Een barkie (vaak informeel "bakkie" genoemd) staat in straattaal en populair taalgebruik voor een bedrag van 100 euro. Vroeger, in de tijd van de gulden, verwees een 'barki' of 'bakkie' specifiek naar een biljet van 100 gulden. Instituut voor de Nederlandse Taal +2
Barki betekent 'biljet van honderd gulden; bedrag van honderd gulden'.
Als je een kopje koffie krijgt voorgezet dat maar voor de helft gevuld is, kan je zeggen: “wat een Haags bakkie!” Deze informele uitdrukking voor een karig gevuld kopje koffie is vrij algemeen bekend.
Barkie betekent namelijk 100 euro.
Hoewel het geelkleurige bankbiljet van 25 gulden allang uit de roulatie is, ligt het woord geeltje nog in veler monden bestorven, en hetzelfde geldt voor rooie rug, het briefje van duizend, dat tegenwoordig groen is. Bij het naderende afscheid van het 'oude' geld heb ik bijnamen van onze munten en biljetten verzameld.
Straatje (1/5 loten) - 35,-
Een Straatje bestaat per trekking uit 10 1/5 loten. Een 1/5 lot geeft recht op 1/5 deel van de prijzen die zijn gevallen op dat lotnummer. Het minimale prijzengeld op een Straatje is € 10,00.
Donnie in het grotere straattaalsysteem voor geld
Donnie = 10 euro. Bankoe = 50 euro.
100 gulden – meier, bank. 250 gulden – vuurtoren. 1000 gulden – rooie rug.
1000 euro = kop, doezo of rug.
' Toch was die trots lange tijd ver te zoeken, want de taal stond in Suriname te boek als 'niet netjes'. Het was een taal die men niet goed genoeg vond om te gebruiken in een serieuzere setting. Het werd 'Taki Taki' genoemd, wat zoiets betekent als 'gekwebbel'.
In straattaal zijn er verschillende woorden voor 'schatje', zoals dushi (uit het Papiaments) en shawty (van 'shorty'), die liefkozend gebruikt worden voor een geliefde, maar ook woorden als bae (afkorting van 'before anything else', voor iets of iemand heel belangrijk) en smatje (meisje/vriendin), die de liefde of waardering uitdrukken.
(Eng: 27 MC-band sender-receiver) Een ingeburgerde bijnaam voor een zender/ontvanger met een beperkt vermogen van slechts enkele watts die op de 27 MC-band werkt die voor particulier gebruik is bestemd. De apparatuur wordt thans nog uitsluitend gebruikt door motorrijders en sommige vrachtwagenchauffeurs.
Straattaal voor specifieke bedragen
Enkele voorbeelden waar je op dit vlak aan kan denken zijn degene die je hieronder terug kan vinden. 100 Euro, of wel een Barkie.
Het Geeltje
In 1982 kwam er een ander geelkleurig biljet in omloop (50 gulden). Veel Nederlanders bleven het toen rode briefje van 25 gulden echter stug een 'geeltje' noemen.
Wat is het gouden vijfje? Het gouden vijfje is een historische Nederlandse munt met een nominale waarde van vijf gulden, geslagen in massief goud. Ooit bedoeld als wettig betaalmiddel, wordt de gouden munt tegenwoordig vooral gewaardeerd als verzamelobject en belegging.
Een barkie (of Barky heeft in straattaal geen andere betekenis dan honderd euro. Deze 100 Euro wordt vaak gecombineerd met een ander getal.
Het muntstuk van 5 eurocent wordt in Nederland ook stuiver genoemd (in Ierland wordt dit muntstuk shilling genoemd). Niet alleen is de waardeaanduiding (5 cent) gelijk, ook komen de vorm en dikte nagenoeg overeen.
Als je de 30 miljoen euro wint, ben je in één klap vermogensbeheerder. Op Oudejaarsavond wint iemand in Nederland 30 miljoen euro. Of twee mensen 15 miljoen euro, als de hoofdprijs van de Staatsloterij op twee halve loten valt. Als je automatisch meespeelt, wordt het gigabedrag 'gewoon' op je rekening gestort.
Een Boulevard bestaat per trekking uit 100 hele Staatsloten met Jackpot. Als je meespeelt met het Boulevardspel, koop je een of meerdere 1/100 aandelen. Met een 1/100 aandeel verdeel je je winkans dus over 100 verschillende loten.
Dus: als je bij ons een prijs van een miljoen wint, krijg je ook precies een miljoen op jouw rekening. En je hoeft dus geen cent kansspelbelasting te betalen.