Kort gezegd heeft het universum maar één duidelijke grens: de grens van hoe ver we kunnen kijken. Het kost licht namelijk tijd om afstanden te overbruggen, en het heelal is niet oneindig oud: alles wijst erop dat het ontstond in de oerknal, 13,8 miljard jaar geleden.
Kort antwoord: Nee, het heelal is onbegrensd en waarschijnlijk zelfs oneindig uitgestrekt.
Nee.We weten niet of het Universum eindig is of niet . Om u een voorbeeld te geven, stel u de geometrie van het Universum in twee dimensies voor als een vlak. Het is plat, en een vlak is normaal gesproken oneindig.
Het einde van het heelal is het gebied – in alle richtingen – waar licht 13,8 miljard jaar geleden vertrok. Daar bevindt zich wat astronomen de waarneemhorizon noemen. 'Daar voorbij is niets. Geen tijd, geen ruimte, geen materie', zegt hij.
Als vloeistof is water oneindig veranderlijk, plooibaar en veelvormig.
Omdat de totale hoeveelheid water op aarde niet verandert, kan het water dus nooit opraken. Dat is anders dan bij olie of gas dat in de aardbodem zit. Die hoeveelheden kunnen wel opraken. In de badkamer, in de keuken en waarschijnlijk ook een in de wc.
Het korte antwoord is: ja, die is volgens experts relatief constant gebleven de afgelopen miljarden jaren. De reden daarvoor is de zogenaamde watercyclus. Water verdampt vanaf het aardoppervlak, gaat vervolgens de atmosfeer in, koelt af en condenseert tot regen of sneeuw.
Voor het uiteindelijke lot van het heelal zijn er drie gangbare theorieën: Big Rip, Big Chill en minder waarschijnlijk Big Crunch of nog Warmtedood.
Over 100 miljard jaar zullen de huidige pijlers waarop de theorie van de oerknal rust naar verwachting bijna volledig zijn uitgewist. De kosmische achtergrondstraling is dan zodanig afgezwakt dat zij in het geheel niet meer waarneembaar is.
Voor zover onderzoekers nu weten is er geen einde aan het heelal. Er is dus geen rand waar de ruimte stopt. Sterker nog: het heelal blijft groeien.Sterren en planeten bewegen steeds verder van elkaar af.
Kort antwoord: 13,82 miljard jaar. Langer antwoord: Sinds de ontdekking van de uitdijing van het heelal, in de jaren twintig van de vorige eeuw, is bekend dat het heelal niet altijd heeft bestaan, maar ooit een begin gekend moet hebben.
Kort gezegd heeft het universum maar één duidelijke grens: de grens van hoe ver we kunnen kijken. Het kost licht namelijk tijd om afstanden te overbruggen, en het heelal is niet oneindig oud: alles wijst erop dat het ontstond in de oerknal, 13,8 miljard jaar geleden.
De Melkweg, het Melkwegstelsel of het galactisch stelsel, van het Griekse galaxias, γαλαξίας, of kyklos galaktikos = 'melkcirkel', is het sterrenstelsel waarin het zonnestelsel met de Aarde zich bevindt. Vanaf de Aarde is de Melkweg te zien als een lichtende band die de hemel omspant, mits het donker genoeg is.
'Nog minimaal 16,7 miljard jaar tot heelal vergaat'
De oerknal was geen explosie waarna het heelal er opeens was. Natuurkundigen zien het eerder als een vroege fase van ons universum, een fase waarin het heelal heel heet was en een grote dichtheid had. Het prille heelal dijde vanaf dat moment uit naar het koele, veel minder dichte heelal dat we vandaag de dag waarnemen.
Kort na de oerknal bestond het heelal uit vrijwel louter waterstof- en heliumatomen, en was er van leven geen sprake. Nu is dat er wel. Ook al weten we niet precies hoe het leven op aarde ontstond, we weten in elk geval wel dat het is ontstaan.
Zo'n 13.8 miljard geleden is niet alleen ons heelal, maar ook tijd, ontstaan uit de oerknal of het grote begin. In een flits spatte een meer dan duizelingwekkende hoeveelheid energie uiteen en vormde het universum. Slechts een fractie van dit universum werd omgezet tot wat wij materie noemen.
Naast dat je de oerknal niet kon horen, was hij ook niet te zien. Het licht kon in het allereerste begin niet door de enorm hete soep van deeltjes heen, alsof het heel erg mistig was.
Het horizonprobleem is een probleem uit de kosmologie, dat niet door de klassieke theorie van oerknal verklaard kan worden. Het horizonprobleem gaat uit van het feit dat informatie zich niet met een snelheid groter dan de lichtsnelheid kan verspreiden.
Wel is het heelal zo verschrikkelijk onvoorstelbaar groot, dat het verschil met oneindig maar heel klein is en meer een formeel verschil. In de praktijk kun je het totale heelal gerust als oneindig beschouwen. Van het totale heelal zien we echter maar een klein gedeelte, het zogenaamde waarneembare heelal.
Het antwoord hangt af van hoeveel 'inhoud' het heelal heeft, zoals materie en licht. Meer inhoud betekent meer zwaartekracht, wat de expansie vertraagt. Zolang de hoeveelheid materie geen kritische drempel overschrijdt, zal het heelal blijven uitzetten, tot de hittedood bereikt wordt en het heelal bevriest.
De 'kosmische ruimte' begint ongeveer 100 km boven de Aarde, waar de lucht rond onze planeet ophoudt. Omdat het zonlicht er niet wordt verspreid tot een blauwe hemel, ziet de ruimte eruit als een zwarte deken bezaaid met sterren. De ruimte wordt gewoonlijk gezien als helemaal leeg.
Water kan niet opraken. Wat echter steeds schaarser wordt is schoon, zoet water. Ongeveer 71% van de aarde bestaat uit water. Daarvan is ongeveer 97,5 % zout water.
Ongeveer 365,5 miljoen km² van het aardoppervlak (71%) is met water bedekt tegen 144,5 miljoen km² (29%) land.
Op basis van de actuele hoogtekaart en de huidige inrichting van Nederland kunnen we stellen dat: 26% van het landoppervlak van Nederland beneden NAP ligt; 59% van het landoppervlak van Nederland (dus excl. Waddenzee, IJsselmeer en ander open water) gevoelig/kwetsbaar is voor overstromingen.