Op het platteland leefde men vooral van gewassen die men zelf teelde en van het vee dat men zelf grootbracht. Gezinnen die geen eigen boerderij hadden, hadden het vaak veel moeilijker om aan voldoende levensmiddelen te geraken. Arbeiders en loonwerkers moesten dus creatief omgaan met het weinige voedsel dat ze hadden.
De Industriële Revolutie
Er waren enorme maatschappelijke kosten: de ontmenselijking van werk, kinderarbeid, vervuiling en de groei van steden waar armoede, vuil en ziekte floreerden. Kinderarbeid en armoede waren ook een kenmerk van het plattelandsleven, waar boerenwerk lange uren, zeer lage lonen en blootstelling aan alle weersomstandigheden met zich meebracht.
Gaandeweg de negentiende eeuw gingen die twee steeds verder uit elkaar lopen. Eerst begon het sterftecijfer te dalen, als gevolg van toenemende welvaart en verbeterde hygiëne en gezondheidszorg. Later daalde ook het geboortecijfer, als gevolg van een daling van het kindertal.
Arbeiders leefden in vieze, kleine en dicht op elkaar staande huisjes en ze maakten lange dagen in de fabrieken. Vroeger was dit ook al zo, maar na de industrialisatie bereikten de problemen een hoogtepunt. De fabrieken voelden voor de werkers als een gevangenis en het leek wel alsof ze geen moment rust meer hadden.
Het leven voor de gemiddelde persoon in de 19e eeuw was hard. Velen leefden van de hand in de tand, werkten lange uren in vaak barre omstandigheden.Er was geen elektriciteit, stromend water of centrale verwarming.
Zelfvoorzienende landbouw was in de 19e eeuw nog steeds een populaire manier van leven op het platteland. Veel families kozen ervoor om zelfvoorzienend te zijn, vee te verzorgen en hun eigen gewassen te verbouwen. Vóór de afschaffing van de slavernij in 1865 werden slaven gedwongen om onder wrede omstandigheden te werken.
In de 19e eeuw stonden revoluties centraal in de Europese geschiedenis en op alle terreinen van het dagelijks leven voltrokken zich grote omwentelingen. Mensenrechten en burgerrechten, democratie en nationalisme, industrialisatie en het vrijemarktstelsel luidden alle een periode van veranderingen en mogelijkheden in.
In de negentiende eeuw kwam de industrialisatie op gang. Daardoor veranderde Nederland in snel tempo en niet alleen ten goede. De 'sociale kwestie' werd een belangrijk probleem. Kinderen in een fabriek (Lewis Hine, 1908) Toen Nederland in de negentiende eeuw een industrieland werd, werd ook de fabrieksarbeider geboren.
De 19e eeuw staat vooral bekend om de Industriële Revolutie en wordt daarom ook wel de IJzeren Eeuw genoemd. In 19e eeuw kwamen namelijk de fabrieken op, wat zorgde voor rijkdom, maar ook voor ongezonde werkomstandigheden.
1900? Door het wegvallen van de mogelijkheid om met huisnijverheid tegen de massafabricage te concurreren moesten mannen, vrouwen en kinderen in de fabrieken gaan werken om in hun levensonderhoud te voorzien.
Tussen 1588 en 1795 heette Nederland de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Ook de Verenigde Provinciën of de Zeven Verenigde Gewesten waren gangbare benamingen voor Nederland in deze tijd. Tussen 1795 en 1801 werd Nederland de Bataafse Republiek genoemd.
Van de 196 landen op aarde werd de overgrote meerderheid na 1800 onafhankelijk. Slechts 20 waren onafhankelijk vóór het begin van de 19e eeuw - een schamele 10% - en in 1900 waren slechts 49 of 25% van de landen van vandaag onafhankelijk.
