Waar lijkt de Friese taal op? De Friese taal is van oorsprong een Germaanse taal en vertoont daardoor overeenkomsten met andere Germaanse talen; zoals het Nederlands, Engels en Duits.
Het Engels en Fries zijn nauw verwant aan elkaar. Toch is daar tegenwoordig niet zoveel meer van te merken, afgezien van een aantal woorden. Maar het Oudfries en het Oudengels lijken wél veel op elkaar. Bremmer: “Er zijn veel fonologische overeenkomsten tussen het Oudfries en Oudengels.
Het Fries is de taal die het nauwst verwant is aan het Engels en het Schots. Toch lijkt het moderne Fries, na minstens vijfhonderd jaar beïnvloed te zijn door het Nederlands, in sommige opzichten meer op het Nederlands dan op het Engels . Daarbij moet ook rekening worden gehouden met de eeuwenlange verwijdering van het Engels van het Fries.
Typische Friese specialiteiten zijn ondermeer: Fryske Sûkerbôle (suikerbrood), Oranjekoeke (oranjekoek), Drabbelkoeken uit Sneek, Fryske dûmkes, het biertje Us Heit en natuurlijk de enige echte Sonnema Beerenburg of conculega Weduwe Joustra uit Sneek. Heerlijk na een doorwaaide dag op het water.
Koese (slapen), halje-trawalje (haastig, onverwachts) , ferrinnewearje (vernielen), manjefyk (magnifiek). Oefriese woorden zou je zeggen. Mis. Hoewel ze Fries klinken, hebben deze woorden een hele andere oorsprong: het Frans.
De Friezen zijn een groep mensen uit Noordwest-Europa en wonen in een gebied dat bekend staat als Frisia. Ze wonen voornamelijk in Friesland en Groningen, in Nederland, en in Oost-Friesland en Noord-Friesland, in Duitsland. Ze zouden een lang, grofgebouwd en lichtbehaard volk zijn met een rijke geschiedenis en folklore .
In grote lijnen gaat het erom dat je een 'echte' Fries bent als de hele zin, in het Fries dus, zonder fouten kan opdreunen. Andere varianten van deze uitspraak zijn: Bûter, brea en brune sûker (bruine suiker) wa't dat net sizze kin is gjin oprjochte Fries.
Stoer, stug en eigenzinnig; zo staan Friezen alom bekend. Een cliché natuurlijk, of zit er een kern van waarheid in?
Toen de omstandigheden verbeterden, ontving Frisia een toestroom van nieuwe kolonisten, voornamelijk Angelen en Saksen . Deze mensen zouden uiteindelijk 'Friezen' worden genoemd (Oudfries: Frīsa, Oudengels: Frīsan), hoewel ze niet noodzakelijkerwijs afstamden van de oude Frisii.
De Fries is vriendelijk en levendig, mak, intelligent, leergierig en trouw, en is een gewillige werker. Ook heeft het Friese paard een koel hoofd en is daardoor geschikt voor recreatief rijden en buitenritten. Het ras is ook geschikt voor dressuur vanwege de hoge knieactie en zijn betrouwbare gedrag.
De Friese talen werden in 2004 door ongeveer 612.000 mensen als moedertaal gesproken , voornamelijk in de Nederlandse provincie Fryslân (Friesland), en verder in het Duitse Noord-Friesland en Saterland.
Volgens schattingen in het meest recente wetenschappelijk onderzoek, kan 95% van de inwoners van Friesland het Fries goed of redelijk verstaan.
Het Helgolandse dialect van Noord-Fries is waarschijnlijk de taal die het dichtst bij het Engels ligt buiten de Britse eilanden. Helgoland werd 83 jaar lang door het Verenigd Koninkrijk gecontroleerd en dus namen de bewoners van het eiland veel leenwoorden over van hun Britse bezetters.
Hallo zeggen
Fries: Hoi, hoe giet it? In de ochtend kun je zeggen 'goemoarn' (goedemorgen), in de middag kun je zeggen 'goemiddei (goedemiddag) en in de avond kun je zeggen 'goejûn' (goedenavond).
De letters Q en X komen niet voor in authentieke Friese woorden. De Q en X worden alleen gebruikt bij het schrijven/uitspreken van leenwoorden. Zowel in Nederland als in Duitsland wordt er Fries gesproken.
Tussen de drie levende Friese talen bestaat geen of slechts een beperkte wederzijdse verstaanbaarheid. Voor het Noord-Fries geldt zelfs dat enkele van de hiertoe gerekende varianten onder elkaar tot op zekere hoogte niet wederzijds verstaanbaar zijn.
Nadat Napoleon in 1813 werd verslagen en in 1814 een nieuwe grondwet werd ingevoerd, werd Friesland een provincie van het Soevereine Vorstendom der Verenigde Nederlanden . Een jaar later werd het een provincie van het eenheidskoninkrijk der Nederlanden.
Ze hebben een rijke culturele geschiedenis en een aparte taal die overeenkomsten vertoont met zowel het Nederlands als het Engels. Maar een minder bekend feit over de Friezen is hun connectie met de Scandinaviërs. De Friezen en de Scandinaviërs delen een gemeenschappelijke Germaanse afkomst die teruggaat tot de ijzertijd.
Maar de Friezen geloven in Wodan (oppergod), Donar (dondergod) en Freya (godin van de vruchtbaarheid). Dat is volgens de christenen niet het ware geloof. De Friezen worden daarom heidenen (ongelovigen) genoemd en het geloof in hun goden noemt de kerk bijgeloof.
Friezen (mannelijk enkelvoud: Fries, vrouwelijk enkelvoud: Friezin of Friese) zijn de inwoners van de Nederlandse provincie Friesland of daaruit afkomstig, die zichzelf in meer of mindere mate beschouwen als onderdeel van een grotere Friestalige gemeenschap.
De Keltische wortels van de wereldtaal Engels, maar ook van het Fries. Het zijn voorbeelden van recente ontdekkingen op het gebied van de Keltische talen en cultuur.
"Fryslân Boppe!” betekent: “Friesland bovenaan”.
Friezen staan bekend om hun vriendelijke en rustige karakter en sprekende uitstraling. Een Fries paard is makkelijk te herkennen aan de mooie zwarte kleur maar daarnaast zijn er ook nog andere kenmerken waaraan je een Fries kan herkennen. Een Fries heeft namelijk lange en golvende manen en een volle staart.
Het West-Fries heeft de groet môj (1984, uit morrie), het Twents en het Stellingwerfs morn (naast moi), het Afrikaans môre, Papiaments mòru. De Friese variant is moarn (1847); het gebruik daarvan gold nog rond 1900 in veel situaties als ongepast.