Gespoten PUR-vloerisolatie is zeer druk- en vormvast, waardoor het doorgaans zonder problemen een totale vloeropbouw (inclusief chape en vloerafwerking) kan dragen. Isolteam
Gespoten PUR is sterk, stabiel en vormvast, punt. Het zal niet krimpen noch verzakken, zelfs niet bij isolatiediktes tot 50 cm. Wat wel heel erg belangrijk is bij de plaatsing, is dat die gebeurt in verschillende lagen.
Licht en eenvoudig te installeren: PIR-platen zijn licht van gewicht en gemakkelijk te plaatsen. Hoge drukvastheid: U kunt over de platen lopen tijdens de installatie, hoewel ze geen permanente druk aankunnen. Vochtbestendig en moeilijk brandbaar: PIR biedt duurzame bescherming tegen vocht en vuur.
Wat zijn de nadelen van PUR isolatie?
Wilt u een wand of plafond realiseren met PIR + gips? Zorg dan altijd voor een vlakke ondergrond waar u de platen tegenaan kunt bevestigen. Dit kunt u doen met behulp van ventilatielatten en afstandschroeven. Met een High Tack lijm of met gipsschroeven kunt u PIR met gipsplaten bevestigen tegen het rachelwerk.
Hoewel PIR en PUR veel dezelfde kenmerken hebben, wordt PIR als een verbeterde versie van PUR gezien door de hogere isolatiewaarde, de brandveiligheid en de drukvastheid. In de praktijk blijkt dat PUR voornamelijk nog gebruikt wordt voor sandwichpanelen en als pur-schuim om naden te dichten tussen PIR platen.
PIR: Het meest geschikt voor thermische efficiëntie in kleine ruimtes vanwege de lage warmtegeleidingscoëfficiënt (circa 0,022 W/mK). Het is stijf, vochtbestendig maar brandbaar (doorgaans Euroklasse E/F, hoewel sommige systemen Euroklasse B halen). Steenwol: Uitstekend voor brandveiligheid (Euroklasse A1, bestand tegen temperaturen boven de 1000 graden Celsius) en akoestische isolatie.
Mensen kiezen soms niet voor PUR-isolatie vanwege gezondheidsrisico's door vrijkomende giftige stoffen tijdens het aanbrengen (isocyanaten), vochtproblemen (schimmel, stank) door slecht geventileerde ruimtes, en milieu-impact door broeikasgassen in het blaasmiddel. Alternatieven zoals minerale wol of EPS-parels worden vaak als veiliger, gezonder en milieuvriendelijker gezien, hoewel de keuze afhangt van de specifieke situatie.
Ja, bij PIR-isolatie is een dampremmende folie vaak nodig aan de warme zijde (binnenkant) om vochttransport vanuit de woning te stoppen, hoewel de aluminium cachering op de platen zelf al dampremmend is, dus extra folie dient om de naad- en kierdichting te garanderen en vochtproblemen te voorkomen. De folie moet luchtdicht worden afgeplakt, vooral in vochtige ruimtes, en is essentieel om de isolatiewaarde te behouden.
Mensen kiezen soms niet voor PIR-isolatie vanwege de milieu-impact (productie met chemicaliën, slecht recyclebaar) en de beperkte geschiktheid voor geluidsisolatie. Ook de kosten kunnen een rol spelen, en voor bepaalde toepassingen (zoals platte daken van binnenuit) is het vanwege het dampdichte karakter niet geschikt, omdat vocht dan opgesloten raakt.
PIR platen zijn goed bestand tegen schimmel. De aluminium cachering (wat dient als een soort dampscherm) op de plaat zorgt ervoor dat er geen schimmelvorming ontstaat. Let er wel op dat na het plaatsen van de isolatie, alles netjes is afgewerkt zodat er geen kieren tussen de platen blijven.
Mensen die met purschuim werken én mensen bij wie de woning ermee wordt geïsoleerd kunnen klachten krijgen. Het isolatiemateriaal kan namelijk zorgen voor kleine klachten als rode ogen, tot heftige luchtwegklachten en klachten die niet meer weggaan.