Dit kan een 'jeugdbult' ('youth bulge') veroorzaken, een oververtegenwoordiging van jongeren in de leeftijd 18-24. Het gevolg hiervan is dat vrij plotseling een grote groep jongeren toetreedt tot een arbeidsmarkt die deze grote toevloed niet kan verwerken. De (jeugd)werkloosheid zal hierdoor explosief toenemen.
Werknemers moesten vaak hun machines schoonmaken tijdens hun maaltijden. Lage lonen - een typisch loon voor mannelijke werknemers was ongeveer 15 shilling (75p) per week, maar vrouwen en kinderen kregen veel minder betaald, waarbij vrouwen zeven shilling (35p) verdienden en kinderen drie shilling (15p).
Uitvinding van de telegraaf aan het begin, en de telefoon aan het eind van de eeuw maken de wereld kleiner dan hij was. Dankzij de machinale fabricage van papier en de uitvinding van de stoompers vinden Couranten, vooral na de afschaffing van het dagbladzegel, grote verspreiding onder de gezeten burgerij.
In 1900 had het gemiddelde gezin een jaarlijks inkomen van $3.000 (in de dollars van vandaag). Het gezin had geen binnenhuisleidingen, geen telefoon en geen auto. Ongeveer de helft van alle Amerikaanse kinderen leefde in armoede.De meeste tieners gingen niet naar school; in plaats daarvan werkten ze in fabrieken of op het land.
In de 19e eeuw droegen vrouwen altijd een jurk of een rok.Een broek was alleen gangbaar voor mannen.Ook droegen vrouwen bijna altijd een korset. Het korset moest zo strak mogelijk worden aangesnoerd.
Vermaak tot ± 1870
Dat wil niet zeggen dat mensen nooit iets deden om zich te vermaken. Integendeel, er was van alles gaande zoals de onderstaande aangelegenheden: Kermissen, jaarmarkten en (christelijke) feesten. Vrijblijvende sporten en spellen en wedstrijdjes georganiseerd door de plaatselijke kroeg.
Veel te weinig om met het hele gezin van te leven. Daarom lieten ze hun vrouw en hun kinderen ook werken, ze moesten wel. De kinderen werkten soms al vanaf hun vijfde of zesde jaar. De hele dag, soms wel 12 uur lang.
Zo begon de kinderarbeid:
Die kon weer andere machines automatisch laten werken, zoals spinmachines in een fabriek waar textiel wordt gemaakt. In de tijd van 1850 tot 1860 werkten er 500.000 kinderen in de fabrieken. Het werk was gevaarlijk en ongezond. Er was voor de kinderen geen tijd om naar school te gaan.
Agenda 2021-2024: de 22e eeuw begint nu | Publicatie | College van Rijksadviseurs.
De 19e eeuw was een tijd van immense economische, sociale en politieke verandering in de wereld . Er deden zich drie belangrijke trends voor. De eerste was de Industriële Revolutie, waarin nieuwe wetenschappelijke uitvindingen zoals de stoommachine, de spoorweg en de telefoon de manier waarop economieën over de hele wereld werden gevormd, ingrijpend veranderden.
De 19e eeuw staat ook wel bekend als de 'ijzeren eeuw'. In deze periode maakt Nederland kennis met onder andere de stoomtrein en de fotografie.
De snelle ontwikkelingen in de landbouw, aangemoedigd door een sterk gevoel voor waardigheid in het werk en een gedurfde nieuwe geest van vindingrijkheid, zorgden ervoor dat het percentage mensen dat zijn brood verdiende op het land sterk afnam. De toon van religieuze tolerantie die de grondleggers aannamen, uitte zich in een vurige maar toch diverse spirituele gemeenschap.
In de Verenigde Staten was de negentiende eeuw een tijd van enorme groei en verandering. De nieuwe natie maakte een verschuiving door van een agrarische economie naar een industriële, grote westelijke expansie, verdrijving van inheemse volkeren, snelle vooruitgang in technologie en transport, en een burgeroorlog .