Een standaard PIR-isolatieplaat is zeer drukvast en kan doorgaans een gewicht dragen van 100 tot 150 kPa (kiloPascal). In de praktijk komt dit neer op een draagkracht van ongeveer 10.000 tot 15.000 kg per vierkante meter bij 10% vervorming. IKO North America +3
Wilt u een wand of plafond realiseren met PIR + gips? Zorg dan altijd voor een vlakke ondergrond waar u de platen tegenaan kunt bevestigen. Dit kunt u doen met behulp van ventilatielatten en afstandschroeven. Met een High Tack lijm of met gipsschroeven kunt u PIR met gipsplaten bevestigen tegen het rachelwerk.
De isolatiewaarde van PIR is indrukwekkend in vergelijking met andere isolatie materialen. De PIR-isolatiewaarde (lambda waarde) komt uit tussen de 0,022 W/mK en 0,027 W/mK. Vergeleken met de isolerende werking van andere isolatiematerialen - zoals glaswol, steenwol, EPS of XPS platen -, is dit zeer goed.
PIR platen zijn daarom zeer geschikt voor een plat dak, aangezien je er gewoon op kunt lopen en staan zonder dat de platen vervormen. PIR kan dus meer gewicht dragen dan PUR isolatie. Permanente druk op zowel PIR als PUR is echter wel af te raden.
De nadelen van PIR-isolatie zijn de hogere kosten, de beperkte milieuvriendelijkheid (schadelijke stoffen bij productie, moeilijk te recyclen), de stijfheid (lastig bij onregelmatige vormen) en de noodzaak voor een brandwerende afwerking bij binnentoepassingen, omdat bij verbranding giftige rook kan vrijkomen, ondanks de goede brandreactie t.o.v. PUR. Ook het snijafval kan lastig te verwijderen zijn van kleding.
Wanneer u elektra (bijvoorbeeld een wandcontactdoos of elektrabuis) in een PIR-plaat aanbrengt, dan wordt de dampremmende laag (bij PIR alu is dit de aluminiumcachering) op dit punt onderbroken. Daarnaast zal het isolatiemateriaal hier wat dunner worden, met als mogelijk gevolg dat condensatie de isolatie binnentreedt.
Nieuwe betonvloer isoleren
Het isolatiemateriaal dient op PE folie geplaatst te worden. De gekozen isolatieplaten dienen drukvast te zijn en tussen 6 tot 10 centimeter dik te zijn. De gewapende afwerkingslaag komt bovenop de isolatie na het leggen van een PE folie en dient minimaal 8 centimeter dik te zijn.
Folies zijn met name belangrijk wanneer je gaat isoleren met andere isolatiematerialen, zoals glaswol of vlaswol. Maar met PIR-isolatie heb je in de meeste gevallen heb je geen extra folie nodig doordat ze dus al die aluminium cachering hebben.
Je kunt PIR-platen rechtstreeks op een muur bevestigen met lijmschuim of montagekit, vooral op vlakke, droge muren, maar het is vaak beter om eerst ventilatielatten te plaatsen om een luchtlaag te creëren, wat vochtproblemen voorkomt en een betere isolatie garandeert. Deze methode (regelwerk + platen) is ideaal voor oneffen muren, terwijl direct verlijmen (met lijmschuim/kit) werkt op egale muren, eventueel aangevuld met mechanische bevestiging voor extra stevigheid. Zorg altijd voor een luchtdichte afwerking van de naden, bijvoorbeeld met aluminium tape of [!nav]Flexpur.
U kunt PIR platen monteren met schroeven en drukverdeelplaten. De keuze voor PIR platen lijmen of schroeven is afhankelijk van uw toepassing. Meestal wordt bij plat dakisolatie gewerkt met enkel schroef en drukverdeelplaat, tenzij het een groot dak is met veel wind en zekerheid gewenst is.
Je isoleert een plat dak liever niet met PIR aan de binnenkant (koud dak methode) omdat de dampdichte PIR-plaat vocht opsluit tussen zichzelf en de dampdichte dakbedekking, wat leidt tot condensatie, schimmel en houtrot; de beste methoude is isoleren aan de buitenkant (warm dak) met PIR of andere materialen, of van binnenuit met damp-open isolatie (glas/steenwol) en een klimaatfolie.
