Na de kortste dag (rond 21 december) worden de dagen in Nederland tot de lente elke dag zo'n 1 tot 3 minuten langer. In februari kan deze toename oplopen tot wel 2 minuten en 7 seconden per dag. Rond de lente-equinox (20 maart) is de toename van de daglengte het grootst. Fractions shutters +2
Na 21 december wordt het elke dag iets lichter, beginnend met een halve minuut per dag en oplopend tot ongeveer 2-3 minuten per dag eind januari/begin februari, door een combinatie van de schuine stand van de aardas en de elliptische baan van de aarde. Omdat de vroegste zonsondergang al eerder is (rond 12 december) dan de kortste dag, begint het 's ochtends nog een tijdje later licht te worden, maar de avonden worden wel snel langer, waardoor de totale daglichtduur toeneemt.
Eind januari zullen de dagen zelfs met ongeveer 3 minuten aangroeien per dag.
Bijvoorbeeld: vanmorgen kwam de zon op om 7.11 uur. Iets daarvoor wordt het natuurlijk al een beetje licht. Vanavond gaat ie weer onder om 20.00 uur precies, en een half uur later is het echt wel donker. Dat maakt dat de daglichtperiode vandaag 12 uur en 49 minuten duurt.
Wat is voldoende daglicht? Een half uurtje dagelijkse blootstelling aan daglicht wordt gezien als de minimale hoeveelheid. Met 30 minuten per dag ervaar je de verschillende gezondheidsvoordelen al. Je kunt deze tijd ook opsplitsen in twee keer een kwartier.
4 minuten per dag minder daglicht
Na 21 juni wordt de daglengte langzaam korter, maar geleidelijk gaat dat steeds sneller. Eind augustus zijn we in totaal al ruim 2 uur daglicht verloren (ten opzichte van eind juni). We verliezen dan ruim 3 minuten daglicht per dag!
In het Verenigd Koninkrijk wordt het na de winterzonnewende op 22 december elke dag 2 minuten en 7 seconden lichter. Dit komt neer op een extra uur daglicht per maand vanaf 19 januari. Dit komt door de baan van de aarde rond de zon.
De zonsondergang is aan het begin van de maand rond 20.25 uur en aan het eind van de maand rond 19.20 uur. Aan het begin van september is er dus nog bijna 2 uur langer daglicht. Het korter worden gaat uiteindelijk met 4 à 5 minuten per dag. Terwijl dat in de eerdere maanden om 1 à 4 minuten per dag gaat.
De dagen worden na 21 december - de winterzonnewende - gemiddeld 1 minuut per dag langer. In februari winnen we ongeveer 2 minuten en 7 seconden per dag, oftewel 1 uur extra daglicht.
Het valt wetenschappers op dat we de laatste jaren steeds vaker van die versnellingen zien. Vandaag draait de aarde net iets sneller om haar as dan normaal. Niet zo snel dat je er misselijk van wordt, maar wel genoeg om de dag met zo'n 1,25 milliseconden in te korten.
De dagen worden weer korter vanaf de langste dag (zomerzonnewende) rond 21 juni; vanaf dat moment begint de daglengte af te nemen, met het snelst in september en oktober, tot de kortste dag (winterzonnewende) rond 21 december, waarna de dagen weer langer worden.
Bij zeer hoge snelheden – zoals ongeveer 30.000 kilometer per uur- zou uiteindelijk ook de aardkorst verschuiven, afvlakken aan de polen en uitpuilen rond de evenaar. Dit zou zomaar enorme aardbevingen kunnen veroorzaken.
Hierna neemt de daglichtduur toe tot 9 uur en 15 minuten op Nieuwjaarsdag. Halverwege januari springt de dagelijkse toename van de daglichtduur naar ongeveer 2 minuten per dag . Op 20 februari versnelt de toename van de daglichtduur tot 3 minuten per dag!
Sinds de winterzonnewende op 21 december hebben we ongeveer 30 minuten extra daglicht gekregen. We zullen tot het einde van de maand en begin februari elke dag ongeveer twee minuten extra daglicht erbij krijgen, waarna de ochtenden merkbaar lichter zullen worden.
Op deze kortste dag van het jaar is het in Midden-Nederland ruim 7,5 uur daglicht. Zodra de astronomische lente start zijn dag en nacht ongeveer even lang en dat geldt ook voor de start van de astronomische herfst. De lente start op 20 maart om 15:46 uur en de herfst op 23 september om 2:05 uur.
Een lichtjaar is een afstandsmaat, niet een tijdseenheid, en is de afstand die licht in één jaar aflegt: ongeveer 9,46 biljoen kilometer (9.460 miljard km). Reizen over deze afstand met huidige technologie, zoals een ruimteschip, zou duizenden tot tienduizenden jaren duren, omdat onze schepen veel langzamer zijn dan licht (ongeveer 300.000 km/seconde).
Verschil daglengte door het jaar heen
Niet elk seizoen is de verandering in daglengte even veel. Op dit moment worden de dagen ongeveer vier minuten per dag langer. Dat lijkt weinig, maar in een week tijd scheelt het al bijna een half uur.
Hoewel de burgerlijke dageraad het tijdstip markeert waarop de burgerlijke schemering voor zonsopgang voor het eerst verschijnt, en de burgerlijke schemering het tijdstip markeert waarop de burgerlijke schemering na zonsondergang voor het eerst verdwijnt, duiden wetten met betrekking tot de burgerlijke schemering doorgaans een vaste periode aan na zonsondergang of voor zonsopgang (meestal 20-30 minuten) in plaats van een specifiek aantal minuten.
Het meten van een dag als zodanig wordt gebruikt in de astronomie. Een siderische dag is ongeveer 4 minuten korter dan een zonnedag van 24 uur (23 uur, 56 minuten en 4,09 seconden), oftewel 0,99726968 van een zonnedag van 24 uur. Er zijn ongeveer 366,2422 stellaire dagen in een gemiddeld tropisch jaar (één stellaire dag meer dan het aantal zonnedagen).
Er zijn perioden van versnelling en vertraging. De grootste toename van daglengte vindt plaats rond 20 maart, wanneer de lente begint. Dit is het moment waarop de dagen merkbaar langer worden en de nachten korter.
De dagen worden na 21 december - de winterzonnewende - gemiddeld 1 minuut per dag langer. In februari winnen we ongeveer 2 minuten en 7 seconden per dag, oftewel 1 uur extra daglicht.
Rond 21 december staat de Aarde dicht bij de Zon, beweegt sneller dan gemiddeld, en staat iedere dag ongeveer een halve minuut later in het zuiden.
Overdag heeft het noordelijk halfrond ongeveer 7 uur en 40 minuten daglicht, wat de kortste dag van het jaar is. De as van de aarde staat dan het verst van de zon af gekanteld.
Meteorologisch begint hij op 1 december; astronomisch start hij op de kortste dag van het jaar, wanneer het noordelijk halfrond de minste zonuren ontvangt. Die datum valt altijd op 21 of 22 december.
De kortste dag van het jaar is de eerste dag van de winter, waarna de dagen geleidelijk langer worden . De eerste dag van de winter wordt de winterzonnewende genoemd en is een astronomisch evenement dat dit jaar in Arizona plaatsvindt op 21 december om 21:19 uur, hoewel de datum elk jaar varieert en ergens tussen december kan vallen.