Hulp via de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) vraag je aan door je te melden bij het Wmo-loket, het sociaal wijkteam of het buurtteam van je eigen gemeente. Dit kan vaak telefonisch, via de website van de gemeente, of door langs te gaan. Daarna volgt een keukentafelgesprek om jouw behoeften te bespreken. Regelhulp - Ministerie van VWS +4
Om een Wmo-indicatie te krijgen, meld je je bij je gemeente (via Wmo-loket/sociaal wijkteam) met een hulpvraag door ziekte/beperking/ouderdom, waarna een onderzoek volgt met een keukentafelgesprek om je situatie te bepalen en te kijken naar je eigen kracht en sociale omgeving; als zelfregeling niet lukt, kan de gemeente een maatwerkvoorziening (bv. huishoudelijke hulp, hulpmiddel) toekennen via een officieel besluit, met recht op gratis cliëntondersteuning.
Stappenplan aanvraag Wmo-ondersteuning
De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) financiert hulp om langer thuis te wonen en mee te doen in de samenleving, zoals huishoudelijke hulp, woningaanpassingen (bv. traplift), hulpmiddelen (bv. rolstoel, scootmobiel), begeleiding, dagbesteding, en vervoersvoorzieningen (bv. regiotaxi) voor mensen met een beperking, chronische ziekte of psychische problemen. De gemeente regelt dit en vraagt soms een eigen bijdrage, meldt Rijksoverheid.nl en Zorgverzekering.org.
Deze maximale maandelijkse bijdrage geldt voor alleenstaanden met een jaarinkomen vanaf circa € 61.000 en voor meerpersoonshuishoudens met een jaarinkomen vanaf circa € 70.500. ' 'Gemeenten kunnen naar eigen inzicht besluiten dat één of meerdere groepen op basis van hun inkomen geen eigen bijdrage hoeven te betalen.
Voor de meeste Wmo-hulp en -ondersteuning betaal je in 2026 een vast bedrag, het zogenaamde abonnementstarief, van maximaal € 21,80 per maand per huishouden, ongeacht inkomen of vermogen, via het CAK. Gemeenten mogen een lager bedrag vragen en voor sommige specifieke ondersteuning, zoals beschermd wonen, gelden andere (inkomensafhankelijke) bijdragen.
De eigen bijdrage Wmo wordt vanaf 1 januari 2027 afhankelijk van inkomen en vermogen. Dat heeft de Staatsecretaris van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport laten weten aan de Tweede Kamer. Het was eerst 2026.
Het aantal uren huishoudelijke hulp per week via de Wmo is niet standaard; het hangt volledig af van uw persoonlijke situatie en wordt door de gemeente bepaald na een keukentafelgesprek, met indicaties die variëren van een paar uur per week tot afspraken rondom een "schoon en leefbaar huis" resultaat, afhankelijk van uw zelfredzaamheid.
De gemeente moet binnen 8 weken beslissen over Wmo-aanvragen. Soms heeft de gemeente extra tijd nodig om over een Wmo-aanvraag te beslissen.
De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) vergoedt hulp en voorzieningen om zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen en meedoen, zoals huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, hulpmiddelen (rolstoel, scootmobiel), woningaanpassingen (traplift, beugels) en ondersteuning voor mantelzorgers, geregeld en uitgevoerd door de gemeente, waarbij soms een eigen bijdrage wordt gevraagd.
U kunt een aanvraag doen via het Wmo-loket of sociale wijkteam van uw gemeente. De gemeente beoordeelt uw persoonlijke situatie en bepaalt welke hulp en ondersteuning u nodig hebt. Bij de beoordeling van uw aanvraag wordt dus eerst gekeken naar uw eigen kracht en of u hulp kunt krijgen uit uw omgeving.
In sommige gevallen kan de gemeente je dan van dienst zijn. Als het nodig is, kan de gemeente ervoor zorgen dat iemand via WMO Wonen voorrang krijgt op een huurwoning. Dat is geregeld in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). In overleg met jou kan de gemeente vaststellen of je hiervoor in aanmerking komt.
De Wereld Meteorologische Organisatie (WMO), met hoofdkantoor in Zwitserland , is een internationale organisatie die zich richt op weer, klimaat en water. Het biedt een uniek mechanisme voor de snelle uitwisseling van gegevens, informatie en producten over weer, klimaat en water.
