5) SlangenDe meeste slangen kunnen, net als vogels, ultraviolet licht weernemen. Maar daarnaast hebben ze door hun infrarooddetectie ook warmte zien. Daardoor kunnen ze er van een afstandje achter komen of er in de buurt een lekkere warme muis verstopt zit.
Slangen hebben over het algemeen een visueel bereik van een paar meter en kunnen geen statische objecten onderscheiden, alleen bewegende objecten. Visuele waarneming wordt voornamelijk gebruikt om andere slangen en bedreigingen te identificeren en niet om prooien op te sporen.
Slangen hebben diverse sets van staafjes en kegeltjes - de gespecialiseerde cellen in het netvlies die een dier gebruikt om licht te detecteren. Door meerdere soorten visuele pigmenten in de kegeltjes te hebben, kunnen dieren in kleur zien, omdat deze pigmenten gevoelig zijn voor verschillende golflengtes van licht .
Slangen hebben wel ogen, maar ze zien bijna niets. Slangen hebben geen oren en kunnen het geluid in de lucht niet horen. Ze voelen wel de trillingen in de grond. Slangen kunnen zeer goed ruiken en proeven.
Slangen zijn over het algemeen meestal dichromatisch - ze hebben kegeltjes in hun ogen die groen en blauw licht detecteren. Dit betekent dat ze voornamelijk kleuren zien in het blauwe en groene deel van het spectrum (ongeveer 400-550 nm).
De meeste slangen kunnen alleen de kleuren blauw en groen zien, samen met ultraviolet licht in sommige gevallen. Nieuw onderzoek suggereert echter dat zeeslangen zijn geëvolueerd om daadwerkelijk het bredere kleurenzicht van hun vroegste voorouders terug te krijgen. Slangen zijn geëvolueerd uit hagedissen, waarvan wetenschappers denken dat ze in volledige kleuren konden zien.
Ze hebben wel een warmtegevoelig orgaan zodat slangen zeer kleine warmteverschillen in hun omgeving kunnen waarnemen. Hierdoor kunnen ze dan ook zelfs in het donker makkelijk hun prooi waarnemen.
Nee . Slangen hebben over het algemeen een slecht zicht, ze kunnen alleen vormen identificeren maar geen details. Er zijn een paar uitzonderingen hierop in de vorm van cobra's die een beter zicht hebben maar niet zo goed als het menselijk zicht.
De zintuigen zijn heel belangrijk voor roofdieren zoals slangen. Ze nemen waar met hun ogen, maar kunnen niet zo goed zien. Er zijn enkele uitzonderingen die 's nachts jagen, te herkennen aan de relatief grote ogen. Slangen hebben geen uitwendige ooropeningen en kunnen niet horen.
Zinderende zintuigen
Ze hebben een zichtbereik van wel 300°. Wanneer koeien hun kop neerleggen om te grazen, loopt dit bereik op tot bijna 360°, waardoor ze een panoramisch uitzicht hebben. Ter vergelijking: wij kunnen tot 180° zien. Ze hebben ook een geweldig gehoor, vergelijkbaar met dat van een hond.
De meeste slangen zien niet zo goed als mensen , maar pikken beweging op en reageren dienovereenkomstig. Langzame en kalme bewegingen rond slangen, zelfs nerveuze en alerte slangen zoals Black Mambas, resulteren over het algemeen in een kalmere slang dan een slang die wordt bedreigd door een snel en grillig bewegend persoon.
Zintuigen Slangen hebben wel ogen, maar zien meestal slecht. Ze horen geen geluiden, omdat ze geen oren hebben, maar ze voelen wél de trillingen aan de grond. Met hun gespleten tong kunnen slangen wel zeer goed ruiken en proeven.
Ze gebruiken hun ogen amper.In plaats daarvan gebruiken ze receptoren op hun snuit om warmte waar te nemen. Slangen 'zien' de wereld daardoor als een hittemap.
Één van de voordelen van Nieuw-Zeeland is dat er geen slangen leven. Daarnaast zijn er op één zeer zeldzame spinnensoort na geen giftige wilde dieren te vinden in het land. Ook kent Nieuw-Zeeland een zeer lage criminaliteit. Echter neemt dit niet weg dat je ten alle tijde op moet blijven letten, zoals overal.
Maar een vuistregel (met veel uitzonderingen) is dat hoe groter een slang kan worden, hoe langer hij kan leven. Boa's leven meestal 25 tot meer dan 50 jaar.Veel colubriden hebben een levensduur van tussen de 15 en 25 jaar en kleinere soorten leven 5 tot 10 jaar.
Een slang perst, net als een mens, een drol door een gat. Niet alleen kak, maar ook urine en eieren gaan via die opening naar buiten. Je vindt het gat bij het begin van zijn staart. De meeste slangen draaien om de paar dagen een hoop, maar sommige soorten kakken soms een jaar niet!
Bij grote slangen ligt de gal op de lever, bij kleine op de darmen. Als een slang blind wordt gemaakt, herstelt zijn gezichtsvermogen zich op den duur weer en als hem zijn staart af wordt gehakt, groeit deze weer aan.
Gladde slang
Jawel, je leest het goed: een slang mag dan geen uitwendige ooropeningen hebben, en zelfs geen middenoor of trommelvlies, toch kan ze je 'horen' naderen dankzij het gehoorbeentje of columella auris in haar kaak. Ze kan er wel enkel geluidstrillingen met een lage frequentie (100 tot 500 Hz) mee waarnemen.
Alle gewervelde dieren hebben rood bloed. Hetzelfde geldt voor zoogdieren, vogels, reptielen en vissen. Maar bij de ongewervelde dieren zijn er soorten die geen rood bloed hebben, zoals wormen en inktvissen. Dat komt doordat deze dieren andere eiwitten dan hemoglobine gebruiken voor het transporteren van zuurstof.
Slangen hebben geen externe oren om ze te helpen bij het horen van verschillende geluiden . Ze bezitten een soort intern oor met een paar botjes in hun kaken die lichte trillingen op de grond kunnen waarnemen en zo weten ze dat iemand dichterbij komt of van hen af gaat.
Slangen kunnen hun ogen niet sluiten, hagedissen - dus ook de hazelworm - kunnen dit wel.
Volgens amfibie- en reptielenonderzoeker Rachel Keeffe, die de beelden voor Snopes analyseerde, bestaat er in het wild geen slangensoort met een haarachtige pluim . "Geen enkele slang die de wetenschap kent, heeft haar zoals afgebeeld in de video," aldus Keeffe van de afdeling Biologische Wetenschappen van Mount Holyoke College.
Niet alle slangen hebben de mogelijkheid om in het donker een thermisch beeld te produceren . Maar degenen met een putorgaan kunnen het gebruiken als een soort antenne om de infrarode straling te detecteren die afkomstig is van organismen of objecten die warmer zijn dan de omringende atmosfeer.
Slangen zijn roofdieren. Ze worden zelf ook door roofdieren aangevallen. Roofvogels, vossen en krokodillen eten slangen of eieren van slangen. Slangen laten zich niet vaak zien.
In plaats van de drie 'kleursensoren' of kegeltjes die mensen hebben, hebben ze er vaak slechts twee: eentje voor blauw en eentje voor geel. Rood, oranje en alle varianten tussenin zien ze helemaal niet. En dat is zo voor de meeste zoogdieren in onze natuur: ook muizen, ratten, konijnen, vossen, everzwijnen, herten, …