Bij een thoraxdrain is het cruciaal om de insteekopening dagelijks op infectie (roodheid, zwelling) te controleren en de slang vrij van knikken of lussen te houden. Zorg dat het systeem gesloten en vacuüm blijft, en draag de drainpot altijd onder het niveau van de borstkas. Neem bij benauwdheid, koorts of plotselinge pijn direct contact op met het ziekenhuis. UMC Utrecht +5
Zorg ervoor dat het systeem intact blijft, de slang open is en er geen luchtlekken zijn . Als de thoraxdrain is geplaatst om vocht af te voeren, controleer dan de hoeveelheid, kleur en consistentie van het vocht in de drainageslang en in de opvangbak.
De huid rond de drain desinfecteert u met chloorhexidine of jodium op een steriel gaasje. Het is belangrijk dat u direct rond de drain begint en in cirkelvormige bewegingen naar buiten werkt. Deze handeling herhaalt u enkele keren met steeds een schoon gaasje. Hierna verbindt u de huid opnieuw met een schoon gaasje.
De regel van 4 maakt het mogelijk om deze belangrijke therapeutische doelen te bereiken door: (i) vier stappen in een 'goed plan'; (ii) de vierde (of vijfde) intercostale ruimte als basis voor het plaatsen van een 'goede opening'; (iii) 4 × de maat van de ongecuffte endotracheale tube (4 × [leeftijd/4 + 4]) als leidraad voor de selectie van een 'goede tube'; en (iv) een markering van 4 cm voor een 'goede stop'.
Neem geen bad of ga niet zwemmen zolang u een thoraxdrain heeft. Als u doucht, houd het gebied dan droog. U kunt eventueel een waterdicht verband gebruiken. Houd een drainageformulier bij, zodat uw arts kan zien hoeveel vocht er uit de drain komt.
In sommige gevallen kan een klaplong een acute drainplaatsing vergen. Complicaties van thoraxdrainage zijn een bloeding, infectie, zenuwbeschadiging en een klaplong.
Letsel aan de buik of borstkas, fistelvorming en vaattrauma behoren tot de ernstigste complicaties, maar ook vaker voorkomende complicaties zoals recidiverende pneumothorax, infectie op de insteekplaats en een niet-functionerende of verkeerd geplaatste tracheostomiekatheter vormen een belangrijke bron van morbiditeit en behandelingskosten.
De drainage gebeurt in het ziekenhuis. In het algemeen blijft u hiervoor 3 tot 7 dagen in het ziekenhuis. Hoe lang u moet blijven, hangt af van uw situatie. We kijken hierbij of de long weer goed openklapt.
Leefregels voor thuis
Niet sporten, inspannende bezigheden rustig opbouwen. Geen zwaar huishoudelijk werk zoals tillen en strekken. Hoest en pers voorzichtig. Niet reizen met een vliegtuig tot 6 weken na ontslag.
“Pendelen” in van vocht in de slang of in de derde kamer is altijd minimaal aanwezig. Wanneer dit met dademhaling mee pendelen uitgesproken is geeft het aan dat er nog een volume gas in de thorax aanwezig is. Dat “veert” pneumatisch tegen de ademhaling in.
Bel direct de huisarts als u klachten heeft die bij een klaplong passen. Bel 112 als u bijna geen adem kunt halen. Sommige mensen hebben weinig of geen klachten. Een klaplong gaat soms vanzelf over zonder behandeling.
De nachtzak kunt u 's ochtends leegmaken en doorspoelen met koud stromend kraanwater. U vervangt de zak één keer per week. Als u ziet dat de zak erg vies is, vervangt u de zak eerder. Het is belangrijk dat u iedere dag bijhoudt hoeveel milliliter vocht er uit de drain komt.
