Je berekent de zwaartekracht van een object op bijvoorbeeld de aarde, de maan of Mars met de volgende formule: ð¹=ð∙ð. In deze formule is F de zwaartekracht die je wilt berekenen (in eenheid newton), m is de massa van het object (in kilo's) en g is de versnelling van objecten wanneer ze vallen.
Kracht berekenen
We hebben dus de formule kracht F = massa m keer versnelling a.
Fz = m · g
Hierin is m de massa van het object dat wordt aangetrokken in kilogram, g is de valversnelling op aarde en heeft een waarde van 9.81m/s2.
De F-waarde wordt gebruikt in variantieanalyse (ANOVA). Deze wordt berekend door twee gemiddelde kwadraten te delen . Deze berekening bepaalt de verhouding van verklaarde variantie tot onverklaarde variantie.
De arbeid (W) die een kracht (F) verricht is gelijk aan de kracht keer de verplaatsing (s) die de kracht veroorzaakt (W=F·s). Als kracht en verplaatsing tegengesteld zijn kan arbeid ook negatief zijn en komt er juist energie vrij in plaats van dat iets energie kost.
Het berekenen van de normaalkracht gaat volgens de formule Fn = m * g. Hierbij is m de massa van het object in kilogram en g de zwaartekrachtversnelling in m/s2. In de meeste gevallen is g een constante, namelijk 9,81 m/s2.
Stap 1 Verander alle eenheden van massa in Kg. => 300g = 0,3Kg. Stap 2 Bereken de versnelling van de kar. Stap 3 Bereken de kracht => F =ma = 0,3 X 2,5 = 0,75 newton .
We berekenen de F-ratio door het gemiddelde van de kwadraten tussen (MSB) te delen door het gemiddelde van de kwadraten binnen (MSW) . De berekende F-ratio wordt vervolgens vergeleken met de F-waarde verkregen uit een F-tabel met de bijbehorende alfa.
Een factor is het getal waarmee je het aantal dat hoort bij 100% vermenigvuldigt, als je een percentage berekent. Als een fles shampoo 2,80 exclusief 21% BTW kost dan gaat het percentage van 100% naar 121%. De factor is dan: 121 : 100 = 1,21.
Om de totale kracht uit te rekenen moet je krachten die diezelfde richting op gaan bij elkaar optellen en krachten die de tegenovergestelde richting op gaan van elkaar af halen. Op deze manier krijg je de netto kracht.
Op een grafiek kun je de frequentie letterlijk vinden door te kijken hoe vaak je golf op en neer gaat in een seconde. Echter kun je de frequentie ook berekenen met de formule f=1/T. f is de frequentie in Hertz (Hz). T is de trillingstijd in seconden (s).
Zoals mijn video illustreert (en de XLS demonstreert), wordt deze "algemene" regressie F-statistiek equivalent gegeven door F=(ESS/df)/(RSS/df) . Dat wil zeggen, de algehele F = [(R^2/k)]/[(1-R^2)/(nk-1)] = (ESS/df)/(RSS/df), waarbij k = ESS(df) = aantal hellingcoëfficiënten (exclusief intercept), en zoals gebruikelijk RSS(df) = n - k - 1.
De tweede wet van Newton zegt dat de kracht gelijk is aan de verandering in impuls per verandering in de tijd. Voor een constante massa is de kracht gelijk aan de massa maal de versnelling, d.w.z. F = mxa .
Vallen is in wezen een eenparig versnelde beweging naar beneden. Op aarde is de versnelling vrijwel constant: 9,81 m/s2. Deze valversnelling wordt meestal aangeduid met het symbool g. Wanneer we geen rekening houden met wrijving neemt de snelheid waarmee iets valt elke seconde dus toe met 9,81 m/s.
Bij deze wet hoort ook een formule, namelijk Fres = m*a . Dit betekent dat de resulterende kracht gelijk is aan de massa x de versnelling. Deze formule vertelt je dat je krachten kunt veranderen door of de massa of de versnelling groter te maken.
Om een factor uit te rekenen, vermenigvuldig je twee getallen met elkaar. Een factor is een getal dat je vermenigvuldigt met een ander getal.
Om alle factoren van een getal te vinden, moet je dus alle paren getallen vinden die, wanneer ze worden vermenigvuldigd, het gegeven getal als product geven . Als resultaat zijn de factoren van 8 1, 2, 4, 8. De factoren van 18 zijn 1, 2, 3, 6, 9 en 18. We kunnen de factoren van een getal vinden door het getal te delen door alle mogelijke delers.
Hoe bereken je de schaal of verhouding? Voor het berekenen van de schaal of verhouding heb je twee getallen nodig, de grootte van het schaalmodel en de werkelijke grootte. De grootte van het schaalmodel deel je door de werkelijke grootte. Zo bekom je de schaal.
kracht = massa × versnelling. In formulevorm: F = ma. Wat betekent deze eenvoudige formule? Er staat dat een netto kracht (F van force) een versnelling (a van acceleration) veroorzaakt, oftewel een verandering van de snelheid.
De F-statistiek, ook wel bekend als de F-waarde, is een statistiek die wordt gebruikt in de analyse van variantie (ANOVA) en regressieanalyse om te bepalen of de variabiliteit tussen groepen van gegevens significant groter is dan de variabiliteit binnen de groepen.
Als je erop rekent dat 2 mensen samen 1 fles cola opdrinken, dan krijg je de verhouding aantal mensen : aantal flessen cola = 2 : 1. Stel nou dat er totaal 10 mensen op je feestje komen, dan krijg je de verhouding aantal mensen : aantal flessen cola = 10 : 5.
Meet de versnelling van de massa. Bereken de waarde van de kracht als F = m a. De eenheden van kracht zijn kilogram-meter/seconde-kwadraat . Deze eenheid is samengesteld uit de drie fundamentele SI-eenheden en wordt kortweg een newton genoemd.
Tafelvoeding (Vf) = Voeding per tand (Fz) x aantal tanden (Z) x toerental (n)