Dessertrijst voor risotto? Ja, dankzij de goede kwaliteit van onze Arborio en het romige resultaat, maar ook de stevigheid bij de beet, kun je de dessertrijst ook gebruiken voor de bereiding van risotto – andersom geldt dat natuurlijk ook. Carnaroli is en blijft echter de winnaar voor risottogerechten!
Dessertrijst is een rondkorrelige rijst die na het koken zacht, dik en plakkerig wordt. In tegenstelling tot de normale, droogkokende rijst is dessertrijst wat romiger en zoeter. Je kunt er daardoor hele lekkere rijstepap mee maken en ook wordt de dessertrijst veel gebruikt als vulling voor een rijstevlaai.
Overeenkomsten. Arroz Bomba en Riso Carnaroli zijn de meest exclusieve soorten paellarijst en risottorijst. Als we deze twee rijstsoorten naast elkaar zetten zien we de volgende overeenkomsten: Beide rijstsoorten hebben een hoog gehalte aan amylose.
Risottorijst is een speciaal type rijst waarmee je het Italiaanse gerecht risotto kunt maken. Wist je dat je ook risotto kunt maken met gewone rijst? In dit artikel lees je daar alles over, maar krijg je ook antwoord op de vragen 'hoe lang moet risottorijst koken? ' en 'hoeveel risottorijst heb je per persoon nodig?
De paellarijst lijkt op de risottorijst en kunnen in beide gerechten gebruikt worden.
Risotto. Risottorijst is een verzamelnaam voor veel verschillende soorten rijst die één ding gemeen hebben: ze nemen veel vocht (en smaak!)op en komen uit Italië. Door het relatief grote zetmeelgehalte kleven de kleinere, ronde korrels makkelijker aan elkaar en ontstaat er een heerlijk zachte, smeuïge massa.
Carnaroli, Arborio, Vialone Nano
De enige rijstsoorten die zich daarvoor lenen zijn de Vialone, Arborio of Carnaroli. Er is een ding wat je nooit moet doen: Basmati rijst, Pandan, zilvervliesrijst, snelkookrijst of een van de andere vele rijstsoorten uit de supermarkt gebruiken als je een risotto wilt bereiden.
Sterker nog, door continu in de rijst te roeren ben je het eigenlijk aan het 'overroeren'. Dat betekent dat je de rijstkorrel beschadigd – en dat je risotto eerder papperig en plakkerig wordt in plaats van smeuïg.
De risottorijst mag vooral niet te hard garen, maar als je het vuur te laag zet, wordt de rijst nooit gaar. Het beste is om het vuur op de middelste stand te houden. Door te roeren zorg je het zetmeel vrijkomt. Zo krijgt de rijst zijn romige structuur en brand de risotto tevens niet aan.
Van risotto maken wordt regelmatig gezegd dat dit misschien wel 1 van de moeilijkste gerechten is om te maken. Het lastige aan risotto maken is dat dit een hele nauwkeurige bezigheid is, maar moeilijk is het zeker niet.
Het (vergroot)woord risotto is afkomstig van het Italiaanse riso dat 'rijst' betekent, met het achtervoegsel otto.
De klassieke risotto is heerlijk, maar niet altijd even gezond Doordat risotto meestal gemaakt wordt met veel roomboter en kaas is risotto vaak een echte caloriebom. Deze risotto is gelukkig goed voor de lijn, omdat er maar weinig vette ingrediënten aan worden toegevoegd en veel groenten.
Hoeveel risotto rijst per persoon heb je nodig? Je gebruikt ongeveer 75 gram risotto rijst per persoon (ongekookt). Voor 4 personen reken je dus 300 gram.
Rijstepap maken met dessertrijst is het makkelijkst, want die rijst neemt lekker veel vocht op en wordt 'papperiger' als je het kookt. Risottorijst is daarom een goed alternatief, maar eventueel kun je ook rijstepap maken andere soorten rijst zoals basmatirijst of zilvervliesrijst.
Sushi-, risotto- en ook dessertrijst hebben een wat kortere en meer ronde korrel. Deze rijstsoorten worden ook wel kleefrijst genoemd omdat ze na het koken zo lekker plakkerig worden door het hoge percentage zetmeel in de rijst.
Risottorijst is een speciale, rondkorrelige rijst die wel tot vier keer haar gewicht in vocht kan opnemen en tijdens het koken ook wat zetmeel loslaat. Dat zorgt voor een lekkere smeuïge textuur en een bite in je gerecht; iets wat niet lukt met een langkorrelige rijstsoort.
Of je risotto faalt of juist een succes is, hangt vaak af van de hitte waarop je de rijst kookt. Bij laag vuur verdampt het vocht wel, maar wordt de korrel nauwelijks gaar. Bij te hoog vuur heb je kans dat het vocht te snel verdampt en de rijst aankoekt.
Risotto kan je eventueel op voorhand maken maar de textuur zal niet hetzelfde zijn. De risotto zal opstijven en harder worden bij het afkoelen en krijgt bij het opwarmen niet dezelfde romige structuur als dat je hem à la minute zou maken.
Risotto opwarmen
Belangrijk is om het niet in de magnetron te zetten, maar in de pan op te warmen. Gebruik geen boter of olie, maar voeg een beetje bouillon in de pan toe. De rijst zal de bouillon opnemen, waardoor je risotto weer smeuïg wordt. Per 200 gram risotto heb je zo'n 60 milliliter hete bouillon nodig.
Stap 3: Rijst aanbakken
Doe de risottorijst bij de rest van de ingrediënten in de pan en bak de korrels een minuutje (of twee) mee totdat ze glazig zien. Daardoor krijgen ze niet alleen wat meer smaak, maar voorkom je ook dat de korrels aan elkaar plakken en alvast wat van hun romigheid afgeven.
Kies de juiste pan
Eén pan om de bouillon warm te houden en een pan voor de risotto. Wij adviseren je om een brede grote pan te gebruiken, zoals een grote hoge koekenpan, hapjespan of braadpan. Hierdoor hebben alle rijstkorrels contact met de bodem en krijgen ze dus veel hitte en zullen ze ook gelijkmatiger garen.
De beste manier om het op te warmen is door het gewoon opnieuw in een pan te doen en op laag vuur te zetten. Veel mensen maken de fout om meteen een beetje olie in de pan te doen of extra boter, maar ook dit kun je beter niet doen. Doe de risotto in de pan en voeg wat bouillon toe.
De traditionele, Italiaanse risotto wordt gemaakt met vijf ingrediënten: ui, risottorijst, bouillon, boter en Parmezaanse kaas. Risottorijst is een rijstsoort die veel water nodig heeft: een korrel risottorijst neemt tot wel vier keer zijn eigen gewicht op in vocht.
Je kunt bereide risotto maximaal twee dagen in de koelkast bewaren. Zorg dat je de restjes snel laat afkoelen en ze vervolgens in een luchtdicht bakje in de koelkast zet. De restjes mogen niet langer dan twee uur buiten de koelkast staan.
Het verschil zit hem vooral in de langere, dunnere korrel en in het feit dat er bij het koken van deze rijst weinig zetmeel vrijkomt. Hierdoor blijft de korrel van de Basmatirijst mooi droog en wordt deze totaal niet kleverig na de bereiding. Voor Indiase gerechten adviseren we altijd om een Basmatirijst te gebruiken.