Heimlich-klep De arts heeft een Heimlich-klep geplaatst op het einde van uw thoraxdrain. De thoraxdrain zorgt ervoor dat lucht en vocht in en rondom de long naar buiten komt. De Heimlich-klep is een één-weg klep die voorkomt dat lucht en vocht terug de long(holte) in kan gaan.
De verpleegkundige verzorgt en controleert de thoraxdrain regelmatig. Ook wordt dagelijks gecontroleerd of de pleisters die de insteekopening bedekken nog goed zitten. Daarnaast wordt gecontroleerd of het vocht / de lucht nog goed af kan lopen. De ingebrachte drain kan zeker in het begin pijnlijk zijn.
Er wordt een thoraxdrain, een kunststof slangetje in de borstholte, geplaatst. Deze drain zal vocht en/of lucht afvoeren naar een opvangbak buiten het lichaam. Je ondergaat deze behandeling omdat je een klaplong hebt of omdat er vocht of etter tussen de longvliezen zit.
Een thoracotomie is een longoperatie, waarbij de borstholte wordt geopend om bij de longen te komen. De operatie wordt gedaan in de borstholte tussen de ribben door of via het borstbeen. Waar we precies moeten opereren, hangt af van welke aandoening uw kind heeft.
1. Voorzorgsmaatregelen: (a) Patiënten met een pneumothorax moeten activiteiten met grote luchtdrukschommelingen vermijden, zoals duiken, scubaduiken, parachutespringen , enz. (b) Niet roken, passief roken vermijden en blootstelling aan luchtvervuiling voorkomen.
Leefregels
De verpleegkundige moet weten dat spanningspneumothorax en hemothorax als een noodgeval worden behandeld omdat ze levensbedreigend zijn. 2 Bij een instabiele patiënt met een pneumothorax of hemothorax kan de zorgverlener een naalddecompressie uitvoeren, ook wel thoracocentese genoemd .
Leefregels na ontslag
Wij adviseren u om lichamelijke inspanningen als lopen, fietsen, sporten en eventueel werk heel rustig weer op te bouwen. Wij adviseren u om gedurende minimaal 6 weken niet zwaar te tillen. Het is beter om gedurende minimaal 6 weken na de behandeling niet te vliegen.
Het plaatsen van een thoraxdrain is nodig voor pleurale decompressie of drainage bij verschillende aandoeningen, waaronder pneumothorax (spanningspneumothorax, spontane pneumothorax of traumatische pneumothorax), hemothorax, maligne of parapneumonische pleurale effusie, empyeem en chylothorax .
Om het risico op infectie te verminderen, moet de insteekplaats schoon en droog worden gehouden en moet er een steriel verband worden aangebracht . Het verband moet regelmatig worden vervangen en de insteekplaats moet worden gecontroleerd op tekenen van infectie, zoals roodheid, zwelling of afscheiding.
Het inbrengen van een thoraxdrain is een pijnlijke procedure. De thoraxdrain wordt geplaatst tussen de intercostale ruimten 6 en 8. Wanneer de thoraxdrain in de pleuraholte wordt geplaatst, veroorzaakt dit pijn doordat deze het pariëtale longvlies raakt . De beweging van de thoraxdrain veroorzaakt pijn bij het ademen of hoesten.
De 'veilige driehoek' voor het inbrengen van een thoraxdrain wordt anteromediaal begrensd door de laterale rand van de grote borstspier (pectoralis major), inferieur door een horizontale lijn ter hoogte van de tepels en posterieur door de voorste rand van de brede rugspier (latissimus dorsi) . Dit gebied is 'veilig' omdat het schade aan de borstwandspieren en de borst vermijdt.
Op de plek waar de thoraxdrain in de fles met water komt, moet deze heen en weer bewegen of borrelen, afhankelijk van of de patiënt vocht of lucht (respectievelijk) in de pleuraholte heeft. Als de slang niet heen en weer beweegt of borrelt , kan de thoraxdrain verstopt zijn en moeten er maatregelen worden genomen (zie stap 3 voor meer informatie).