Wat moet je niet doen met een multimeter? Niet meten bij spanning of stroom: Meet nooit spanning of stroom in een circuit zonder eerst de stroombron uit te schakelen en ervoor te zorgen dat er geen spanning aanwezig is. Meten in een live circuit kan gevaarlijk zijn en kan elektrische schokken veroorzaken.
Stroomcircuit met batterij, schakelaar en lamp. De batterijspanning van 1,5 volt wordt door de plusdraad naar de plus-aansluiting van de lamp geleid als de schakelaar is gesloten. Met de multimeter meten we het spanningsverschil over de lamp: het onderste punt is de plus en de behuizing is de massa.
Multimeter (of universeel-meter)
Met een multimeter kun je spanningsverschillen meten, maar ook de weerstand en de hoeveelheid stroom die door een draad of contact heen loopt.
Symbool voor de elektrische spanning is U, de eenheid is volt (V). Het elektrisch vermogen geeft aan hoeveel elektrische energie er per seconde wordt omgezet. Dit wordt meestal op een elektrisch toestel aangegeven. Het symbool voor elektrisch vermogen is P en wordt uitgedrukt in watt (W).
Om spanning te meten, stel je de keuzeschakelaar van de multimeter in op de DCV-stand voor gelijkspanning of op de ACV-stand voor wisselspanning.
Er zijn twee basistechnieken voor het uitvoeren van lage stroommetingen: de shuntmethode en de feedback-ampèremetertechniek . De shuntconfiguratie wordt voornamelijk gebruikt in DMM's (digitale multimeters) en in oudere elektrometers waar kabelcapaciteit problemen veroorzaakt in de feedbackmodus.
Gelijkstroom, symbool ⎓, vaak kort aangeduid als DC (Engels: direct current), is een elektrische stroom met constante stroomrichting.
De stroom stroomt door de multimeter, die de stroom weergeeft. Zorg ervoor dat de stroom binnen het verwachte mA-bereik ligt en verlaag vervolgens de instelling van uw multimeter naar de op één na hoogste optie - voor een stroom van 0,05 A of 50 mA kiest u 200 mA - om een nauwkeurige meting in milliampère te krijgen.
Hoe gebruik je een multimeter
Een multimeter heeft verder per meetonderwerp verschillende meetstanden waar binnen gemeten kan worden. Zo kan voltage zowel in wisselstroom (AC) en gelijkstroom (DC) worden gemeten.
Om de lekstroom te meten kan je een ampere meter (multimeter) tussen je aarde draad plaatsen.Je meet dan de stroom die dus via je je apparaten lekt naar de aarde. Je kan heel makkelijk meten welke apparaten er lekken door ze in of uit te schakelen.
Wisselstroom is de stroom die wij normaal gebruiken in huis. DC staat voor Direct Current ofwel gelijkstroom. Gelijkstroom komt bijvoorbeeld van een batterij of een accu.
Hoe test ik een zekering onder spanning? Draag geïsoleerde handschoenen en gebruik geïsoleerd gereedschap. Gebruik de continuïteitsstand op de multimeter en raak de uiteinden van de zekering aan. Als er een pieptoon klinkt, is de zekering goed; zo niet, dan is zij doorgebrand en moet zij worden vervangen.
Wisselspanning komt thuis uit het stopcontact en op deze spanning werken de meeste elektrische apparaten die wij kennen. In Europa is dit 230 V/50 Hz, in Amerika 120 V of 240 V/60 Hz.
Voor het meten van contactgeluid wordt gebruik gemaakt van een contactgeluidgenerator, in het vakjargon hamerapparaat genoemd. Het hamerapparaat is uitgerust met 5 stalen hamers die achtereenvolgens vanaf een hoogte van 4 cm boven het oppervlak worden losgelaten in een ritme van 10 slagen per seconde.
Het meetlint wordt langs de te meten afstand gelegd of gehouden en de lengte wordt afgelezen van de schaalverdeling op het meetlint. Voor een correct resultaat moet het meetlint gestrekt zijn en recht liggen.
Over het algemeen geeft V spanning aan, een kronkelige lijn geeft wisselstroom aan (te vinden in huishoudelijke circuits) en een rechte of stippellijn geeft gelijkstroom aan (te vinden in de meeste batterijen) . De lijn kan naast of boven de letter staan. De stroom die uit de meeste huishoudelijke circuits komt, is AC.
DCV (Door Combinatie Verkregen) is een Nederlandse amateurvoetbalclub uit Krimpen aan den IJssel (Zuid-Holland). De club speelt daar op het Waalplantsoen. De club is opgericht in 1919 als een fusie tussen Stormvogels en Quick.
Oneindige weerstand (open stroomkring) wordt op het display van sommige multimeters weergegeven als OL. Dit betekent dat de weerstand groter is dan het instrument kan meten. Weerstandsmetingen moeten plaatsvinden bij spanningsloze stroomkring, anders zou het meetinstrument of de stroomkring beschadigd kunnen raken.
Symbool van spanning is U, eenheid de Volt (V). Weerstand is een maat voor hoe goed stroom wordt tegengehouden. Symbool van weerstand is R, eenheid de Ohm (Ω).
De ohm is de elektrische weerstand tussen twee punten van een homogene geleider als bij een constant potentiaalverschil van 1 volt tussen die punten een constante stroom van 1 ampère ontstaat. Uitgedrukt in SI-eenheden: 1 Ω = 1 kg m2 A−2 s−3.
Om Watt te berekenen doe je ampère * volt (230) = Watt. Bijvoorbeeld: Een stofzuiger werkt op 7 ampère en de netspanning is 230 volt. 7*230=1.610 Watt. Om te weten hoeveel energie het apparaat verbruikt moet je het aantal Watt nog omrekenen naar kWh.