Je schrijft beregoed met één 'e' en zonder tussen-n, als één woord. Het is een bijvoeglijk naamwoord dat "heel goed" betekent en valt onder een specifieke uitzonderingsregel (versterkende samenstellingen) waardoor er geen tussen-n wordt geschreven. Schrijfwijzer +2
Hoe weet je of er een n tussen moet? De officiële regel voor de tussen-n is als volgt: Schrijf een tussen- n als het eerste deel van het woord (pan) alleen een meervoud op -en heeft (pannen) en niet (ook) op –es (pannes is fout).
Je plaatst een 'n' achter woorden als alle(n), beide(n), enige(n), sommige(n), andere(n) en dezen als ze zelfstandig gebruikt worden (dus zonder zelfstandig naamwoord erachter) en verwijzen naar personen; in alle andere gevallen, bijvoorbeeld bij verwijzing naar zaken, blijft de 'n' weg.
Tegoed, aaneengeschreven, is een zelfstandig naamwoord met als betekenis 'positief saldo'. U kunt er een lidwoord voor zetten: een tegoed, het tegoed.
Volgens de officiële spelling is tegoed hebben en tegoed houden juist.
Spelling woorden zoeken
Als vele naar personen verwijst en zelfstandig gebruikt wordt, schrijven we velen. Vele is zelfstandig gebruikt als er niet meteen een zelfstandig naamwoord op volgt en vele ook niet aangevuld kan worden met een zelfstandig naamwoord uit dezelfde zin of de zin die onmiddellijk voorafgaat.
Samenstellingen met groente moeten in de officiële spelling altijd zonder tussen-n geschreven worden, omdat groente niet alleen een meervoud op -n maar ook een meervoud op -s heeft. Officieel zijn dus alleen bijvoorbeeld groenteassortiment, groentepakket en groentesoep juist.
Het is vind jij in een vraagzin omdat het onderwerp ('jij') achter de persoonsvorm ('vind') staat; 'vindt jij' is fout, net zoals 'vind je' correct is en 'vindt je' niet. Het ezelsbruggetje is: staat 'jij' (of 'je') achter het werkwoord, dan vervalt de 't' (stam + geen t), staat het ervoor (bv. 'jij vindt'), dan blijft de 't' staan (stam + t).
natuurlijk, nauwkeurig, netjes, nieuw, nieuwsgierig, nobel, nodig, nog maar een paar exemplaren op voorraad, normaal, nu, nuchter, nuttig.
We schrijven geen tussen-n als: Het woord in zijn geheel een bijvoeglijk naamwoord is en het eerste deel van de samenstelling een versterkende betekenis heeft (je kunt het vervangen door 'heel erg'). Bijvoorbeeld: apetrots of beresterk. Heel erg trots en heel erg sterk.
Bijvoorbeeld Piet's bloemenhoekje of Ome Wim's Oppasservice. Ook in de gedrukte krant zie ik bijvoorbeeld Rutte's kabinet voorbijkomen. Die apostrof is hier niet nodig, want er is geen verwarring over de uitspraak. Piets bloemenhoekje, Ome Wims Oppasservice en Ruttes kabinet zijn prima zonder apostrof.
Er gaat geen 't' achter 'wil' bij de derde persoon enkelvoud (hij/zij/het) omdat willen een onregelmatig werkwoord is, een uitzondering op de 'stam + t'-regel die geldt voor de meeste werkwoorden. De vorm "hij wil" is historisch afgeleid van de aanvoegende wijs (conjunctief), en hoewel "hij wilt" steeds vaker voorkomt en geaccepteerd wordt in spreektaal, is "hij wil" de officiële standaardtaal.
Werk ze bestaat uit twee woorden: werk en ze. Werkze, werk se en werkse zijn dus niet goed. Wat ze hier eigenlijk betekent, is niet duidelijk. Werk ze! is een veelvoorkomende aansporing die 'Succes op je werk!
Zowel deméntie als dementíé is juist. In het dagelijks taalgebruik in Nederland is de uitspraak 'dementsíé' het gebruikelijkst. In België komt 'deménsie' vaker voor.
De officiële spelling maakt het volgende onderscheid: ten slotte is juist in de betekenis 'tot slot'. Tenslotte (één woord) betekent 'per slot van rekening, immers'.
Tekort is een zelfstandig naamwoord dat “een gebrek” betekent. Te kort, met spatie, betekent “niet lang genoeg” of “te weinig”. Als “tekort” onderdeel uitmaakt van de werkwoorden tekortschieten, tekortdoen en tekortkomen, schrijf je het ook aan elkaar.
De verleden tijd van vergoeden is 'vergoedde'. Het voltooid deelwoord is 'heeft vergoed'.