Het apenstaartje (@) typ je op een standaard QWERTY-toetsenbord door SHIFT + 2 in te drukken. Op een AZERTY-toetsenbord (België) is dit vaak ALT GR + 2 of ALT GR + é. Alternatief kun je de code ALT + 064 gebruiken (cijfertoetsen aan de zijkant). Eenmanierom.nl +1
Het ezelsbruggetje voor 'dat' en 'wat' is: gebruik 'dat' bij een verwijzing naar een bepaald ('het-') woord (bv. *het huis dat...) en 'wat' bij verwijzing naar een hele zin of onbepaalde woorden (bv. iets wat, alles wat, dat vind ik leuk, wat...).
Het apenstaartje is op een gangbaar toetsenbord te vinden boven het cijfer '2'. Je kunt de bovenste tekens op het toetsenbord gebruiken door de SHIFT toets ingedrukt te houden en dan op het teken te drukken. Voor '@' type je zo dus 'SHIFT'+'2′. Er is ook een Engelstalige Wiki pagina over het apenstaartje.
Juist zijn in stand houden en tot stand komen. Ook in bijvoorbeeld 'Eerlijkheid is wat een relatie in stand houdt' en 'Er is een overeenkomst tot stand gekomen' staan spaties. In stand houden en tot stand komen zijn vaste combinaties die uit losse woorden bestaan.
Ik hou en ik houd zijn allebei correct. Zowel in gesproken als in geschreven taal is ik hou de gewone vorm. De vorm met -d komt vooral voor in formelere geschreven taal.
Volgens de Woordenlijst wordt gebruikmaken aaneengeschreven, maar ook gebruik maken is correct. De combinatie kan worden opgevat als een samengesteld werkwoord. Ze wordt dan aaneengeschreven en – zoals andere werkwoorden – ontkend met het bijwoord niet.
Het voorzetsel at heeft hier de betekenis van het Nederlandse tegen (uit 'tegen de prijs van'). Nu het in e-mailadressen gebruikt wordt, kan het @-teken echter weer worden gelezen als het gewone Engelse at met de betekenis 'op', 'te' of 'bij'. Het wordt steeds gebruikelijker om een @-teken te lezen als at.
De verleden tijd van 'eten' is 'at' (bijvoorbeeld: 'Iemand heeft alle cupcakes opgegeten die ik in de keuken had laten staan'). Het voltooid deelwoord van 'eten' is 'gegeten' (bijvoorbeeld: 'Iemand heeft alle cupcakes opgegeten').
Het apenstaartje (@) wordt gebruikt in e-mailadressen als scheidingsteken voor de persoonlijke alias en de domeinnaam van de ontvangende mailserver. In het Engels wordt dit teken kortweg aangeduid als at.
In het Engels wordt het normaal gesproken hardop uitgesproken als "at", en het wordt ook wel het @-symbool, commercieel @-teken of adresteken genoemd. De meeste talen hebben hun eigen naam voor het symbool. @-teken.
Het teken @, ook wel at genoemd. Dit teken wordt gebruikt voor het engelse woord at bij computers, ofwel 'op' of 'bij', onder andere in e-mailadressen. [email protected] betekent hier dus dat er een mail wordt gestuurd naar een persoon die 'meneer' heet (of zich zo voordoet) die zijn mailbox bij icer.nl heeft.
Ezelsbruggetjes voor gesprekstechnieken helpen je beter te communiceren, met bekende acroniemen zoals LSD (Luisteren, Samenvatten, Doorvragen), ANNA (Altijd Navragen, Nooit Aannemen), OMA (Oordelen, Meningen, Adviezen thuislaten), NIVEA (Niet Invullen Voor Een Ander), OEN (Open, Eerlijk, Nieuwsgierig), en DIK (Denk In Kwaliteiten). Deze helpen je om actief te luisteren, aannames te vermijden en een open, nieuwsgierige houding aan te nemen, wat leidt tot effectievere gesprekken.
'Dit' gebruik je als het woord waarnaar je verwijst dichtbij is. 'Dat' gebruik je als het woord waarnaar je verwijst niet zo dichtbij is. Ik vind dat huis erg mooi. Dit kopje koffie smaakte erg goed.
Om dt-fouten te vermijden, gebruik je ezelsbruggetjes zoals het 'smurfen' of 'lopen'-principe: vervang het werkwoord door 'smurfen' (smurft) of 'lopen' (loopt) om te horen of er een 't' bij hoort (bv. 'hij smurft', 'hij loopt' -> dus 'hij werkt'). Voor voltooid deelwoorden gebruik je het 't kofschip'-principe (stam + t/d) of verleng je het woord (bv. 'het gestrande schip').
Door te zeggen "Ik heb niet gegeten" zet je de zin in de tegenwoordige tijd . Je kunt het zien als een verkorte versie van "Ik heb vandaag nog niet gegeten" of "Ik heb sinds vanochtend niet gegeten."
Voltooid deelwoord = stam + d/t
Die bestaat uit een vorm van het hulpwerkwoord “zijn” of “hebben” en een voltooid deelwoord. De werkwoorden waarvan de werkwoordstam op een letter uit 't kofschip eindigt, krijgen een “t” erachter. Werkwoorden waarvan de stam niet op een letter uit 't kofschip eindigt, krijgen een “d”.
"Ate" wordt gebruikt wanneer er meer zuurstofatomen in een verbinding aanwezig zijn , en "ite" wordt gebruikt wanneer het aantal zuurstofatomen in een verbinding lager is. Sommige verbindingen bevatten ook "ide", bijvoorbeeld OH (hydroxide).
apestaartje = (- apestaartje - at) Het `@` teken zit op elk computer toetsenbord en wordt in het Nederlands `apestaartje` genoemd. (Of is het tegenwoordig `apeNstaartje`?) In het Engels wordt het teken als `at` uitgesproken en gebruikt.
AT is de landcode voor Oostenrijk (Österreich), zowel als ISO 3166-1 alpha-2 code, als voor het internetdomein (.at) en telefooncode. Oostenrijk is een land in Centraal-Europa met als hoofdstad Wenen.
Bij 'á' spreek je hem uit als 'a' en bij 'à' spreek je hem uit als 'aa'. Je gebruikt à wanner je wil dat de letter daar als aa wordt uitgesproken en bij die ander als a.
Het is vind jij (in een vraag) en jij vindt (in een bevestigende zin); de 't' valt weg als 'jij' achter de persoonsvorm staat in een vraag, omdat 'jij' dan het onderwerp is, terwijl 'jij vindt' correct is als 'jij' het onderwerp is dat voor de persoonsvorm staat (bv. "Jij vindt dat mooi"). De correcte vorm in een vraag is dus altijd de stam: Vind jij.
Het bekendste ezelsbruggetje voor werkwoordspelling is 't ex-kofschip voor de verleden tijd en het voltooid deelwoord: de letters t, x, k, f, s, c, h, p (inclusief de 't') bepalen of je een '-te' of '-d' schrijft; is de laatste letter van de stam een van deze, dan '-te', anders '-d'. Voor de tegenwoordige tijd helpt de "smurfenregel" (of 'lopen' vervangen) om te horen of een '-t' nodig is (bijv. 'hij smurft' = 'hij wordt').