In de winter is lucht vanaf zee relatief zachter dan boven land, maar omdat de lucht uit het noorden komt voert deze wind ook in de winter koudere lucht aan. De lucht is dus vaak vochtig en relatief koud. Zowel in de zomer als in de winter komt de temperatuur door een noordenwind lager dan normaal uit.
Noordelijke winden brengen relatief koude lucht van de poolgebieden naar de Britse Eilanden . Terwijl koude poollucht zuidwaarts beweegt over een steeds warmer wordende zee, zorgt de verwarming van de lucht door de zee ervoor dat er cumuluswolken ontstaan.
Oosten-, zuidoosten- en zuidenwind zijn droge en in de zomer hete en in de winter koude winden. Zuidenwind brengt ook vaak warme lucht uit Zuid-Europa met zich mee, een noordenwind koudere poollucht.
Met ook dat subtiele verschil in de wind: Is de wind meer noordelijk dan is het kouder met af en toe meer bewolking. Is de wind iets meer oostelijk, dan is het meteen warm en droog.
Als de wind naar het zuiden draait, wordt er zachte lucht aangevoerd. In de loop van de tijd zal de zuidenwind meer en meer zachtere lucht aanvoeren en dat resulteert in een hogere temperatuur.
De meeste koudegolven komen voor bij een noordoostenwind. Als de wind weken lang uit het noordoosten waait, kan deze extreem koude lucht aanvoeren.
Als de wind uit het noorden komt, is het een noordenwind en brengt vaak kouder weer met zich mee. En als de wind uit het zuiden komt, is het een zuidenwind en brengt vaak warmer weer met zich mee. We kunnen de windrichting ook meten met een windzak.
Denk aan regen en wind
De wind komt het meest uit het zuidwesten, de lucht stroomt dan dus van zuidwest naar noordoost. De regen valt ook het meest richting noorden en oosten.
Arctische lucht is afkomstig uit de poolstreken. Wind uit die richting levert koud weer op. Lucht afkomstig uit de poolstreken, het gebied van de Noordelijke IJszee, Groenland en het noorden van Scandinavië wordt arctische lucht genoemd. In de vaak met sneeuw en ijs bedekte gebieden in het noorden is het koud.
Als het vanuit zee waait, is het relatief zacht in Nederland. Als de wind uit het oosten waait, is het relatief koud. Dus als het in de herfst vaker gaat waaien vanuit zee, dan gaat de gemiddelde temperatuur in de herfst omhoog.
De zuidwestenwind is echt typisch voor het Nederlandse klimaat en voor vrijwel alle landen op onze breedtegraad. Tussen ongeveer 30 graden noorderbreedte en 60 graden noorderbreedte is de zuidwestenwind dominant. Nederland bevindt zich op ongeveer 52 graden noorderbreedte.
Wind van land naar zee is koud, land koelt sneller af dan water. In de zomer is het bij aflandige wind (oostenwind) warm. In de winter bij aflandige wind (oostenwind) koud.
De zomermoesson waait in het zuidwesten, omdat de wind op het noordelijk halfrond naar rechts afbuigt.
Zo zou een noordenwind bijvoorbeeld heel goed uit de koude poolgebieden kunnen komen en dus koeler weer of lucht met zich meebrengen: " Als er een noordenwind waait, brengt hij sneeuw ."
Een noordenwind ontstaat in het noorden en waait in zuidelijke richting. De wind heeft een historische en literaire betekenis, omdat het vaak koud weer en seizoensveranderingen op het noordelijk halfrond aankondigt.
Föhn-effect
Een warme, droge wind die aan de lijzijde van een bergketen ontstaat. Hoewel de naam oorspronkelijk uit de Europese Alpen komt, wordt deze nu wereldwijd als algemenere term voor dit type wind gebruikt.
Zowel de Noordpool als de Zuidpool zijn erg koud omdat ze het hele jaar door erg weinig direct zonlicht krijgen . Dit heeft te maken met waar de polen zich bevinden op de bolvormige Aarde. De Noordpool bevindt zich bovenaan en de Zuidpool bevindt zich onderaan.
Kies je in een kamer op het noorden voor kleuren zoals bruin en oranje, dan laat je de ruimte warmer lijken. Heb je liever geen kleur in huis, grijp dan niet meteen naar de witkwast. Ook niet als je hoopt dat een kleine kamer daardoor groter lijkt.
Als je de overkapping wilt gebruiken als ontspanningsruimte, dan is een beschutte plek in de tuin ideaal. Voor een buitenkeuken of eetruimte is het handig om de overkapping dicht bij het huis te plaatsen. Als je de overkapping vooral als opslagruimte wilt gebruiken, kan een plek achterin de tuin handig zijn.
Bij de bouw van een open stal wordt meestal rekening gehouden met de heersende windrichting. Dat betekent dat veel stallen in Nederland met de open kant op het zuidoosten worden gebouwd.
Grote variaties in noordenwind van jaar op jaar
Gemiddeld over de periode van 1960 tot nu tellen april en mei 23 dagen met een noordenwind (figuur 2). Dit jaar is uitzonderlijk met maar liefst 37 dagen. Gemiddeld komt dit maar eens in de 15 jaar voor.
Dit is alleen het geval op het noordelijk halfrond. Daar zijn de winden uit het noorden koud omdat ze uit meer poolgebieden komen . Het tegenovergestelde geldt voor het zuidelijk halfrond. Hier zijn de winden uit het zuiden kouder, omdat ze uit Antarctische gebieden komen.
Overheersende winden - de overheersende winden in het Verenigd Koninkrijk waaien vanuit het zuidwesten , over de Atlantische Oceaan. Dit brengt warme, vochtige lucht die helpt om milde en natte winters te produceren.
De lange reis naar het noorden van het VK is minder opgewarmd dan de korte reis naar het zuiden. Ook worden de zonnestralen in het noorden onder een lage hoek verspreid en meer van bovenaf geconcentreerd in het zuiden . Dit verklaart waarom het in de zomer in het zuiden warmer is en in het noorden kouder.