Een proloog is een inleidend deel of een korte scene aan het begin van een boek, toneelstuk, film of muziekstuk. Het schetst vaak achtergrondinformatie, zet de toon of creëert spanning. Het maakt deel uit van het verhaal, in tegenstelling tot een voorwoord. Het tegengestelde is een epiloog. Wikipedia +4
Een proloog is een korte inleiding die het verhaal voorafgaat. Het is de eerste kennismaking tussen de lezer en je boek. Een proloog, soms ook wel de beginscène genoemd, kan achterop de omslag of op de eerste pagina staan. Het zet de toon voor de rest van het verhaal en nodigt de lezer uit om verder te lezen.
Een proloog is een inleidende scène die het publiek kennis laat maken met een verhaal, de personages, de toon en/of relevante thema's . Deze scène moet op zichzelf kunnen staan en functioneren als een apart verhaal met een begin, midden en einde. Prologen kunnen verschillende vormen aannemen.
proloog (zn) : voorwoord, inleiding, voorrede.
Een epiloog wordt meestal aan het einde van een verhaal toegevoegd en biedt een afronding of samenvatting van de gebeurtenissen. Een proloog daarentegen wordt aan het begin van een verhaal geplaatst en dient om de lezers te introduceren in de wereld van het verhaal, de personages of de thema's die zullen volgen.
Epiloog. Zoals je een proloog gebruikt, kan je ook een epiloog schrijven. Hierbij geldt ook: een epiloog is iets anders dan het nawoord of het laatste hoofdstuk van je verhaal. Schrijvers gebruiken een epiloog bijvoorbeeld om te vertellen wat er nadien met de personages gebeurd is.
Proloog -- in het begin, voordat het hoofdverhaal begint. Epiloog -- aan het einde, een afronding van losse eindjes.
als trefwoord met bijbehorende synoniemen: seks (zn) : nummertje, wip, gemeenschap, neukpartij, bijslaap, wippertje, copulatie, coïtus, cohabitatie, minnespel, liefdesdaad, geslachtsverkeer, geslachtsgemeenschap, geslachtsdaad.
poepen (ww) : beren, kakken, drukken, afgaan, zijn behoefte doen, schijten, bouten, een ontlastende verklaring afleggen, een grote boodschap doen, zijn gevoeg doen.
Iemand die graag drinkt, wordt vaak een drinker, borrelaar, of zuipschuit (informeel) genoemd, maar bij problematisch en overmatig gebruik spreekt men van een probleemdrinker, alcoholist, of alcoholverslaafde, waarbij de officiële term 'stoornis in middelengebruik' is.
Een goede proloog wekt nieuwsgierigheid op. Zorg ervoor dat er vragen ontstaan zonder de lezer te verwarren. Achtergrondinformatie is belangrijk, maar in de proloog wil je vooral spanning en nieuwsgierigheid opwekken. Details kunnen later in het verhaal aan bod komen.
Proloog betekent voorwoord. Het is een literair voorwoord.
3000 woorden is ruimte om veel momentum op te bouwen dat zal worden gedropt zodra je proloog eindigt. Als je bètalezers (vooral als je er een nieuwe kunt vinden met frisse ogen!) denken dat de proloog zowel een goede haak als noodzakelijk is, is de lengte prima.
De blurb staat op de binnenkant van een boekomslag afgedrukt en geeft de potentiële lezer/koper een eerste indruk van het verhaal. Vaak heeft de flaptekst een positieve toon om de verkoop van het boek te stimuleren. Daarnaast wordt de schrijver kort voorgesteld en staan aanbevelingen kort in de flaptekst verwerkt.
Begin bij het begin: verzamel herinneringen. Herinneringen worden op verschillende manieren opgeslagen. Pak je oude fotoboeken er weer eens bij of bekijk filmpjes die je destijds hebt gemaakt tijdens een vakantie of bijzondere gebeurtenis. Ook spullen uit de oude doos kunnen hier een grote bijdrage aan leveren.
pro-logos = voor-rede; Lat. synoniem: proëmium < Gr. pro-oimion < pro = voor; oimos = baan, weg. Inleiding op een episch of dramatisch werk met als bedoeling het thema, de personages en de omstandigheden te situeren.
In sociale situaties is het voldoende om te zeggen: " Ik moet naar het toilet ." Als het om een medische situatie gaat (bijvoorbeeld bij de dokter), kun je het gewoon een stoelgang noemen.
achterste (zn) : achterwerk, bil, reet, zitvlak, bips, gat, kont, stuit, krent, aars, derrière, poeper, achterdeel. achterwerk (zn) : billen, achterste, zitvlak, bips, kont, derrière, brits, poeper, achterdeel, toges.
Oversekst zijn is niet per se een probleem
Piet Van Tuijl: 'Oversekst zijn wil zeggen veel seks hebben of veel met seks bezig zijn. De wetenschap noemt dat hyperseksualiteit. Onderzoek richt zich voornamelijk op hyperseksualiteit als probleem. Daarbij gebruikt men dan vaak de term seksverslaving.
Libido is een ander woord voor zin in seks. Hoeveel zin in seks iemand heeft, is bij iedereen anders. Sommige mensen hebben vaak zin, anderen minder vaak.
Onder seksualiteit verstaan we de handelingen die gericht zijn op intiem lichamelijk contact die gepaard gaan met gevoelens van opwinding, lust en passie. Seks varieert van zoenen tot het hebben van geslachtsgemeenschap, van intimiteit tussen twee geliefden tot (samen) porno kijken.
Een "mooi" woord hangt af van de context, maar voor de vloerwisser zijn vloertrekker, vloerwisser (NL) of gewoon trekker standaardtaal; voor een flesopener zijn kurkentrekker, flesopener of kroontjeswipper (dialect) goede alternatieven, terwijl "aftrekker" zelf vaak als dialect (Belgisch) of informeel wordt gezien.
apekool / apenkool | Genootschap Onze Taal.