Binnen bezet gebied was de situatie het ergst. Vooral in de grote steden van de Randstad. De voedselschaarste was soms zo groot dat mensen zelfs honden, katten, bloembollen en suikerbieten aten. Wegens gebrek aan brandstof werden geteerde houtblokjes tussen de tramrails weggesloopt.
Het leven in de hongerwinter
Doordat er door het gebrek aan kolen geen gas en elektriciteit meer geproduceerd werd, was er geen licht, geen verwarming en geen gelegenheid tot koken. Met een knijpkat kon eventueel worden bijgelicht, maar velen behielpen zich met een stompje kaars en gingen vroeg naar bed.
De hongerwinter duurde van oktober 1944 tot april 1945.
De prijzen op de zwarte markt stegen nu gigantisch. In december 1944 kostte een brood 15 gulden en tegen het einde van de oorlog 40 gulden, 210 keer zoveel als de officiële prijs.
Volgens het KNMI vroor het toen op veel plaatsen bijna drie maanden achtereen elke dag. De gemiddelde temperatuur bedroeg -3,1 graden, terwijl +2,6 graden het normale gemiddelde is in een Nederlandse winter.
Ongeveer 20.000 mensen stierven door de hongerwinter. Voeten van een overleden Amsterdammer in de Zuiderkerk. Zoveel mensen sterven van de honger dat ze niet direct begraven kunnen worden. Hun lichamen worden tijdelijk in deze kerk opgeslagen.
Uit de lucht
Bommen worden bijvoorbeeld door de Duitsers gedropt op Rotterdam, wapens worden door de Engelsen gedropt voor het verzet, voedselpakketten worden gedropt voor de hongerige Nederlandse bevolking tijdens de Hongerwinter. boven de steden in het westen van het land: operatie Manna ('brood').
Vooral in de grote steden van de Randstad. De voedselschaarste was soms zo groot dat mensen zelfs honden, katten, bloembollen en suikerbieten aten. Wegens gebrek aan brandstof werden geteerde houtblokjes tussen de tramrails weggesloopt. Ook werden bomen illegaal omgezaagd.
In 1650 verdiende een timmerman en knecht samen 1 gulden en 8 stuivers. Een gulden was 28 stuivers + de 8 stuivers is 3 stuivers op één dag werk. Rond 1700 betaalde je voor een liter bier een stuiver.
De nazi's hadden de voedselvoorziening van het westelijke deel van Nederland afgesneden als vergelding voor de steun van de Nederlandse regering in ballingschap aan de geallieerden .
Met operatie Market Garden wordt op 17 september 1944 een gedeelte van Noord-Brabant en Gelderland bevrijd. Operatie Market Garden bestaat uit twee hoofdonderdelen: de verovering van acht belangrijke bruggen en een aanval van grondtroepen.
De bonkaarten konden Vleeskaarten, Broodkaarten, Boterkaarten, Versnaperingskaarten en Bloemkaarten zijn. Ook was er een bonkaart Algemeen. Ook brandstoffen waren "op de bon". Bij de inlevering van brandstofbonnen werd door de leverancier voor die bonnen een bewijs van ontvangst verstrekt.
Weergegevens KNMI De Bilt
Tussen 14 juni en 11 augustus 1944 is de gemiddelde hoogste temperatuur overdag 21,6 graden celsius. De gemiddelde laagste temperatuur 's-nachts is 12,5 graden celsius.
In 1944 spreken de geallieerden met de verliezende Duitsers af dat ze het bezette deel van Nederland voedsel mogen brengen.Met vliegtuigen voorzien ze mensen van bloem, suiker en meel. De hongerwinter is voorbij!
Doordat steeds meer producten schaars worden en op de bon gaan, komen sommige mensen tekort, zeker tijdens de Hongerwinter.De enige manier om dit tekort aan te vullen is de zwarte markt. Zwarthandelaren zijn echter strafbaar en maken vaak woekerwinsten ten koste van de bevolking.
Eén flesje bier (30 centiliter) is vorige week verkocht voor 800 dollar (568 euro) op een veiling in het Australische Fremantle en is daarmee het duurste bier ter wereld. Maar 'Antarctic Nail Ale' is dan ook geen gewoon biertje. Zo zit er bijvoorbeeld ijs uit Antarctica in.
Ook een biertje in de kroeg is behoorlijk duurder geworden: van 1,28 in 2000 naar 2,43 euro in 2016. Liever een rood wijntje? Dat kan, maar dan betaal je wel 1,79 euro meer dan in 2000.
Als ontbijt aten ze pap, pannenkoek, aardappel of brood met reuzel, stroop en af en toe jam. Als hoofdmaaltijd aten ze meestal een stamppot met veel aardappelen of een gerecht van peulvruchten, zoals bruine bonen en erwtensoep. Rijke mensen konden vaker vlees, vis en zuivel kopen.
Mensen gaan vanuit de stad op hongertocht naar het platteland, waar veel meer voedsel is. Daar proberen ze waardevolle spullen te ruilen voor voedsel. Met allerlei karretjes, zakken en tassen gingen stedelingen het platteland op om spullen te ruilen voor voedsel.
Voor onze voorouders waren wintermaaltijden iets heel anders. Ze waren beperkt tot wat ze konden opslaan, jagen of oogsten. Diezelfde voedseltradities overleven in onze moderne kookkunst, in winterse “comfort foods.” Voedsel zwaar met bloem, vet en zout .
Anderen aten honden, katten, kwartelkoningen, rotte varkens en zelfs mensenvlees . De consumptie van zilverkruid, zeeanemonen, wilde peen, sleedoorn, pignut, gewone limpet, slakken, dokbladeren, esdoornzaden, laurierbessen, hulstbessen, paardenbloem, sappen van rode klaver en heidebloesems worden ook geregistreerd.
Daarvan stierven er ongeveer 32.000 in het tot het eind van de oorlog bezette West-Nederland. De onderzoekers gaan ervan uit dat 20.000 tot 25.000 van deze slachtoffers zijn gestorven als gevolg van de ontberingen tijdens de Hongerwinter.
Er zijn nu nog bijna 117 duizend mensen die twintig jaar of ouder waren bij de bevrijding, en de Tweede Wereldoorlog dus als volwassene hebben meegemaakt. Over tien jaar zullen van deze groep nog geen 5 duizend personen in leven zijn.