Purschuim is een kunststof op basis van polyurethaan en kan altijd branden onder de juiste omstandigheden. Materialen als steenwol of glaswol zijn daarentegen wél onbrandbaar. Officieel wordt onbrandbaarheid bepaald volgens EN 13501-1.
Duurzaamheid: Eenmaal uitgehard, wordt purschuim stevig en duurzaam. Het gaat lang mee en behoudt zijn vorm, zelfs onder verschillende omstandigheden.
De prijs van PIR ligt hoger dan die van steenwol, maar hier krijgt u wel een hogere isolatiewaarde voor terug. Bekijk hieronder de tabel met de vergelijking tussen PIR en steenwol.
De 150 mm Celotex PIR-isolatieplaat biedt uitstekende prestaties bij gebruik in houten constructies en metselwerkmuren . De 150 mm Celotex isolatieplaat heeft een warmtegeleidingsvermogen van 0,022 W/mK. Bovendien heeft de XR4150 een Green Guide Rating van A, de norm die is vastgesteld door het BRE (Building Research Establishment).
Mogelijke problemen met spuitschuimisolatie
Vermindert de luchtcirculatie en ventilatie in een dakruimte. Leidt tot vocht en condensatie aan de onderkant van een dak, omdat het een luchtbarrière vormt en voorkomt dat vocht kan ontsnappen. Verhoogt het risico op houtrot bij houten dakconstructies.
De nadelen van PUR (polyurethaan) isolatie zijn gezondheidsrisico's door vrijkomende giftige stoffen (isocyanaten) tijdens het spuiten, milieu-onvriendelijkheid door het productieproces en de moeilijke recyclebaarheid, gevoeligheid voor vochtophoping wat schimmel en geur kan veroorzaken, en belemmeringen voor toekomstig onderhoud en reparaties.
Men wil niet dubbel isoleren (vooral bij platte daken van binnenuit) vanwege het grote risico op condensatie, houtrot en schimmel tussen de lagen, omdat vocht dan niet kan ontsnappen, plus hogere kosten en minder ruimte; het biedt niet significant meer voordeel dan een zeer goede enkele isolatie mits goed uitgevoerd, maar brengt meer risico's met zich mee, vooral met twee dampdichte lagen.
Een van de grootste zorgen rondom PUR-isolatie is de mogelijke impact op de gezondheid. PUR wordt op locatie aangebracht als schuim en bestaat uit twee componenten: isocyanaten en polyolen. Bij de chemische reactie tussen deze stoffen kan een sterke geur vrijkomen en kunnen schadelijke dampen ontstaan.
Je isoleert een plat dak liever niet met PIR aan de binnenkant (koud dak methode) omdat de dampdichte PIR-plaat vocht opsluit tussen zichzelf en de dampdichte dakbedekking, wat leidt tot condensatie, schimmel en houtrot; de beste methoude is isoleren aan de buitenkant (warm dak) met PIR of andere materialen, of van binnenuit met damp-open isolatie (glas/steenwol) en een klimaatfolie.
De 1,5-regel bij isoleren is een vuistregel voor het bij-isoleren van daken (vooral platte daken) om condensatie te voorkomen: de buitenste nieuwe isolatielaag moet een thermische weerstand (R-waarde) hebben die minstens 1,5 keer zo groot is als die van de reeds aanwezige isolatie aan de binnenzijde, zodat het dauwpunt naar buiten wordt verschoven en er geen vochtproblemen ontstaan. Dit zorgt ervoor dat de warmte in de binnenste laag blijft en de buitenste laag droog blijft, wat essentieel is om de levensduur van je dak te garanderen.
Nieuwe betonvloer isoleren
Het isolatiemateriaal dient op PE folie geplaatst te worden. De gekozen isolatieplaten dienen drukvast te zijn en tussen 6 tot 10 centimeter dik te zijn. De gewapende afwerkingslaag komt bovenop de isolatie na het leggen van een PE folie en dient minimaal 8 centimeter dik te zijn.