Blaaskanker, met name de spierinvasieve vorm, zaait meestal uit naar de volgende locaties:
Als je spierinvasieve blaaskanker hebt, is de kans op uitzaaiingen groter. De uitzaaiingen zitten dan meestal in de lymfeklieren, de longen en/of in de botten. Uitzaaiingen kunnen ook op andere plekken zitten zoals in de lever of de buik, maar dat komt minder vaak voor.
Blaaskanker kent verschillende groeistadia. De behandeling hangt af van het stadium van de tumor. Als de tumor in de spierlaag van de blaas groeit, noemen we dat spierinvasieve blaaskanker. Als de tumor alleen in de holte van de blaas groeit en niet in de spierlaag, dan heet dat niet-spierinvasieve blaaskanker.
Blaaskanker ontwikkeld zich meestal langzaam en komt vaker voor bij ouderen van boven de 60 jaar. Blaaskanker kent verschillende groeistadia, en de behandeling hangt af van het stadium waarin de tumor zich bevindt.
Symptomen en klachten
pijn in botten of wervelkolom. hoofdpijn, duizeligheid of problemen met bewegen (bij uitzaaiingen in de hersenen) geelzucht of buikklachten (bij uitzaaiingen in de lever) hoesten of benauwdheid (bij uitzaaiingen in de longen)
Uitzaaiingen veroorzaken niet altijd symptomen. Kankercellen kunnen geleidelijk groeien en zich verspreiden over vele maanden of jaren . In sommige gevallen is het mogelijk om stadium IV (4) kanker te hebben zonder het te weten.
Symptomen en kwaliteit van leven
Naast klachten gerelateerd aan de plek van de uitzaaiing, zijn er ook klachten van meer algemene aard waar elke patiënt met uitgezaaide kanker mee te maken kan krijgen. Zo komen vermoeidheid, pijn, benauwdheid en verlies van eetlust veel voor.
Klachten bij blaaskanker
Bij ongeveer 5% van alle patiënten met blaaskanker zijn er uitzaaiingen bij diagnose. Als we alleen kijken naar patiënten met een invasieve vorm van blaaskanker, dan is dat ongeveer 1 op de 10. Van deze patiënten is 5 jaar na diagnose slechts 10% nog in leven.
Een voorstadium van blaaskanker is vaak Carcinoma in situ (CIS), een vorm van kanker die zich beperkt tot de binnenste laag van de blaas (het urotheel) en nog niet in de spierlaag is gegroeid, en wordt beschouwd als een hoog-risico stadium dat kan evolueren naar spierinvasieve kanker, hoewel het niet altijd zo ver komt; symptomen zoals bloed in de urine (pijnloos), vaak plassen, pijn bij het plassen of terugkerende blaasontstekingen zijn belangrijke waarschuwingssignalen.
Britse wetenschappers hebben een apparaat gemaakt dat blaaskanker kan 'ruiken' in urinemonsters. Het apparaat maakt gebruik van een sensor om gasvormige chemicaliën, die worden afgegeven als er kankercellen aanwezig zijn, op te sporen.
Acute myeloïde leukemie (AML) is van de hematologische kankers nog steeds de kanker met de slechtste overlevingskans: twintig jaar geleden overleefde maar 11 procent de eerste drie jaar. Nu is dat 27 procent.
Immunotherapie kan een behandeling zijn bij blaaskanker. Dit is een behandeling die het afweersysteem stimuleert om kankercellen aan te vallen. Soms schrijft de arts immunotherapie voor als je uitgezaaide blaaskanker hebt en chemotherapie niet meer werkt. Het kan de kanker remmen en je klachten verminderen.
patiënten die een spierinvasieve blaastumor hebben en die een cystectomie zullen ondergaan. Deze patiënten krijgen soms 4 keer chemotherapie, met steeds 3 weken ertussen. patiënten die een spierinvasieve blaastumor hebben en die uitwendige bestraling van de blaas krijgen.
De 10 belangrijkste alarmsignalen voor kanker zijn: onverklaarbaar gewichtsverlies, aanhoudende vermoeidheid, veranderingen in de stoelgang (bloed/slijm/ritme), problemen bij het plassen (bloed/moeilijk), bloedverlies of afwijkende afscheiding uit vagina/tepel, aanhoudende heesheid/hoest (met bloed), een knobbeltje/verdikking die niet weggaat, een huidplek die niet geneest, problemen met slikken en nieuwe/veranderende moedervlekken. Raadpleeg bij twijfel altijd een arts, zeker als klachten langer dan twee weken aanhouden.
Symptomen van spierinvasieve blaaskanker
Pijn in het bekken. Pijn in de zij (flank) Gewichtsverlies. Voelbare zwelling (massa) in de onderbuik.
Ze kunnen langzaam of snel groeien en komen soms weer terug nadat ze verwijderd zijn. Deze groeien door in de diepere lagen van de blaaswand en kunnen hier zelfs doorheen groeien. Er kunnen cellen van deze tumoren losraken en zich door het lichaam verspreiden (uitzaaiingen) via het bloed.
Klachten bij blaaskanker
Bloed plassen. Vaak moeten plassen. Pijn of branderig gevoel bij het plassen. Pijn in de onderbuik.
Palliatieve bestraling krijgt u bij blaaskanker die in de blaasspier ingroeit (spierinvasief) en een genezende behandeling niet mogelijk is. U krijgt 1 tot 4 bestralingen per week, op doordeweekse dagen. In totaal krijgt u maximaal 13 bestralingen. Iedere bestraling duurt ongeveer 10 minuten.
Uw urine kan een paar dagen rood van kleur zijn. Als u koorts krijgt, veel pijn en de klachten bij het plassen blijven aanhouden, neem dan contact op met uw behandelend arts.
Bloed in de urine kan op blaaskanker wijzen, maar het is lang niet altijd het geval. Toch is het belangrijk dat u grondig laat onderzoeken wat het betekent, zeker als u bekend bent met risicofactoren voor blaaskanker.
Je krijgt een kijkonderzoek van de blaas, soms onderzoek van de urine of CT-urografie van de nieren en urineleiders. Niet iedereen hoeft even vaak op controle te komen. En niet bij iedereen zijn altijd alle onderzoeken nodig. Dat ligt aan tot welke risicogroep de blaaskanker hoort.
Lage rugpijn kan een symptoom zijn van verschillende kankers, vooral als het aanhoudt, verergert 's nachts, of gepaard gaat met andere symptomen zoals onverklaarbaar gewichtsverlies. Veelvoorkomende boosdoeners zijn uitzaaiingen in de wervelkolom (van o.a. prostaat-, borst-, long-, darm- en zaadbalkanker), tumoren in het ruggenmerg, en bloedkankers zoals multipel myeloom. Belangrijk is dat het ook vele andere, minder ernstige oorzaken kan hebben; raadpleeg altijd een arts bij aanhoudende rugpijn.
Er wordt vaak onderscheid gemaakt tussen drie soorten pijn:
Wervelmetastasen (uitzaaiingen van kanker naar de wervelkolom) zijn geen zeldzaamheid. Jaarlijks krijgen in Nederland naar schatting 25.000 mensen deze diagnose. Vaak geven deze uitzaaiingen in eerste instantie geen klachten.