Plaats de PIR platen echter niet direct tegen de enkelsteens muur, maar plaats eerst horizontaal ventilatielatten. De PIR platen kunnen vervolgens tegen deze ventilatielatten bevestigd worden. Deze ventilatielatten zijn belangrijk om een ventilatiestroom achter het isolatiemateriaal te creëren.
De dikte van PIR-platen varieert van dun (bijv. 20mm) tot dik (140mm+), afhankelijk van de gewenste isolatiewaarde (Rd-waarde) en toepassing, waarbij dunnere platen vaak voor minder kritische toepassingen (berging) en dikkere platen voor nieuwbouw (dak/vloer) of passiefhuizen worden gebruikt; typische diktes zijn 8-10 cm voor vloeren en 12 cm voor daken, maar 60mm voldoet al voor na-isolatie van een betonvloer.
Men wil niet dubbel isoleren (vooral bij platte daken van binnenuit) vanwege het grote risico op condensatie, houtrot en schimmel tussen de lagen, omdat vocht dan niet kan ontsnappen, plus hogere kosten en minder ruimte; het biedt niet significant meer voordeel dan een zeer goede enkele isolatie mits goed uitgevoerd, maar brengt meer risico's met zich mee, vooral met twee dampdichte lagen.
PIR isoleert beter dan piepschuim (EPS) omdat het een hogere isolatiewaarde (lagere lambda-waarde) heeft, waardoor je een dunnere plaat nodig hebt voor dezelfde warmteweerstand. EPS is echter goedkoper en makkelijker te verwerken, maar je hebt een dikkere laag nodig voor een vergelijkbaar resultaat, met name grijs EPS isoleert beter dan wit.
De PIR platen zijn drukvast en dus beloopbaar Dit is wel zo handig als u het dak van buitenaf wilt isoleren. Van een plat dak of een dak met lichte helling wordt vaak gekozen voor PIR platen in combinatie met EPDM.
Multifolie-isolatie is echter wellicht een betere keuze als u op zoek bent naar een betaalbare, eenvoudig te installeren en aanpasbare oplossing die in diverse situaties effectief kan functioneren.
Als u PIR 2-zijdig aluminium gebruikt zit aan 2 kanten van de hardschuim PIR plaat een aluminium folie. Hier kan geen vocht doorheen komen, waardoor u rot, schimmel en andere problemen voorkomt. PIR aluminium is niet alleen dampdicht, het isoleert ook beter!
De oplossing hiervoor is simpel: PIR isolatie onder betonvloer op zand isoleren. Dat betekent dat er een stevige zandlaag nodig is, daarboven op de isolatieplaten geplaatst worden waarna er een gewapend net komt en beton gestort kan worden.
Ja, bij PIR-isolatie is een dampremmende folie vaak nodig aan de warme zijde (binnenkant) om vochttransport vanuit de woning te stoppen, hoewel de aluminium cachering op de platen zelf al dampremmend is, dus extra folie dient om de naad- en kierdichting te garanderen en vochtproblemen te voorkomen. De folie moet luchtdicht worden afgeplakt, vooral in vochtige ruimtes, en is essentieel om de isolatiewaarde te behouden.
De nadelen van PIR-isolatie zijn de hogere kosten, de beperkte milieuvriendelijkheid (schadelijke stoffen bij productie, moeilijk te recyclen), de stijfheid (lastig bij onregelmatige vormen) en de noodzaak voor een brandwerende afwerking bij binnentoepassingen, omdat bij verbranding giftige rook kan vrijkomen, ondanks de goede brandreactie t.o.v. PUR. Ook het snijafval kan lastig te verwijderen zijn van kleding.
Voor het bevestigen van PIR-platen op een schuin dak of muur kunt u kiezen tussen schroeven en lijmen. Bij het gebruik van ventilatielatten in combinatie met isolatieschroeven zorgt u voor een goede luchtcirculatie achter de isolatieplaten, waardoor vochtproblemen worden voorkomen.
Licht en eenvoudig te installeren: PIR-platen zijn licht van gewicht en gemakkelijk te plaatsen. Hoge drukvastheid: U kunt over de platen lopen tijdens de installatie, hoewel ze geen permanente druk aankunnen. Vochtbestendig en moeilijk brandbaar: PIR biedt duurzame bescherming tegen vocht en vuur.