De Wmo, oftewel de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, is ingevoerd zodat mensen actief mee kunnen blijven doen in de samenleving én zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen. Zo veilig en zo prettig mogelijk.
De arts mag aan dat verzoek voldoen. Van belang is dat hij alleen die medische informatie verstrekt die voor de gemeente noodzakelijk is om te bepalen of de aanvrager de gewenste Wmo-voorziening krijgt. Met toestemming van de aanvrager mag de gemeente medische gegevens ook rechtstreeks opvragen bij de behandelend arts.
Medisch-wetenschappelijk onderzoek met menselijke deelnemers valt onder de Wet medisch onderzoek met menselijke proefpersonen (WMO) indien het menselijke proefpersonen betreft en indien mensen worden onderworpen aan handelingen of gedragsregels aan hen worden opgelegd.
Hulp thuis, zoals schoonmaken. Aanpassingen in huis (zoals een traplift of een aangepaste douche) Begeleiding in het dagelijks leven (bijvoorbeeld hulp bij het regelen van dingen of meedoen aan activiteiten) Dagbesteding (activiteiten om contact te houden met anderen en iets te doen te hebben) en logeren.
Nee, er is geen strikte inkomensgrens die toegang tot de Wmo blokkeert, maar vanaf 2027 wordt de eigen bijdrage inkomensafhankelijk, waardoor mensen met hogere inkomens meer gaan betalen. Wie een inkomen heeft tot ongeveer 135% van het sociaal minimum (circa € 24.500 voor alleenstaanden, € 34.000 voor meerpersoonshuishoudens), betaalt de minimale bijdrage van € 23,60 per maand; daarboven stijgt de bijdrage met elke € 100 inkomen (tot een maximum van € 328 per maand),. Gemeenten mogen zelf beslissen over een minimabeleid, waardoor sommige mensen met een laag inkomen soms geen bijdrage hoeven te betalen.
Na de melding heeft uw gemeente zes weken de tijd om uw situatie te onderzoeken en te kijken welke ondersteuning u nodig heeft. Na dit onderzoek, of nadat de termijn van zes weken is verstreken, kunt u een aanvraag doen.
Gemiddeld gezien raden wij aan om uit te gaan van ongeveer 3 tot 4 uur per week voor een gemiddeld huishouden. Dit zorgt ervoor dat de belangrijkste taken, zoals stofzuigen, dweilen, het intensief schoonmaken van de badkamer en keuken, regelmatig worden bijgehouden.
Een Wmo huishoudelijke hulp mag geen tuinieren, buiten ramen lappen, huisdieren verzorgen, boodschappen doen (tenzij geïndiceerd), klusjes doen (zoals een lamp vervangen), zware meubels verplaatsen, kinderen ophalen, of medische handelingen verrichten; de focus ligt op een schoon en leefbaar binnenhuis, niet een complete hotel- of klussenservice. De hulp richt zich op basis schoonmaakwerk (stofzuigen, dweilen, sanitair) om het huis op een acceptabel niveau te houden, binnen de afgesproken indicatie.
Je kan poetshulp zonder dienstencheques alleen inschakelen wanneer je een (tijdelijke) zorgbehoefte hebt waardoor je je woning niet meer zelf kan onderhouden. Dit is wat je van je poetshulp mag verwachten: stofzuigen, stof afnemen, dweilen, ramen poetsen, onderhoud van sanitair en keuken, ...
Wat is het toetsbedrag voor vermogen? Bij de berekening van de eigen bijdrage kijken we ook naar vermogen zoals spaargeld, beleggingen of een tweede woning. In 2026 werken we met een toetsbedrag van € 36.952 (alleenstaand) of € 73.904 (met partner).
Om te voorkomen dat een erfenis naar zorgkosten gaat, neem je een WLZ-clausule (of AWBZ-clausule) op in je testament waardoor kinderen hun erfdeel eerder kunnen opeisen bij langdurige zorg van de langstlevende ouder, waardoor dit vermogen buiten beschouwing blijft bij de eigen bijdrageberekening. Daarnaast kun je tijdig schenken, schenkingen op papier doen, of een levenstestament opstellen met instructies voor vermogensbescherming, en financieel advies inwinnen bij een expert.
Vanaf 1 januari 2026 verandert uw eigen bijdrage (het abonnementstarief) voor hulp of ondersteuning van de Wet maatschappelijk ondersteuning (Wmo). De eigen bijdrage wijzigt van maximaal € 21,- naar € 21,80 per maand.