar waarover u aangifte doet. De waarde van de spaartegoeden hangt af van het tijdstip van rentebijschrijving. De waarde van spaartegoeden met een BEM-clausule (Belegging Erfenis en andere gelden Minderjarigen) moet u ook opgeven.
Vermogen is de waarde van uw bezittingen min uw schulden. Wat u wel en niet als vermogen moet meetellen, is hetzelfde als bij uw belastingaangifte. Spaargeld, aandelen en een vakantiehuis in Nederland of het buitenland tellen bijvoorbeeld mee. Maar het huis waarin u woont en uw auto tellen níét mee als vermogen.
Hoeveel spaargeld heeft een 65-jarige gemiddeld? Volgens onderzoek van het CBS heeft een 65-jarige gemiddeld €59.300 aan spaargeld op zijn bank- en/of spaarrekening staan. De mediaan ligt met €22.500 aan spaargeld een stuk lager dan het gemiddelde.
De meeste banken vallen onder het depositogarantiestelsel. De maximale vergoeding is dan € 100.000 per rekeninghouder, per bank.
Pensioenfondsen gaan ervan uit dat je na je pensioen nog zo'n twintig jaar leeft. Een simpele rekensom leert dan dat je het bedrag dat je jaarlijks nodig hebt, moet vermenigvuldigen met twintig. Stel je bent het gewend om maandelijks 2.000 euro uit te geven, dan heb je al snel 4,5 ton nodig.
In 2022 wordt het rendement voor sparen (rendementsklasse I) -0,01%. Het rendement voor beleggen (rendementsklasse II) wordt 5,53%. Elk jaar worden de rendementen voor sparen en beleggen voor de heffing van box 3 herijkt. Dit gebeurt op basis van de rekenformules die in de Wet inkomstenbelasting 2001 zijn opgenomen.
Klanten van ING die meer dan een ton op hun rekening hebben staan, betalen daar vanaf juli 0,5 procent rente over. Dat geldt voor particuliere en zakelijke klanten. Begin dit jaar werd de grens voor iedereen op 250.000 euro gelegd. Volgens de bank is de wijziging het gevolg van de zeer lage rentes in Europa.
Kast in woonkamer
Zij verklapten dat de eerste en voornaamste plek die ze doorzoeken de woonkamer en keuken zijn, meer bepaald kastlades. Het is dus geen goed idee om juwelen of sleutels in de kast te verstoppen, want de kans is groot dat de inbrekers ze meenemen.