Goedaardige longtumoren zullen meestal niet veranderen in kwaadaardige tumoren. Daarom wordt een goedaardige tumor over het algemeen niet verwijderd. Een longoperatie is een grote ingreep die niet zonder risico's is. In dat geval wegen de voordelen van een ingreep niet op tegen de nadelen.
Heel vaak goedaardig, maar in sommige gevallen het begin van een kwaadaardige tumor of uitzaaiing. Met wat voor bolletje je te maken hebt is zelfs voor de best getrainde radioloog soms moeilijk te zien. Kunstmatige Intelligentie moet daarbij gaan helpen.
Goedaardige tumoren zijn zelden gevaarlijk, behalve bijvoorbeeld een goedaardige hersentumor: die kan druk uitoefenen op omliggend hersenweefsel en veel klachten veroorzaken. Goedaardige tumoren heten ook ook 'benigne' tumoren, dat is Latijn voor goedaardig.
Kleincellige longkanker
Bij deze vorm van longkanker gaat het om hele kleine, kwetsbare cellen, die zich razendsnel delen. Hierdoor kunnen zij zich ook sneller door het lichaam verspreiden dan de niet-kleincellige soort. Vaak is de kleincellige longkanker dan ook al uitgezaaid op het moment dat er klachten ontstaan.
Een vlekje op de longen wijst op een afwijking; deze kan goedaardig of kwaadaardig zijn. Om te kunnen vaststellen wat de oorzaak is van de afwijking, is verder onderzoek nodig.
Observaties: Ten minste 95% van alle geïdentificeerde longnoduli zijn goedaardig, meestal granulomen of intrapulmonale lymfeklieren. Kleinere noduli zijn waarschijnlijker goedaardig. Longnoduli worden gecategoriseerd als kleine solide (<8 mm), grotere solide (≥8 mm) en subsolide.
Het NELSON-onderzoek, een Nederlands-Belgisch bevolkingsonderzoek naar longkanker, heeft aangetoond dat dankzij een CT-scan van de longen, longkanker in een veel gunstiger stadium kan worden ontdekt. Daardoor wordt de kans op overlijden met bijna 26 procent verlaagd.
T1c: de tumor is tussen de 1 en 2 centimeter groot. T2: de tumor is tussen de 2 en 5 centimeter groot. T3: de tumor is groter dan 5 cm.
Longkanker geeft vaak pas in een laat stadium symptomen. Veel voorkomende klachten zijn: lang aanhoudende prikkelhoest, bloedspoortjes ophoesten, kortademigheid, luchtweginfecties die niet overgaan en pijn op de borst. Dit gaat vaak samen met klachten als vermoeidheid, verminderde eetlust en gewichtsverlies.
Artsen adviseren om knobbeltjes die groter zijn dan 8 tot 10 millimeter te verwijderen, vooral als ze een snelle groei of verdachte kenmerken vertonen op de beeldvorming.
Een goedaardige tumor die klachten geeft of pijn doet, kunnen we weghalen. Het behandelteam adviseert dan meestal een operatie. Welke operatie nodig is, hangt af van de tumorsoort en de plaats van de tumor. De operatie gebeurt meestal in het ziekenhuis dat u voor verder onderzoek heeft doorverwezen naar het UMCG.
Een goedaardige tumor kenmerkt zich vaak door een ronde vorm.Een kwaadaardige tumor daarentegen groeit meer als een aardappel die begint uit te lopen. Deze 'sprieten' groeien door de wanden van omliggend weefsel en organen heen.
Ongeneeslijk zieke kankerpatiënten genezen soms 'spontaan'. Niet zelden begint de genezing na een zware infectie. Aangezien een infectie het afweersysteem stimuleert, werd de suggestie geopperd dat het afweersysteem op eigen kracht een kankergezwel kan opruimen.
Een longoperatie is een zware ingreep die een intense nazorg vraagt. De eerste dagen verblijf je op de dienst intensieve zorg, nadien op de verpleegafdeling. Pijn wordt zo goed mogelijk bestreden. Je kan gewoon blijven ademen, beademing is zelden nodig.
De NRS voor de maligne nodules steeg significant tussen 0 en 3 maanden (gemiddeld 5,22%), 3 en 6 maanden (3,75%), 6 en 12 maanden (7,20%) en tussen 12 en 24 maanden (6,82%). De score voor de benigne tumoren nam tussen 3 en 6 maanden en tussen 12 en 24 maanden iets af (respectievelijk 1,85 en 1,89%).
Goedaardige longnoduli kunnen worden veroorzaakt door ontstekingen van een aantal aandoeningen. Deze omvatten: Bacteriële infecties, zoals tuberculose en longontsteking . Schimmelinfecties, zoals histoplasmose, coccidioidomycose of aspergillose .
Bij longkanker stadium 1 is de tumor in de long klein. Je kunt dan een behandeling krijgen waardoor je kunt genezen. Meestal stelt de arts dan een operatie voor. Bij de operatie haalt de arts de longkwab weg waarin de tumor zit.
Hoe snel groeit longkanker? De tijdspanne tussen de blootstelling aan kankerverwekkende stoffen en het ontstaan van kankercellen bedraagt vele jaren (soms meer dan 20 jaar). Eens de kankercellen er zijn, groeien ze aan hun eigen specifieke snelheid.
Er zijn vier stadia:
Stadium 1(a1-3 of b): er is alleen een kleine tumor in de long (max 4cm) Stadium 2a: de tumor is iets groter (max 5cm ) Stadium 2b de tumor is nog iets groter (max 7cm) en/of er kunnen kankercellen aanwezig zijn in de lymfeklieren van de long waar de tumor zit.
Wat het sterftecijfer betreft, zal longkanker naar verwachting de koploper blijven, gevolgd door pancreaskanker, lever- en galwegkanker, colorectale kanker en borstkanker.
Tumoren die groter worden dan 2 à 3 millimeter moeten bloedvaten aantrekken om verder te groeien, waardoor ze tegelijk kunnen uitzaaien.
Longkanker geeft in het begin vaak geen of onschuldige klachten, zoals hoesten of vermoeidheid. Daardoor wordt het meestal laat ontdekt. Klachten die het vaakst voorkomen bij longkanker: een hardnekkige of veranderende hoest.
Matglas is een beschrijvende term. Het betekent dat er kleine gebiedjes in de longen zijn die er op de CT-scan witter uitzien dan het andere longweefsel. (de CT is altijd zwart-wit met grijswaarden) zoals het er staat kunnen het allerlei dingen zijn. Vaak heeft het niets met kanker te maken.
Specifieke palliatieve behandelingen bij longkanker zijn palliatieve radiotherapie, palliatieve chemotherapie en immunotherapie. Naast fysieke zorg en symptoombestrijding, horen ook het psychologische-, sociale- en zingevingsdomein tot de zorg in de palliatieve fase.